Voor veel Nederlanders die in Thailand wonen of overwinteren, is de AOW geen abstract politiek onderwerp. Het is de maandelijkse basis waarmee huur, zorg, visa-eisen, boodschappen en familieverplichtingen worden betaald. Wie daarnaast een klein pensioen heeft, voelt elke fiscale ingreep direct in de portemonnee.

Tijdens het debat over de Rijksbegroting 2026 van Sociale Zaken en Werkgelegenheid waarschuwde 50PLUS-senator Martin van Rooijen voor plannen om de AOW te fiscaliseren. Hij noemde dat “ordinaire diefstal” en sprak van misleiding van ouderen die hun leven lang premie hebben betaald.

Volgens Van Rooijen wordt te makkelijk gesproken over de AOW als kostenpost van de overheid. In zijn ogen is dat onjuist. De AOW is een volksverzekering, opgebouwd op basis van solidariteit tussen generaties.

AOW als hoeksteen van de verzorgingsstaat

Van Rooijen begon zijn bijdrage persoonlijk. Hij wees erop dat 16 juni de geboortedag van zijn vader was. De generatie van zijn vader kreeg vanaf 1957 AOW zonder daar zelf ooit AOW-premie voor te hebben betaald. In de volksmond heette dat “trekken van Drees”.

De kinderen van die generatie betaalden daarna premie voor hun ouders. Dat deden zij, zei Van Rooijen, vanuit het vertrouwen dat latere generaties dat ook voor hen zouden doen.

Volgens zijn fractie is de AOW de hoeksteen van het Nederlandse sociale stelsel. De regeling is volgens Van Rooijen krachtig door haar eenvoud: geen ingewikkelde uitzonderingen, geen kortingen en weinig uitvoeringsgedoe. Iedere Nederlander die de AOW-leeftijd bereikt, krijgt een basisinkomen.

Niet van de Staat, maar van de mensen zelf

Een terugkerend punt in het betoog is dat de AOW volgens Van Rooijen niet van de Staat is. De overheid organiseert de regeling, maar is niet de eigenaar. Hij vergeleek het met een bankrekening: een bank beheert geld, maar dat geld blijft van de rekeninghouder.

De AOW werkt via een omslagstelsel. Werkenden betalen voor de ouderen van nu. Later betalen nieuwe generaties weer voor hen. Formeel betaal je dus voor een ander, maar in de praktijk is het een doorlopende afspraak tussen generaties.

Juist die afspraak staat volgens hem onder druk. Hij hekelt dat er steeds wordt gesproken over korten, anders verdelen, langer doorwerken en fiscaliseren. Dat veroorzaakt onrust bij ouderen, terwijl de AOW juist bedoeld is om die onzekerheid weg te nemen.

Wat fiscalisering van de AOW betekent

Fiscalisering betekent dat de AOW steeds meer wordt behandeld als onderdeel van de gewone Rijksbegroting. Volgens de senator wordt de AOW dan losgetrokken uit het karakter van een gesloten volksverzekering.

Hij vreest dat de regeling ieder jaar opnieuw onderwerp wordt van politieke onderhandelingen. De AOW verandert dan van een verzekerd recht in een bedrag waar kabinetten naar kunnen kijken als er gaten in de begroting zitten.

Volgens hem worden vooral ouderen met een aanvullend pensioen geraakt. Zij hebben hun hele werkzame leven premie betaald en bij hun pensioenopbouw rekening gehouden met de AOW als vast basispensioen. Als zij later alsnog extra belasting gaan betalen, voelt dat volgens hem als een dubbele rekening.

Ouderen met klein pensioen worden hard geraakt

Van Rooijen stelt dat fiscalisering grote inkomensgevolgen heeft. Volgens zijn berekeningen kan de inkomensdaling oplopen tot bijna 12 procent voor ouderen met een klein aanvullend pensioen.

Hij noemt de volgende voorbeelden:

Situatie AOW’erInkomensdaling volgens Van Rooijen
Alleenstaande AOW’er met €10.000 aanvullend pensioen9,5%
AOW’er met €20.000 aanvullend pensioen11,8%
AOW’er met €100.000 pensioencirca 6%

Voor ouderen met een pensioen van €20.000 kan dat neerkomen op maximaal €3.600 netto per jaar. Dat is ongeveer €300 netto per maand.

