
1. De Betekenis van Artikel 25
Vorige week zagen we hoe onze NL-overheid onder het mom van artikel 23 geen onderscheid maakt met Thai burgers, om zo het weigeren van belastinggunsten aan NL-gepensioneerden te legitimeren. Met artikel 18 zagen we al dat Nederland alle heffingsmacht naar zich toe haalt, en nu met artikel 25 gaat Nederland in onze bankrekeningen controleren.
OESO-artikel 25 getiteld ‘Uitwisseling van informatie’: regelt de uitwisseling van relevante belastinginformatie tussen Nederland en Thailand, inclusief strikte geheimhoudingsplichten voor ontvangen gegevens. De bepalingen verplichten tot samenwerking via banken en financiële instellingen. Het instrument tot die uitwisseling is de CRS-systematiek en het OESO-MAAC platform.
Lid 5 van artikel 25 is cruciaal voor de CRS. Het bepaalt dat een land informatie niet mag weigeren omdat deze bij een bank berust. Zonder dit lid zou CRS in veel landen juridisch niet uitvoerbaar zijn. Banken verzamelen elk jaar gegevens over
buitenlandse rekeninghouders en sturen die via de fiscus automatisch door naar iemands woonland. Nederland en Thailand delen automatisch allerlei gegevens.
De Nederlandse Staat is met een gespleten tong gaan praten. Kijkend naar de Tweede Kamer en de Rechtspraak, zegt de overheid: “Wij kunnen de Landenkring niet uitbreiden naar Thailand, want we hebben geen zicht op het wereldinkomen.”
Maar aan de andere kant ondertekenen ze in Brussel een verdrag waarin artikel 25 hen de opening aanreikt tot alle Thaise bankgegevens. Bij de ondertekening van het verdrag in november 2025 was bekend dat Thailand CRS al in 2022 had omarmd.
Met artikel 25 en CRS zijn alle obstakels opgeruimd om daarmee alle controle te hebben over minimaal 90% van het wereldinkomen. Voor velen van ons zelfs over de volle 100%. Een benodigde inkomensverklaring is per 1 januari dit jaar al terzijde geschoven. Nu nog de toevoeging van Thailand aan de landenkring.
2. Het ontstaan van de Landenkring
Om goed te begrijpen waar het om gaat, moeten we terug naar de geschiedenis van de Landenkring en hoe de Belastingdienst de muren rondom de heffingskortingen steeds hoger heeft opgetrokken. Alleszins is met de fiscale koerswijziging uit 2014 (Belastingplan 2015) bewust een strikter beleid ingezet. alle beweringen zijn na te checken op https://open.overheid.nl/
1995: Het Europese Hof bepaalde met het Schumacker-arrest dat een bronland een niet-inwoner hetzelfde moet behandelen als een eigen inwoner bij een inkomen van 90% of meer. Nederland reageerde op dit arrest door een zogenaamde “kiesregeling” in te voeren. Hiermee konden buitenlandse belastingplichtigen ervoor kiezen om als binnenlands belastingplichtige te worden behandeld. De fiscus beperkte dit direct tot EU-landen onder het mom van “controleerbaarheid”.
2001: De Wet Inkomstenbelasting 1964 werd vervangen door een nieuwe. Onder de oude wet werd een belastingvrije som gebruikt om een basisdeel van het inkomen vrij te stellen van belasting. In plaats van alle inkomsten op één grote hoop te vegen, werd het inkomen opgedeeld in drie afzonderlijke categorieën (3 boxen) met elk een eigen tarief. Plus dat heffingskortingen, zoals de algemene heffingskorting en de arbeidskorting, werden geïntroduceerd.
2010: Het Arrest Gielen van het EU-Hof in 2010 zette de Belastingdienst klem. Je had de keuze of als binnenlandse belastingplichtige met gebruik van heffingskortingen, maar als consequentie dat je wereldinkomen in de Nederlandse progressie-berekening werd betrokken. Of als ‘regulier’ buitenlandse belastingplichtige zonder heffings- en aftrekposten en andere tegemoetkomingen. Dit kiezen tussen “twee kwaden” (geen aftrek óf een nadelig tarief) gezien als een verboden belemmering van de vrijheid van vestiging. Nederland haalde bakzeil.
