De VOC-Factorij in Ayutthaya
In mijn vrij omvangrijke collectie historische landkaarten, plattegronden en gravures van Zuidoost-Azië bevindt zich een mooi plattegrond ‘Plan de la Ville de Siam, Capitale du Royaume de ce nom. Levé par un ingénieur françois en 1687.’ In de hoek van deze behoorlijk accurate Lamare-kaart, rechts onderaan bij de haven, is het Isle Hollandoise – het Hollandse Eiland afgebeeld. Het is de plaats waar zich nu ‘Baan Hollanda, het Hollands Huis in Ayutthaya bevindt.
Weinigen hebben in het laatste kwart van de negentiende eeuw zo’n invloed uitgeoefend op het maatschappelijke en sociale leven in Siam als Tienwan of Thianwan Wannapho. Dit was niet vanzelfsprekend want hij behoorde niet tot de elite, de zogenaamde Hi So die de lakens uitdeelde in het koninkrijk.
De Franse archeoloog en de Siamese algenvreter
Toen de Franse linguïst, cartograaf, archeoloog en globetrotter Etienne François Aymonier op 21 januari 1929 de geest gaf, had hij een rijk en gevuld leven achter de rug. Als officier in de marine-infanterie diende hij vanaf 1869 in het Verre Oosten en vooral dan in Cochinchine, het huidige Vietnam. Hij werd geïntrigeerd door de geschiedenis en cultuur van de inheemse bevolking en begon, nadat hij in de provincie Tra Vinh kennis had gemaakt met de Khmer -minderheid, Cambodjaans te leren.
Twee mooi filmpjes uit het oude Siam (video)
Op mijn facebook pagina kwam een filmpje voorbij, en ik vond er zelf nog één. Ik genoot van de beelden en de muziek. Waarom ben ik niet in die tijd en op die plaats geboren? Geen auto’s, vliegtuigen of smartphones. Ik word er zo vreselijk nostalgisch van.
De belevenissen van Jacobus van de Koutere, een Brugse avonturier in Siam en omstreken (deel 2)
Vandaag deel 2 van het verhaal over de Zuid-Nederlander, de Bruggeling Jakobus van de Koutere of Jacques van de Coutre zoals hij internationaal bekend werd. Een Vlaming die – o ironie van de geschiedenis – een flink stuk van zijn leven had gewijd aan het bestrijden van de VOC…
De belevenissen van Jacobus van de Koutere, een Brugse avonturier in Siam en omstreken (deel 1)
De Portugezen waren de eerste Farang die in 1511 voet aan wal zetten in Siam. Ze werden een kleine eeuw later gevolgd door de Hollanders. Zo luidt het in de geschiedenisboeken, zij het dat dit verhaal enige nuancering verdient. Het waren niet de Noord-Nederlandse schippers en kooplui van de VOC die als eerste uit onze gewesten in de Siamese hoofdstad Ayutthaya aankwamen. Deze eer komt toe aan een Zuid-Nederlander, de Bruggeling Jakobus van de Koutere of Jacques van de Coutre zoals hij internationaal bekend werd. Een Vlaming die – o ironie van de geschiedenis – een flink stuk van zijn leven had gewijd aan het bestrijden van de VOC…
Anna Leonowens over het koninklijk huwelijk
Het volgende verhaal is een beschrijving door Anna Leonowens, die tussen 1862 en 1867 lerares Engels was aan het hof van koning Mongkut, van het koninkrijk Siam in die tijd (hoofdstuk XXVIII getiteld: ‘The Kingdom of Siam’ uit onderstaand genoemd boek). Anna beschrijft in hoofdstuk XVIII hoe een koningin wordt uitgekozen en gekroond.
De lotgevallen en ervaringen van gouvernante Anna Leonowens tijdens de regering van koning Mongkut
Anna Leonowens was zes jaar lerares Engels voor de kinderen en voor sommige vrouwen van koning Mongkut (regeerde 1851-1868), en later ook zijn secretaresse. Zij schreef over haar ervaringen in het paleis en over aspecten van de Siamese samenleving een memoir dat in 1870 werd uitgegeven. Veel wat later over haar werd verteld en verbeeld in films (The King and I) en musicals is ontleend aan de geromantiseerde fictie-bestseller van Magaret Landon Anna and the King of Siam (1941) en vaak niet geheel volgens de waarheid.
Archibald Ross Colquhoun & Chiang Mai
Eén van de boeken die ik koester in mijn behoorlijk uitgebreide Aziatische bibliotheek is het boek ‘Amongst the Shans’ van Archibald Ross Colquhoun. Mijn editie is die uit 1888 – ik vermoed een eerste druk – die bij Scribner & Welford in New York van de persen rolde en Terrien de Lacouperie’s ‘The Cradle of the Shan Race’ als inleiding bevat.
Jan Struys, een Hollandse vrijbuiter in Siam (deel 2)
Op het ogenblik dat Struys in Ayutthaya aankwam waren de diplomatieke betrekkingen tussen Siam en de Nederlandse republiek normaal te noemen maar dat was lang niet altijd het geval geweest. Vanaf het ogenblik dat Cornelius Speckx in 1604 een VOC depot in Ayutthaya vestigde kende de verhouding tussen beide, op elkaar aangewezen partijen, heel wat ups & downs.
