‘De publieke wasmachine langs de weg is een zwetende koortsdroom van ongeschreven regels’
Wanneer je als westerse echtgenoot in een Noord-Thais dorp goede sier wilt maken door de was te doen, ontdek je pas echt de meedogenloze regels van de straat. Wassen bij een roestige muntautomaat is een publiek schouwspel. Je leert razendsnel hoelang jouw kleding in de trommel mag rusten voordat de buren resoluut ingrijpen en je huishoudelijke trots voorgoed knakken.
Je koopt op de markt een zijden sjaal, maar weet je wat erachter zit? Achter elke meter Thaise zijde gaan weken werk schuil: een rups die moerbeiblad eet, een cocon die wordt doodgekookt, en een wever die het patroon in de draad legt nog voordat ze begint. Dit is hoe het echt gaat.
Schoenen uit is in Thailand zo gewoon dat Thai er niet eens bij nadenken. Voor jou als bezoeker of bewoner is het minder vanzelfsprekend. Bij tempels en huizen gaan ze altijd uit, bij winkels en cafés soms, en op de verkeerde plek je schoenen aanhouden voelt al snel onbeleefd. Waar geldt het, en hoe weet je het?
Wim ruilde zestien jaar geleden Deventer in voor een huis aan de Mekong. Toen zijn hart het opeens begaf, kwam zijn broer Peter voor het eerst naar Thailand, met een koffer vol schuldgevoel en een spraakbericht dat nooit werd beantwoord. Een verhaal over afscheid, een rivier als laatste rustplaats, en een familie die pas achteraf begreep waar Wim thuis was.
Er bestaat geen officiële lijst van verplichte Thaise films. Toch is er een canon die niemand serieus kan wegwuiven, gebouwd op harde feiten: een Palme d’Or, de grootste kaskraker ooit, de internationaal succesvolste Thaise film, de film die Muay Thai wereldwijd maakte, en de eerste Thaise film in Cannes.
De Thaise grenspost was niet wat ze zich had voorgesteld. Mook had zich niets voorgesteld. Dat was een leugen die ze zichzelf vertelde tijdens de busrit, dat ze niets verwachtte, dat ze zich op niets had voorbereid, want voorbereiden was hopen en hopen was riskeren. Maar ergens in haar hoofd had ze een beeld gehad. Een rij. Een loket. Een man in uniform die haar aankeek en wai-de en zei: welkom thuis, mevrouw. Een hand …
Uit het Thaise leven gegrepen: de honderd dagen
Wat doe je als de vrouw die je naar Thailand bracht er van de ene op de andere dag niet meer is? Het huis staat er nog, het dorp gaat door, maar alles voelt leeg. Frans verliest zijn Thaise partner en moet kiezen: blijven in het land dat van haar was, of terug naar Nederland. Een verhaal over rouw, twijfel en wat liefde achterlaat.
Als westerling in Thailand denk je aanvankelijk in een permanent vrolijk land te zijn beland. Al snel ontdek je echter dat de beroemde glimlach zelden pure blijdschap uitdrukt. Het is een sociaal smeermiddel, een schild tegen gezichtsverlies en een beleefde muur van onbegrip. De poging om deze gezichtsuitdrukkingen te ontcijferen, leidt tot ongemakkelijke, maar komische culturele misverstanden.
Wie met Thailand leeft, kent het gevoel: sommige verhalen klinken vreemd en toch bekend. Een gouden vis, bloemen uit iemands mond, een slimmerik die de koning voor gek zet. Thaise volksverhalen blijken opvallend vaak dezelfde bouwstenen te delen met Nederlandse en West-Europese sprookjes.
Lachen of Verdwijnen – de Lange Nacht (deel 9)
Mook en Boy bereiken na een nachtelijke vlucht door Cambodja een route naar de Thaise grens. Onderweg krijgen ze hulp van een oude vrouw, die hen eten meegeeft omdat haar eigen dochter al jaren verdwenen is. Hun tocht verandert daarmee van een ontsnapping in een verhaal over angst, verlies en hoop.
Thaise amulettenmarkt groeit tot miljarden baht terwijl geloof verandert in handelswaar
In Thailand is de handel in gewijde amuletten uitgegroeid tot een industrie van tientallen miljarden baht, waarin schaarste, beroemdheden en doorverkoop de prijzen opjagen. Vervalsingen zijn alomtegenwoordig en hele zeepbellen klappen uiteen. Intussen raken de tempels die de amuletten zegenen zelf verstrikt in geldschandalen, wat het vertrouwen hard ondermijnt.