2014: Verzin een list werd er gezegd, door wie anders dan Rutte en Asscher in Rutte ll. De regering stelde dat “doeltreffende controleerbaarheid” buiten de EU niet gewaarborgd kon worden. Besloten werd Europese richtlijnen en fiscale jurisprudentie zodanig uit te leggen dat slechts een groep van aan te wijzen landen de KBB-status toegewezen kon krijgen. Die groep werd de landenkring in Lid 6 van artikel 7.8 Wet IB 2001.
2014: Een ordinaire bezuiniging blijkt uit alle verslaglegging van de debatten over het Belastingplan 2014. Het werd onomwonden gezegd: “we hebben geld nodig, dus we beperken de landenkring”. De arresten van het EU-Hof van Justitie dwongen weliswaar regelgeving af voor kwalificerende buitenlandse belastingplichtigen, maar verplichten niet om belastingplichtigen buiten de EU hun tegemoetkomingen te ontnemen. Toch is dat precies wat er gebeurde. Het gelijkstellen van inwoners buiten de EU had de schatkist extra geld gekost.
Deze beslissing leidde tot veel kritiek van fiscalisten. Het zorgde voor een harde knip
tussen belastingplichtigen binnen en buiten de EU die in exact dezelfde economische situatie verkeerden. Critici vonden dat het dragen van de fiscale lasten losgekoppeld werd van de persoonlijke draagkracht, puur op basis van de geografische woonplaats.
2014: In de parlementaire geschiedenis van het Belastingplan 2014 is de uitsluiting van landen buiten de EU-landenkring (zoals Thailand) stelselmatig gemotiveerd vanuit een vermeend gebrek aan controlemogelijkheden.
1. Praktische Onmogelijkheid: De regering stelde dat een doeltreffende controle op het inkomenscriterium buiten de EU “vrijwel onmogelijk is” (Kamerstuk 33 752, nr. 3). Men stelde dat de fiscus bij gebrek aan bewijslast “met de rug tegen de muur” stond.
2. Kwalitatief Tekort: In de Nota naar aanleiding van het verslag werd expliciet benadrukt dat de informatie-uitwisseling met derde landen niet op een “vergelijkbaar niveau” lag met de EU-Bijstandsrichtlijn 2011/16/EU (Kamerstuk 33 752, nr. 11, p. 57).
3. De Waarschuwing van de Kamer: Diverse fracties (VVD, SP, D66) uitten grote zorgen over de inkomenseffecten voor buitenlands belastingplichtigen (Kamerstuk 33 752, nr. 10). De SP-fractie vroeg specifiek naar de gevolgen van het ontbreken van overgangsrecht en noemde de regeling potentieel
discriminerend.
4. Bezuiniging boven Recht: De regering erkende dat het bieden van overgangsrecht voor deze groep gepensioneerden “complex” werd bevonden, waarbij budgettaire overwegingen prevaleerden boven de individuele rechtszekerheid (Kamerstuk 33 752, nr. 11).
2015: Met het Belastingplan 2014 werd besloten de ‘kiesregeling’ per 1 januari 2015 volledig af te schaffen. In plaats daarvan kwamen de landenkring en de regeling voor kwalificerende buitenlandse belastingplichtigen (KBB). Hiermee veranderde de optie van ‘vrije keuze’ in een set strikte voorwaarden.
Om recht te houden op dezelfde aftrekposten als een inwoner van Nederland, moet men sindsdien aan drie eisen voldoen:
1. Minimaal 90% van het wereldinkomen is in Nederland belast; 2. Men woont in een land binnen de vastgestelde landenkring;
3. Men kan een officiële inkomensverklaring overleggen.
Anno 2026 zijn de beweegredenen van toen allang en totaal achterhaald. De vermeende onmogelijkheid tot controle is door Artikel 25 van het verdrag omgevormd tot een ‘verplichte digitale samenwerking’. Bovendien is de inkomensverklaring inmiddels als optioneel betiteld. Artikel 18 belast nu 100% van het inkomen, waardoor Nederland feitelijk de ‘fiscale woonstaat’ is geworden.
Artikel 7.8 in de Wet IB 2001 is onderhand gedateerd en loopt inmiddels mijlenver achter de verdragsrechtelijke realiteit aan. Terwijl Nederland de modernisering van verdragen bewust heeft overgelaten aan algemene OESO-standaarden, kiest zij er willens en wetens voor om budgettaire gaten te dichten over de rug van NL- gepensioneerden elders in de wereld.
3. De Reserve-Ingang van Lid 8
Noch het verdrag, noch de Wet Inkomstenbelasting 2001: geen van beide hoeven veranderd. Maar toevalligerwijs en onbedoeld van de NL-Overheid in 2014, biedt die Wet Inkomstenbelasting 2001 een reserve-ingang.