Jan Struys, een Hollandse vrijbuiter in Siam (deel 1)
Eén van de boeken in mijn bibliotheek die ik koester is Drie aenmerkelyke reizen door Italien, Griekenland, Lyfland, Moscovien, Tartaryen, Meden, Persien, Oostindien, Japan en verscheiden andere Gewesten dat in 1676 van de pers rolde in Amsterdam bij Jacob Van Meurs, drukker op de Keizersgracht.
George Coedes, een Franse oriëntalist in dienst van Siam
In 1919 ontving de Franse bibliothecaris George Coedès (1886-1969) in Bangkok de medaille van de Witte Olifant van Siam voor zijn verdienstelijk werk op het vlak van de studie van het Verre Oosten, in Frankrijk gewoonlijk als oriëntalisme aangeduid.
Drie zwaarden in het Nationaal museum
Ik heb een zwak voor oude wapens en in het Nationaal Museum in Bangkok is in de zaal met koninklijke regalia een mooie vitrine terug te vinden waarin drie Dap of Siamese traditionele zwaarden netjes boven elkaar worden ten toon gesteld.
De juridische adviseurs van de missie Rolin-Jaequemyns
Om volwaardig deel uit te kunnen maken van de door Europa gedomineerde laatnegentiende-eeuwse wereldorde werden een aantal niet-westerse staten op het einde van de negentiende eeuw door de grootmachten onder ‘zachte druk’ diplomatieke gezet om te voldoen aan een aantal voorwaarden. Zo moest Siam – het huidige Thailand – een modern rechtssysteem aannemen, zich houden aan de internationale rechtsregels, een diplomatiek korps op poten zetten en over behoorlijk functionerende regeringsinstanties beschikken.
In de twee voorgaande bijdragen over buitenlandse invloeden in de Siamese en Thaise architectuur besteedde ik aandacht aan de Italianen. Besluiten doe ik graag door even stil te staan bij de intrigerende figuur van de Duitse architect Karl Döhring. Hij produceerde lang niet evenveel als voornoemde Italianen maar de gebouwen die hij in Siam neerpootte behoren, naar mijn bescheiden mening, tot het fraaiste wat de vreemde mix tussen lokale en Farang-architectuur kon opleveren.
Als u zich ooit hebt heeft gevraagd waarom er in hartje Bangkok zoveel klassieke, Italiaans aandoende overheidsgebouwen staan, dan moet u nu zeker verder lezen…
Met de komst van de eerste Europeanen in de zestiende en zeventiende eeuw, duurde het niet lang voor er westerse elementen opdoken in de Siamese architectuur. De leidende klasse in Ayutthaya keek met verbazing en wellicht ook enige bewondering naar de vreemde bouwwerken die door deze buitenlanders aan de rand van de stad werden neergepoot en vooral het vakmanschap waarmee dit gebeurde.
Het verdwijnen van het Thai Noi-schrift
In veel gevallen verdwijnen talen als gevolg van een cultuurstrijd, ongelijke machtsverhoudingen of gewoon taaldwang waarbij het probleem vaak veel dieper ligt dan het zuiver linguïstische maar alles te maken heeft met bedreigde eigenwaarde en identiteit, het ontzeggen van zelfbeschikking en de vrijheid om culturele tradities te handhaven. Een mooi voorbeeld van dit laatste is in Thailand te vinden, meer bepaald in Isaan, waar het Thai Noi moest verdwijnen voor de meerderheidsschrijftaal.
Wat Ku Phra Kona: een merkwaardig staaltje van erfgoedzorg
Toen ik een tijd geleden op zoek was naar monumentale Khmer-relicten in de omgeving van mijn woning in Satuek stootte ik, als bij toeval, op Wat Ku Phra Kona in het zuiden van de provincie Roi Et. Toeval, want deze Khmer-ruïne ontbreekt in zowat elke zichzelf respecterende reisgids. Het is nochtans een van de meest noordelijk gelegen Khmer-schrijnen.
Ya Mo: geen katje om zonder handschoenen aan te pakken
Sterke vrouwen hebben in de woelige geschiedenis van Siam vaak een sleutelrol gespeeld. Een van de beroemdste voorbeelden hiervan is ongetwijfeld Thao Suranaree of Ya Mo zoals ze in Isaan wordt genoemd. Er was in haar jeugd evenwel niets dat erop duidde dat ze op een keerpunt van de Siamese geschiedenis een doorslaggevende rol zou gaan spelen, integendeel.
Bang Rajan: een tikkeltje Wahrheit en heel veel Dichtung….
Bang Rachan is een begrip in Thailand. Sterker nog, het illustreert hoe dun in de Thaise historiografie de lijn is tussen Wahrheit & Dichtung. Het lijkt zo’n beetje op een Thaise variant van de bekende Asterix & Obelix verhalen: We gaan terug naar het jaar 1765. Heel Siam zucht onder de Birmese knoet behalve de dappere inwoners van één klein dorpje die de Birmese legioenen een halt toeroepen…
‘De fabel van de manke haas’; een 19e eeuwse fabel uit Siam
Een woest kijkende hond met grote ogen zit in de schaduw van een rotsblok naast een paardenspoor aan de rand van de jungle ten noorden van Ban Lao. Hij hoort de stemmen van twee dieren die de jungle uit gaan komen: een aap en een haas; de laatste is kreupel en houdt een voorpoot in de lucht. Ze staan trillend voor de hond die ze direct erkennen als hun baas en van wie ze het oordeel zullen aanvaarden over hun dispuut.