Voor gepensioneerden in Thailand kan zo’n daling extra zwaar wegen. Zij hebben vaak te maken met wisselkoersen, stijgende zorgkosten, visumvoorwaarden en het ontbreken van een Nederlands vangnet dichtbij. Een paar honderd euro per maand minder is dan geen boekhoudkundig verschil, maar raakt het dagelijks leven.

Beeld van onbetaalbare AOW wordt betwist

Volgens Van Rooijen klopt het beeld niet dat de AOW door vergrijzing onbetaalbaar wordt. Hij verwijst naar wetenschappelijke analyses waaruit volgens hem blijkt dat de AOW-uitgaven in verhouding tot de economie beheersbaar zijn gebleven.

Hij noemt onder meer cijfers waaruit blijkt dat de AOW-uitgavenquote in 1985 nog 5,5 procent van het bruto binnenlands product bedroeg. In 2024 was dat volgens de aangehaalde analyse gedaald naar 4,6 procent.

Ook uit cijfers van minister Heinen blijkt volgens Van Rooijen geen ontsporing van de AOW-uitgaven:

JaarAOW-uitgaven als percentage van bbp
20004,2%
20254,6%
20294,9%

Volgens hem laten deze cijfers zien dat de AOW-uitgaven sinds 2000 redelijk stabiel zijn gebleven. Hij vindt het dan ook onterecht dat ouderen het gevoel krijgen dat zij een onhoudbaar stelsel overeind houden.

Probleem zit volgens Van Rooijen bij financiering

Het echte knelpunt ligt volgens de senator niet bij de uitgaven, maar bij de manier waarop de AOW wordt gefinancierd. In 2000 waren premieopbrengsten en AOW-uitgaven bijna in balans. In 2025 is dat sterk veranderd.

JaarAOW-premiesAOW-uitgaven
2000€19 miljard€20 miljard
2025€26 miljard€55 miljard

Volgens Van Rooijen wordt inmiddels meer dan de helft van de AOW betaald uit belastingen. Dat noemt hij “sluipende fiscalisering”.

Hij wijst erop dat de stijging van de AOW-uitgaven sinds 2000 grotendeels niet uit premies is betaald. De uitgaven stegen met €35 miljard, terwijl de premieopbrengsten maar met €6 miljard toenamen. De rest kwam uit belastinggeld, betaald door alle belastingplichtigen, inclusief AOW’ers zelf.

Arbeidskorting ligt onder vuur

De oorzaak ligt volgens Van Rooijen bij de arbeidskorting. Die korting is in de loop der jaren sterk verhoogd. Daardoor betalen werkenden volgens hem in werkelijkheid veel minder AOW-premie dan het officiële tarief van 18 procent doet vermoeden.

De ontwikkeling van de arbeidskorting ziet er volgens het betoog als volgt uit:

JaarArbeidskorting
2000€900
2015€2.200
2020€3.249
2025€5.685

Volgens Van Rooijen is de arbeidskorting sinds 2020 met 75 procent gestegen. De budgettaire kosten liepen op van €7 miljard in 2005 naar €36 miljard in 2025.

Daardoor betalen werknemers volgens hem gemiddeld niet 18 procent, maar ongeveer 2 tot 7 procent AOW-premie. Zelfstandigen zouden nog minder bijdragen. Van Rooijen noemt de arbeidskorting dan ook de “sluipmoordenaar van de AOW”.

Ouderen betalen volgens hem twee keer

De senator vindt het onrechtvaardig dat ouderen straks zouden moeten opdraaien voor een financieringskeuze die door de politiek is gemaakt. Eerst verlaagt de politiek de feitelijke premiebetaling van werkenden via de arbeidskorting. Daarna wordt het tekort aan premie-inkomsten gebruikt als argument om AOW’ers zwaarder te belasten.

Hij stelt dat AOW’ers tijdens hun werkzame leven al hebben betaald voor de gepensioneerden van toen. Als zij na hun pensionering alsnog AOW-premie of extra belasting gaan betalen over hun AOW en aanvullend pensioen, voelt dat voor hem als een tweede heffing op hetzelfde stelsel.