Dat befaamde artikel 7.8 van de Wet IB 2001, maar dan in Lid 8, kent een zogenaamde delegatiebepaling. Die geeft de regering de bevoegdheid om via een Algemene Maatregel van Bestuur groepen aan te wijzen die tóch de KBB-status kunnen krijgen. Ook al vallen zij buiten de reguliere voorwaarden van de landenkring, maar mits Nederland volgens het Unierecht gehouden is om hun persoonlijke situatie in aanmerking te nemen. En dat wat gevraagd wordt.
Echter, de harde tekstuele koppeling aan het Unierecht ontneemt burgers buiten Europa deze reserve-ingang, waarbij de Belastingdienst steevast hetzelfde
argument hanteert: geen controle op het wereldinkomen mogelijk. Dat argument verdwijnt volledig met artikel 25.
Trouwens: Als politiek Den Haag besluit om Thailand wettelijk op gelijke voet te stellen met de landen uit lid 6, hoeft zij eigenlijk niet eens lid 8 te gebruiken; zij kan dit rechtstreeks regelen via een wetswijziging van de landenkring.
De landenkring in lid 6 is geen onveranderlijke natuurwet, maar een politieke keuze. In het verleden heeft de wetgever al vaker landen aan dit rijtje toegevoegd die strikt genomen geen EU- of EER-lidstaat zijn:
● Zwitserland: Is geen EU/EER-lid, maar is door de wetgever handmatig aan lid 6 toegevoegd. Hoewel Zwitserland geen EU/EER-lid is, had het al in 2013 een bilateraal verdrag met de EU. Door dít specifieke verdrag bleek het land recht te hebben op de status van kwalificerend buitenlands belastingplichtige. De wetgever heeft de wet hiernaar moeten aanpassen. Er is niets op tegen om op dezelfde gronden hetzelfde te doen in het nu voorliggend bilaterale verdrag met Thailand.
● De BES-eilanden (Bonaire, Sint Eustatius en Saba): Zijn bijzondere Nederlandse gemeenten buiten Europa, maar zijn specifiek in de wettekst opgenomen.
Als de Tweede en Eerste Kamer akkoord gaan met een wetswijziging, bijvoorbeeld in komende Belastingplannen 2027/2028, kan de tekst van lid 6 simpelweg worden uitgebreid tot: “…inwoner zijn van landen waarmee Nederland bilateraal belastingverdragen heeft die voorzien in de uitwisseling van inlichtingen”, zoals met Thailand via artikel 25.
Nederland kan niet meer Thailand de mogelijkheid ontnemen deze reserve-ingang te gebruiken, omdat:
● artikel 18 van Nederland fictief de ‘fiscale woonstaat’ maakt; ● artikel 23 niet volledig de algemene heffings- en de ouderenkorting uitsluit
doordat deze ook de loonheffing zelf betreffen;
● artikel 25 de Belastingdienst 100% controle garandeert, en ● artikel 7.8 Lid 8 een gemakkelijker oplossing biedt dan een wetswijziging.
De infrastructuur voor rechtvaardigheid ligt er dus al. Het niet gebruiken van Lid 8 voor de Thailand-groep is vanaf nu geen kwestie van “niet kunnen”, maar van “niet willen”. Als het huidige kabinet het niet doet, dan is dat omdat zij het niet willen.
5. Voortschrijdend Inzicht
Waar de Hoge Raad zich nog verschuilt achter de letter van de wet, zet het EU-Hof de deur open voor wereldwijde rechtsgelijkheid op basis van het kapitaalverkeer. Nu de techniek van informatie-uitwisseling (Artikel 25) elke praktische belemmering heeft weggenomen, is de uitsluiting van Thailand puur discriminatoir geworden. De druk op de politiek om de ‘Technische Knop’ van Lid 8 om te draaien is daarmee groter dan ooit.
De Hoge Raad hanteert een strikt formalistische lijn. De kern van hun oordeel is dat de ‘landenkring’ een bewuste politieke keuze is van de wetgever. Thailand valt buiten de EU, en dus volgt de rechter hierbij de letter van de wet.
Het Europees Hof van Justitie zet een bredere bril op. Het HvJ-EU ziet grensoverschrijdende pensioenbetalingen en de opbouw daarvan steeds vaker als kapitaalstromen. Het vrije kapitaalverkeer geldt namelijk wél wereldwijd.
