Men neme een kom en doet er katoendraden en gekookte rijst in, giet er water overheen en knede alles goed door elkaar. Men droge de draden een dag en verwijdert de klein stukjes rijst met een kam, gemaakt van de kokosnootschil. En zie hier: een duurzame katoendraad waarmee een stof geweven kan worden die Ang Sila heet.

Wat: nooit van gehoord? Dat is niet zo vreemd want tot zes maanden geleden was een 93-jarige vrouw in Ban Puek (Chon Buri) de enige die de meer dan 100-jaar oude techniek beheerste. Maar gelukkig heeft ze haar kennis kunnen overdragen aan enkele vrouwen uit haar dorp, zodat het procedé niet verloren gaat.

Grootmoeder Nguan Sermsri leerde de techniek als meisje van 12 jaar van haar moeder. Haar familie weefde Ang Sila wanneer het planten en oogsten van rijst voorbij was. De dorpelingen verbouwden zelf geen katoen, maar kochten het garen op een plaatselijke markt om het daarna te verven en ermee te weven. Populaire kleuren waren wit, licht en donker rood, diep paars zoals de bloemen van de aubergine, blauw, geel zoals betelnoten en geel zoals champak bloemen.

Een specifiek motief of patroon was er niet in het verleden. Later namen de dorpelingen bepaalde motieven over van outsiders en grootmoeder Nguan creëerde zelf ook enkele motieven. Eén motief ontleende ze aan een patroon op de broek van de koning die hij droeg tijdens een bezoek aan Chon Buri. Ze zegt ook het phikul worasa (bullet wood flowers) motief te kunnen weven, dat nog door koningin Savang Vadhana, de echtgenote van koning Chulalongkorm, die regelmatig in Si Ratcha verbleef, was onderwezen aan dorpelingen.

Malin Inthachote, leidster van de Ban Puek Women’s Group, waarvan vijf leden de techniek van grootmoeder Nguan hebben geleerd, zegt dat prinses Maha Chakri Sirindhorn dit speciale motief herkende toen ze een doek van Ang Sila kreeg tijdens een bezoek eerder dit jaar aan het Savang Vadhana Memorial ziekenhuis. De prinses moedigde de dorpelingen aan de weeftechniek nieuw leven in te blazen en te behouden.

Tijdens WOII stopte grootmoeder Nguan noodgedwongen met weven omdat er geen katoendraden waren, maar na de oorlog pikte ze draad weer op. Om een extra centje te verdienen, huurde ze enkele vrouwen in om Ang Sila te weven en de geweven stoffen op lokale markten te verkopen. De prijs steeg geleidelijk van 28 à 30 naar 130 baht per stuk van 3 meter. Toen ze 70 was, stopte ze ermee.

Grootmoeder Nguan heeft twee zonen en drie kleinkinderen, maar geen van hen heeft belangstelling voor weven. Dus de vijf vrouwen van de vrouwengroep kwamen als geroepen. Een van hen, inmiddels overleden,  onderwees een aantal lokale vrouwen en leerlingen de weeftechniek dus de kans is groot dat Ang Sila blijft bestaan.

‘Ik zou het erg vinden als er niet meer geweven wordt, omdat ik van weven houd’, zegt grootmoeder Nguan. ‘Vroeger weefden alle families in dit dorp textiel voor gebruik als pha khao ma (lendedoek), sarongs en shirts. ‘

Malin beaamt dat: elke vrouw in Ban Puek weefde vroeger. De meesten hadden geen weefgetouw en weefden tussen twee pilaren onder hun houten huizen. Later kwamen de eerste nog primitieve weefgetouwen. Inmiddels beschikt de vrouwengroep over zes weefgetouwen. De vijf vrouwen kregen er zes maanden les op van grootmoeder Nguan. Stoffen die door haar zijn geweven, dienden als voorbeeld.

Wanneer ze de techniek volledig onder de knie hebben, willen ze stoffen en kleding gaan verkopen. Als nu alle ambtenaren in Chon Buri één keer per week een Ang Sila shirt zouden dragen, zoals hun idee is, moet dat vast en zeker lukken.

(Bron: Bangkok Post, 16 juli 2013)


» Laat een reactie achter


No votes yet.
Please wait...

3 reacties op “Dankzij grootmoeder Nguan (93) blijft Ang Sila bestaan”

  1. Jan zegt op

    Ik was ooit in een OTOP dorpje genaamd Ang Sila in Chonburi. Bestaat er enig verband tussen deze mevrouw en het dorpje met deze naam??

    • Dick van der Lugt zegt op

      @ Jan De tambon waar Nguan woont, heet Ban Puek (inderdaad in de provincie Chonburi). De term OTOP (One Tambon One Product) kom ik in het artikel niet tegen, maar het zou heel goed kunnen dat Ang Sila in het OTOP-assortiment is opgenomen. Misschien is Ang Sila ook de bijnaam van Ban Puek.

  2. Jan zegt op

    Dank jewel Dick.Heb even gezocht. Ik herinner me dat Ang Sila practisch aan de kust lag. En inderdaad. Het ligt ca 5 km ten noorden van Ban Puek. Waarschijnlijk zijn beide dorpjes van dezelfde Tambon. Blijft de vraag of het dorpje naar de stof is genoemd of andersom. Saillant detail is dat ze beiden oud zijn. Ang Sila afficheert zich als zeer oud dorpje op vlaggen en spandoeken toen ik er 3 jaar geleden een bezoekje bracht op de zondagse talad met natuurlijk veel Otop producten.Bekend is het dorpje ook vanwege zijn stenen vijzels.


Laat een reactie achter

Thailandblog.nl gebruikt cookies

Dankzij cookies werkt onze website het beste. Zo kunnen we je instellingen onthouden, jou een persoonlijk aanbod doen en help je ons de kwaliteit van de website te verbeteren. Lees meer

Ja, ik wil een goede website