Voor Nederlanders in Thailand kan dit gevoel extra scherp zijn. Zij wonen vaak buiten Nederland, maar blijven afhankelijk van Nederlandse regels over AOW, belasting en pensioen. Een wijziging in Den Haag kan maanden later in Hua Hin, Pattaya, Chiang Mai of Isaan aan de keukentafel worden gevoeld.

Fiscalisering levert volgens Van Rooijen minder op dan gedacht

Volgens Van Rooijen wordt ook het financiële effect van fiscalisering te rooskleurig voorgesteld. Als AOW’ers premie gaan betalen over hun AOW, moet de bruto AOW volgens hem omhoog om de netto-nettokoppeling met het minimumloon in stand te houden.

Daardoor stijgen de AOW-uitgaven volgens hem met ongeveer €7 miljard. De belasting op AOW’ers gaat dan wel met €13 miljard omhoog, maar netto houdt de schatkist volgens zijn berekening maar circa €6 miljard over.

Hij noemt dat de wereld op zijn kop. Het kabinet wil de AOW-uitgaven remmen, maar fiscalisering zou volgens hem juist leiden tot extra AOW-uitgaven. Het verschil met een besparing via een hogere AOW-leeftijd loopt volgens het betoog op tot bijna €10 miljard.

Politieke spanning na discussie over AOW-leeftijd

De discussie over fiscalisering staat niet op zichzelf. Eerder kwam het kabinet-Jetten in het regeerakkoord met een snellere verhoging van de AOW-leeftijd. Die maatregel werd politiek tegengehouden.

Van Rooijen zegt dat hij toen al vreesde dat fiscalisering als alternatief op tafel zou komen. Hij vroeg de minister-president of hij kon toezeggen dat dit niet zou gebeuren. Volgens Van Rooijen antwoordde de premier dat, als de verhoging van de AOW-leeftijd niet doorgaat, gezocht moet worden naar alternatieven “in hetzelfde domein”.

Ook uitspraken van minister Vijlbrief in het AD van 11 april 2026 voedden zijn zorgen. De minister wees erop dat bij fiscalisering de lasten anders worden verdeeld, terwijl de AOW-uitgaven even hoog blijven. Hij verwees daarbij naar hogere pensioenen die dan zouden meebetalen.

Kabinet moet volgens senator naar andere uitgaven kijken

Van Rooijen vraagt het kabinet waarom het niet eerst kijkt naar bezuinigingen op andere overheidsuitgaven. Hij wil onder meer cijfers over de groei van het aantal rijksambtenaren sinds 2000, zowel in aantallen als in euro’s.

Volgens hem mag de AOW alleen worden aangetast bij echte nationale nood. Niet omdat de begroting tekorten laat zien, want begrotingstekorten zijn er volgens hem vaker. En niet omdat een politieke partij of rekenmodel dat aantrekkelijk vindt.

In zijn woorden hoort bij de AOW een bord met “afblijven”. Ouderen hebben volgens hem geen uitwijk meer. Zij kunnen niet opnieuw een loopbaan opbouwen om inkomensverlies op te vangen.

Kabinet werkt alternatieven ambtelijk uit

Uit het betoog blijkt dat het kabinet kijkt naar alternatieven binnen de inkomensvoorziening voor ouderen. Dat gebeurt zowel aan de uitgavenkant als aan de inkomstenkant.

In het IBO Inkomensvoorziening Ouderen worden verschillende beleidsopties uitgewerkt, waaronder fiscalisering van de AOW. Het kabinet wil dat onderzoek dit najaar met een reactie naar de Tweede Kamer sturen.

Voor de partij van Van Rooijen is dat reden voor wantrouwen. Zij vindt het onbegrijpelijk dat het schrappen van een bezuiniging op de AOW-leeftijd zou worden vervangen door een belastingverhoging voor een andere groep: gepensioneerden.

Ouderen voelen zich misleid

Van Rooijen stelt dat ouderen jarenlang te horen kregen dat de AOW door vergrijzing onder druk staat. Volgens hem blijkt nu dat ook fiscale keuzes, zoals de sterk verhoogde arbeidskorting, een grote rol spelen bij de lagere premieopbrengsten.