Pensioenen worden fiscaal als kapitaal beschouwd. Het Hof oordeelt steeds vaker dat het stelselmatig achterstellen van niet-inwoners een verboden belemmering vormt. De fiscus mag de burger niet uitsluiten als deze bereid is zelf het bewijs te leveren. Uiteindelijk zal het EU-Hof de Hoge Raad passeren.
5. De Hefboom staat!
\Vorige week in Deel 4 introduceerden we ‘de hefboom’, waarvan Lid 3 van artikel 23 het steunpunt vormt. De Belastingdienst gebruikt dit lid als een ‘slot’ op de deur, maar die deur staat op een kier. Lid 3 stelt dat Nederland heffingskortingen mag weigeren die te maken hebben met de “burgerlijke staat, de samenstelling van het gezin of gezinslasten”.
Maar in Deel 4 lazen we ook dat de Hoge Raad concludeerde dat kortingen enerzijds bedoeld zijn als menselijke inkomensondersteuning, en dan niet van toepassing buiten de landenkring, anderzijds doen kortingen dienst als vervanging van de vroegere belastingvrije som, en horen zij thuis in de heffingsberekeningen. Tegen het zere been van Den haag, maar de tik nog onvoldoende gevoeld.
Met de uitspraak van de Hoge Raad over artikel 23 als steunpunt, en met artikel 25 als scharnierpunt: opruimer van controle-argumentatie, kieperen beide artikelen de landenkring om, en plaatsen Lid 8 er binnen.
6. Kom in actie!
In de afgelopen weken tot en met vandaag hebben we de 4 belangrijkste pijlers van, en de voornaamste intenties in het nieuwe verdrag via de artikelen 18/19, 22, 23 en 25 vastgesteld en geanalyseerd. De NL-overheid grijpt met het nieuwe belastingverdrag alle heffingsmacht, maar verzaakt bijbehorende plichten. Het voorwerk is gedaan, nu is het de beurt aan de lezers van Thailandblog!
Tot op vandaag is het nieuwe belastingverdrag niet behandeld in de Commissie voor Financiën van de Tweede Kamer.
► Het zomerreces van de Tweede kamer begint op 3 juli as.
► Een laatste procedurevergadering voor dat reces, waarin de mogelijkheid bestaat dat het verdrag als ‘hamerstuk’ wordt behandeld, is donderdag 18 juni as.
► Plus dat op 24 juni d.o.v. een commissiedebat ‘Fiscaliteit’ is gepland. Voorkom het afhameren van het belastingverdrag.
► Maar, de Griffie van de Cie.fin bevestigt mij dat:
“Hoe dan ook is de Tweede Kamer nog niet gestart met de behandeling van het verdrag. Dat zal niet eerder gebeuren dan nadat de regering een wetsvoorstel tot goedkeuring van het gesloten verdrag aan de Kamer heeft aangeboden, inclusief een door de Raad van State uitgebracht advies.
Een en ander betekent dat op de berichten die u, en met u vele tientallen andere personen, aan de vaste commissie voor Financiën heeft gestuurd, weliswaar in ontvangst zijn genomen en ter kennis zijn gebracht van de leden van die commissie, vooralsnog geen inhoudelijke reactie zullen krijgen.”
Focus dus op de Haagse politiek en stuur per direct Oproep 2 door!!
1- De Commissie Financiën controleert de Staatssecretaris. Negeer diens melding aan de voorzitter van de 2e Kamer dat hij eind juni het belastingverdrag afgerond wil hebben. Onze boodschap aan de Commissie is helder:
“Jullie kunnen alleen akkoord gaan met de enorme transparantie van artikel 25, als jullie de Staatssecretaris gelijktijdig de opdracht geven om de bijbehorende rechtsbescherming van Lid 8 te activeren.”
2- De politiek communiceert niet in emoties of persoonlijke verhalen, maar in wetten en regelgeving. Door de Commissie kant-en-klare argumentatie aan te reiken, vertalen we juridisch ons probleem naar hun taal.
3- Een Kamerlid verzuipt vaak in complexe dossiers. Met ons voorstel bieden we een oplossing, als hoogste vorm van burgerparticipatie. Meer kunnen ze niet willen.
4- De overheid maakt een extreme beweging door plotseling 100% belastingheffing van ons pensioen op te eisen. Onze tegenbeweging — de eis voor de KBB-status via Lid 8 — is daarop een proportioneel en redelijk antwoord.
