Op school in Nederland leerde je waarschijnlijk niets over de Thai. Logisch. Maar als je in Chiang Mai woont of elk jaar drie maanden in Hua Hin zit, loop je er wel tegenaan: dialecten die je Thaise partner thuis spreekt en op kantoor niet, een schoonfamilie die zichzelf Lao noemt na twee glazen Leo.

Het land dat nu Thailand heet, was eeuwenlang een lappendeken van vorstendommen, talen en volken. Wat je vandaag ziet, één taal, één vlag, één nationaal verhaal, komt grotendeels uit de twintigste eeuw. Bangkok heeft die eenheid niet gevonden, maar gebouwd, en dat ging niet altijd zachtzinnig.

@historyasean

Where Did Thai People Come From? The story of how Tai migrations, ancient kingdoms, and 20th-century Thaification transformed many different communities into the modern Thai identity. – SOURCE: A History of Thailand, Chris Baker and Pasuk Phongpaichit, 2009. The Lost Territories: Thailand’s History of National Humiliation, Shane Strate, 2015. Cultural Diversity and National Identity in Thailand, Charles F. Keyes, 1997. – Follow for Southeast Asian history! #thaihistory #thailandhistory #thaiheritage #tai #thailand🇹🇭

♬ original sound – History ASEAN – History ASEAN

Niet uit de Altai, maar uit Zuid-China

Een generatie Thaise schoolboeken vertelde het zo: de Thai kwamen uit de Altai in Centraal-Azië, trokken zuidwaarts, stichtten het rijk Nanzhao in Yunnan en werden door de Chinezen verder de bergen in gedreven. Een mooi verhaal over een volk op de vlucht dat uiteindelijk een eigen land vond. Er klopt alleen weinig van. Nanzhao was geen Tai-rijk, en van een grote volksverhuizing is geen spoor.

Wat taalkundigen wel zien, is een familie van verwante talen, het Tai-Kadai, met haar zwaartepunt in het grensgebied van Zuid-China en Noord-Vietnam. Guangxi, Guizhou, de heuvels daaromheen. Vanaf ongeveer de achtste eeuw verspreidden sprekers van die talen zich langzaam zuidwaarts en westwaarts, de riviervalleien in. Geen leger, geen exodus. Boeren die natte rijst verbouwden en dorp na dorp een dal verder opschoven. Dat proces duurde eeuwen en heeft nooit een begin- of einddatum gehad.

Muang, geen land

Wat die migranten bouwden, was het muang: een stadje met een heer, omringde dorpen die belasting en arbeid leverden, en losse afspraken met een grotere heer verderop. Loyaliteit liep via personen, niet via een kaart. Een muang kon tegelijk schatplichtig zijn aan Ayutthaya en aan Birma, en dat was geen tegenstrijdigheid, maar verzekering.

In 1238 kwam Sukhothai op, het jaartal dat in elk Thais lesboek staat. Dat Sukhothai het eerste Thaise koninkrijk zou zijn, is echter vooral een keuze van veel latere historici in Bangkok, die er een fris begin in zagen zonder Khmer-erfenis. De beroemde steeninscriptie van koning Ramkhamhaeng, met de vaak geciteerde zin over vis in het water en rijst op het veld, wordt tot op vandaag door serieuze onderzoekers in twijfel getrokken. In Chiang Mai vieren ze trouwens een ander jaartal: 1296, toen Mangrai er Lan Na stichtte, een koninkrijk met een eigen schrift, een eigen taal en eeuwenlang weinig boodschap aan de Chao Phraya-vlakte.

In Ayutthaya was Thais zijn een juridische status

Ayutthaya, gesticht in 1351, was geen etnische natie, maar een handelsstad met een hof. De hoftaal zat vol Khmer, de wetten leunden op Mon en Indische modellen, en in de stad woonden Chinezen, Perzen, Japanners, Portugezen en Mons in eigen wijken. Wie je was, hing af van je registratie: vrije man onder een heer, slaaf, of monnik. Mannen kregen een tatoeage op de pols met de naam van hun meester, zodat een gevluchte arbeider herkenbaar bleef.

Die Japanse wijk leverde nog een curieuze figuur op, Yamada Nagamasa, huurlingenkapitein die het schopte tot gouverneur van Nakhon Si Thammarat en daar vermoedelijk werd vergiftigd door zijn eigen bondgenoten. Het zegt niets over de Thaise identiteit. Het geeft wel aan hoe vreemd de bevolkingssamenstelling van dat hof was naar moderne maatstaven.