Uit het Thaise leven gegrepen: de handen van Daeng
Het eerste wat Daeng elke ochtend doet, nog voor het licht goed door de luxaflex valt, is haar duimen insmeren met yaa mong. De groene zalf ruikt naar kamfer en menthol, een geur die in haar kussen is getrokken, in haar kleren, in de huid onder haar nagels. Ze drukt de muis van haar hand tegen het gewricht aan de basis van haar duim en wacht tot de scherpe pijn wegzakt naar iets doffers, iets waar je een dag mee doorkomt.
Eeuwenoude rangorde van phu yai en phu noi ordent nog altijd het Thaise dagelijks leven
In Thailand ordent de verhouding tussen phu yai, de grote persoon, en phu noi, de kleine persoon, vrijwel elk dagelijks contact, van de werkvloer tot het dorp en de overheid. Wie respect geeft, krijgt bescherming terug. Toch wijzen veel Thais blinde groepsloyaliteit in enquêtes juist af.
Mook en Boy ontsnappen uit een bewaakte scamcompound in het grensgebied tussen Thailand en Cambodja. Een rode lap aan het hek, uitvallende stroom en groeiende paniek binnen het gebouw openen een kleine kans op vrijheid. Wat begint als een geheim signaal, eindigt in een vlucht door modder, donker en angst.
In Thailand draait veel om een onzichtbare regel: je bezorgt de ander geen ongemak, geen schaamte, geen moeite. Dat heet kreng jai. Het verklaart waarom een Thai ja zegt terwijl hij nee bedoelt, waarom je partner zwijgt in plaats van klaagt, en waarom buitenlanders zich er jaren over blijven verbazen.
Lachen of Verdwijnen – Geruchten (deel 7)
Grensgeweld bij Preah Vihear dringt door tot de Cambodjaanse compound waar Mook gevangen zit. Terwijl leveringen uitblijven en bewakers verdwijnen, hoort ze van Boy dat Pim is verplaatst en dat niveau drie geen werkplek is, maar verkoop. Een rode lap aan het hek kan morgen het verschil maken.
In het afgelegen bergdorp Ban Huai Mai krijgt onderwijzeres Fon een staatloos Karen-meisje officieel geregistreerd, nadat ze maandenlang heen en weer reisde naar het districtskantoor. Het kind, het slimste van de klas, bestond tot dan toe op geen enkel papier. Of de schooldeur naar de stad nu echt opengaat, blijft de vraag.
De wai, het samengevouwen handgebaar dat je overal in Thailand ziet, komt helemaal niet uit Thailand maar uit India. Het woord sawasdee dat erbij hoort, is bovendien verrassend jong. Een taalkundige bedacht het in de jaren dertig, en premier Plaek Phibunsongkhram legde het in 1943 per decreet aan het hele land op.
‘De overweldigende anatomie van een moessonbui en de melancholische geur van miezerregen’
Na maanden van meedogenloze hitte breekt eindelijk de lucht boven het Noord-Thaise dorp open. De eerste moessonbui is geen simpel weersverschijnsel, maar een theatraal spektakel vol donder en dramatiek. Wanneer de eerste loodzware druppels de uitgedroogde aarde raken, stijgt er een bedwelmende geur op. Precies op dat moment brengt de tropische storm je onverwacht even terug naar een grijs, miezerig thuisland.
‘De rijke vrouw’ Een kort verhaal van Kukrit Pramoj
‘De rijke vrouw’ is een kort verhaal van Kukrit Pramoj uit de verhalenbundel ‘Een aantal levens’ (1954). MR Kukrit Pramoj (1911-1995) is één van de meest beroemde Thaise intellectuelen. Hij was premier van Thailand in 1975-76, bestierde een krant (Sayǎam Rath), speelde in de film The Ugly American en bevorderde de Thaise dans, khǒon genaamd. Maar hij is het meest bekend om zijn schrijverschap.
Lachen of Verdwijnen – De achtertrap (deel 6)
Mook wordt na elf dagen weggehaald uit de gewone werkruimte en overgebracht naar niveau twee, waar betere kamers, nette kleren en rijkere doelwitten op haar wachten. De ogenschijnlijke promotie blijkt geen ontsnapping, maar een nieuwe fase in een strak georganiseerd oplichtingsnetwerk.
Lachen of Verdwijnen – De verhuizing (deel 5)
Mook wordt op dag elf naar niveau twee gebracht, waar een eigen kamer, betere kleren en beter eten wachten. De schijnbare promotie blijkt geen ontsnapping, maar een nieuwe rol: ze moet mannen via gesprekken en video vertrouwen laten voelen. Pas dan ziet ze hoe netjes uitbuiting kan worden verpakt.