Hij citeert uit een kabinetsantwoord waarin staat dat heffingskortingen de opbrengst van volksverzekeringen meer dan halveren. Voor hem is dat een bevestiging van zijn kritiek.

Zijn fractie voelt zich naar eigen zeggen misleid. Niet de AOW-uitgaven zijn ontspoord, maar de premiegrondslag is volgens Van Rooijen uitgehold. En juist ouderen dreigen daarvoor te betalen.

Spreiding over achttien jaar stelt niet gerust

Volgens Van Rooijen wordt fiscalisering soms minder zwaar voorgesteld doordat invoering over achttien jaar kan worden uitgesmeerd, met stapjes van één procentpunt per jaar. Dat stelt hem niet gerust.

Hij wijst erop dat zulke termijnen later kunnen worden verkort. Daarbij verwijst hij naar de Wet Hillen, waarvan de afbouw later versneld werd. Wat vandaag langzaam begint, kan morgen sneller gaan.

Voor ouderen met een smalle financiële marge maakt het tempo niet alles goed. Wie weet dat zijn inkomen structureel omlaag gaat, gaat anders leven. Dan worden zorguitgaven uitgesteld, reizen naar Nederland minder vanzelfsprekend en helpt men kinderen of familie in Thailand minder makkelijk.

Boosheid, frustratie en wantrouwen

De toon van Van Rooijen is fel. Hij spreekt over “zakkenrollerij”, “ordinaire diefstal” en een “duivels spel”. Dat zijn harde woorden, maar ze geven aan hoe diep de frustratie zit.

Volgens hem kijken politici te makkelijk naar ouderen als groep die niet snel de straat op gaat. Ouderen trekken misschien niet massaal naar het Malieveld, zei hij, maar zijn wel onmisbaar als mantelzorger, vrijwilliger en oppas voor kleinkinderen.

Ook partijvoorzitter Jan Struijs liet zich eerder scherp uit over de AOW-discussie. Volgens hem zijn ouderen misleid en gaat het om kwetsbare mensen. Zijn boodschap was helder: hierop zal de partij oppositie voeren.

Waarom dit voor Thailandblog-lezers telt

Voor Nederlanders in Thailand is deze discussie meer dan Haagse politiek. De AOW vormt voor veel pensionado’s de vaste basis waarop zij hun leven in Thailand hebben ingericht. Een lagere netto-uitkering kan gevolgen hebben voor woonlasten, zorgverzekering, wisselkoersruimte en zelfs de keuze om in Thailand te blijven.

Wie alleen AOW ontvangt, zit vaak al krap. Wie een klein aanvullend pensioen heeft, kan volgens deze berekeningen juist stevig geraakt worden. Dat wringt, omdat veel mensen juist dachten verstandig te hebben gespaard voor later.

De onzekerheid is nu vooral dat fiscalisering nog geen definitief besluit is, maar wel ambtelijk wordt uitgewerkt. Voor ouderen in Nederland én Thailand is dat genoeg om de discussie nauwgezet te volgen.

Slot

Van Rooijen trekt een harde grens rond de AOW. Volgens hem is fiscalisering geen neutrale fiscale ingreep, maar een forse aantasting van de koopkracht en rechtszekerheid van ouderen. Voor Nederlandse gepensioneerden in Thailand kan zo’n maatregel direct voelbaar worden. De vraag is nu of het kabinet die zorgen wegneemt, of de AOW opnieuw inzet als begrotingsknop.

Bron: 50PLUS

Over deze blogger

Redactie
Redactie
Dit artikel is geschreven en gecontroleerd door de redactie. De inhoud is gebaseerd op persoonlijke ervaringen, meningen en eigen onderzoek van de auteur. Waar relevant, is er gebruikgemaakt van AI als hulpmiddel bij het schrijven en structureren van teksten. Wij genereren soms ook foto's met AI. Hoewel er zorgvuldig wordt omgegaan met de inhoud, kan niet worden gegarandeerd dat alle informatie volledig, actueel of foutloos is.
De lezer is zelf verantwoordelijk voor het gebruik van de informatie op deze website. De auteur aanvaardt geen aansprakelijkheid voor eventuele schade of gevolgen die voortvloeien uit het gebruik van de geboden informatie.

Laat een reactie achter