Grenzen kwamen door de Fransen en de Britten

De echte breuk kwam in de negentiende eeuw. Frankrijk en Groot-Brittannië wilden geen vage invloedssferen, maar lijnen op een kaart. Siam moest kiezen: zelf grenzen trekken of ze opgelegd krijgen. In 1893 stuurde Frankrijk kanonneerboten de Chao Phraya op en dwong het afstand van de Laotiaanse gebieden af. In de jaren daarna volgden Cambodjaanse provincies en, in 1909, de sultanaten in het zuiden, waarvan Pattani binnen de nieuwe grens bleef.

Om dat verlies te stoppen, bouwde prins Damrong vanaf de jaren negentig een echte staat: provincies met ambtenaren uit Bangkok, één belastingstelsel, één leger. De heren van Chiang Mai en de Lao-vorsten van het noordoosten verloren hun macht aan een gouverneur die de taal van zijn onderdanen niet sprak. Dat verlies is nooit vergeten. Shane Strate liet zien hoe het idee van gestolen gebieden decennialang bruikbaar bleef voor politici die een vijand nodig hadden.

Van Siam naar Thailand

In 1939 veranderde premier Phibun Songkhram de naam Siam in Thailand. Siam was een plek, Thailand was een claim: het land van de Thai. In de jaren die volgden, kwamen de cultuurdecreten. Hoeden en schoenen in het openbaar. Een Thaise groet in plaats van een lokale. Het Centraal-Thais werd de enige taal in klaslokalen waar de kinderen thuis Lao, kham mueang of Maleis spraken.

De vijftien miljoen mensen in het noordoosten heetten voortaan Thai Isaan, en hun Laotiaanse afkomst werd tot regionale kleur teruggebracht. Chinese immigranten kregen te maken met schoolwetten die Chineestalig onderwijs beperkten; velen namen een Thaise achternaam en verdwenen binnen twee generaties in de statistiek. In de moslimprovincies Pattani, Yala en Narathiwat mislukte diezelfde aanpak. Daar leidde het opheffen van islamitische rechtspraak en het verbod op Maleise namen tot verzet dat, met onderbrekingen, nog steeds voortduurt. Ruim zevenduizend doden sinds 2004.

Wat je er vandaag van merkt

Je ziet het in kleine dingen. Een verpleegster in Udon Thani die met haar moeder Lao praat en tegen jou Thai. Een ambtenaar in Chiang Mai die kham mueang verstaat, maar het niet op papier zet. Bergvolken zonder Thaise nationaliteit, honderdduizenden nog altijd, die geen bankrekening kunnen openen en hun eigen provincie niet uit mogen zonder toestemming.

En je merkt het als er politiek gedoe is. Wie in Bangkok het woord khwam pen thai laat vallen, het Thai-zijn, doet een beroep op iets wat pas een kleine eeuw geleden werd gedefinieerd. Dat maakt het niet nep. Nationale identiteiten worden overal gemaakt, ook de Nederlandse. Het betekent wel dat je voorzichtig moet zijn met de aanname dat je Thaise partner, schoonfamilie of buurman precies dezelfde geschiedenis in zijn hoofd heeft als de vlag op het gemeentehuis suggereert.

Vraag er eens naar bij het eten. Niet als examen, gewoon uit interesse. Waar kwam oma vandaan, welke taal sprak zij, hoe heette het dorp voordat het een Thaise naam kreeg? Je krijgt zelden een compleet antwoord, en soms een schouderophalen. Maar het gesprek dat volgt zegt vaak meer over Thailand dan een museum in Sukhothai.

Bronnen: A History of Thailand (Chris Baker en Pasuk Phongpaichit, 2009), The Lost Territories: Thailand’s History of National Humiliation (Shane Strate, 2015), Cultural Diversity and National Identity in Thailand (Charles F. Keyes, 1997)

Over deze blogger

Redactie
Redactie
Dit artikel is geschreven en gecontroleerd door de redactie. De inhoud is gebaseerd op persoonlijke ervaringen, meningen en eigen onderzoek van de auteur. Waar relevant, is er gebruikgemaakt van AI als hulpmiddel bij het schrijven en structureren van teksten. Wij genereren soms ook foto's met AI. Hoewel er zorgvuldig wordt omgegaan met de inhoud, kan niet worden gegarandeerd dat alle informatie volledig, actueel of foutloos is.
De lezer is zelf verantwoordelijk voor het gebruik van de informatie op deze website. De auteur aanvaardt geen aansprakelijkheid voor eventuele schade of gevolgen die voortvloeien uit het gebruik van de geboden informatie.

Laat een reactie achter