5- Wij vragen geen uitzonderingspositie of voorkeursbehandeling, wij eisen de menselijke maat binnen een bestaande wet, en een gelijkwaardige behandeling.
AKTIE: Stuur per mail onderstaande Oproep 2 aan de Commissie Financiën. Handel als destijds met Oproep 1. Laat je niet afschrikken door de lengte en de inhoud: ze zijn allebei stevig! Kopieer en plak in een mail, en stuur massaal en met z’n allen naar de Commissie Financiën van de Tweede Kamer, met een CC aan de fractievoorzitters en woordvoerders financiën van de verschillende politieke
partijen.
Mailadressen zet ik separaat in een reactieveld.
Volgende week in Deel 6: Fiscalisering. De trend van de afgelopen decennia om de sociale zekerheid komende jaren beetje bij beetje in te dammen. Hoe wij in Thailand betalen aan een proces dat stiekem aan ons voorbij trekt.
-=-=-=-=-=-=-=-=-=-
Aan: De leden van de Vaste Commissie voor Financiën van de Tweede Kamer Van: [Naam en mailadres invullen]
Datum: [Datum invullen]
Betreft: Ratificatie Belastingverdrag Nederland-Thailand 2025
OPROEP: Handhaaf de fiscale nulgrens en rechtsgelijkheid voor Nederlanders in Thailand
Geachte Leden van de Commissie,
Met de voorgenomen ratificatie van het nieuwe belastingverdrag tussen Nederland en Thailand ontstaat een onhoudbare juridische discrepantie. Waar Nederland onder Artikel 18 de volledige en exclusieve heffingsmacht opeist over pensioeninkomens, weigert zij gelijktijdig de fundamentele rechtsbescherming en belastingvrije minima toe te passen die onlosmakelijk verbonden zijn met diezelfde heffingsmacht.
1. De schending van de fiscale nulgrens en de jurisprudentie van de Hoge Raad
In de Nederlandse belastingwetgeving is het tarief in de eerste schijf onverbrekelijk verbonden met de heffingskortingen (zoals de algemene heffingskorting en de ouderenkorting). Deze kortingen vormen de ‘fiscale nulgrens’: een
bestaansminimum waarover de Staat geen belasting heft.
De Hoge Raad heeft in het fundamentele arrest van 19 juli 2019 (ECLI:NL:HR:2019:1214) reeds geoordeeld dat het recht op de belastingvrije voet een essentieel onderdeel is van de draagkrachtmeting. Recentelijk is dit bevestigd in het arrest van 22 maart 2024 (ECLI:NL:HR:2024:470), waarin de Hoge Raad stelt dat voor de vaststelling van heffingskortingen aangesloten moet worden bij het in Nederland belastbare inkomen.
Cruciaal hierbij is dat dit arrest in principe geldt voor alle buitenlands belastingplichtigen, ongeacht of zij in een EU-land of in een ‘derde land’ wonen. De Hoge Raad baseert zijn uitspraak namelijk op de uitleg van de Nederlandse wetgeving zelf (de Wet inkomstenbelasting 2001), en niet specifiek op Europese verdragen. De woonplaats is hierbij irrelevant, omdat in het arrest centraal staat dat de afbouw van inkomensafhankelijke heffingskortingen gekoppeld is aan het belastbare inkomen uit werk en woning. Omdat voor een buitenlands belastingplichtige alleen het Nederlandse inkomen belastbaar is in box 1, mag ook alleen dat inkomen worden gebruikt voor de berekening van de korting.
Juridische implicatie: Wanneer Nederland onder het nieuwe verdrag 100% van het heffingsrecht naar zich toetrekt, claimt zij de volledige fiscale massa. Hiermee vervalt elk argument om de nulgrens te onthouden. Deze uitspraak druist geenszins in tegen het EU-recht waarop de huidige ‘landenkring’ (Art. 7.8 Wet IB 2001) is gebaseerd. Integendeel: het EU-recht stelt een minimumstandaard voor lidstaten, maar verbiedt Nederland niet om buiten de EU rechtsgelijkheid toe te passen wanneer zij deze positie door de 100% claim zelf eenzijdig creëert. Door deze claim wordt de Nederlander in Thailand voor de fiscus een ‘gelijke’ van de Nederlander in Nederland. Het onthouden van de nulgrens vernietigt hiermee de systematiek van de wet.
2. De paradox van Artikel 23: Non-discriminatie en internationaal recht
Artikel 23 van het verdrag verbiedt een zwaardere belastingheffing van onderdanen
in “dezelfde omstandigheden”. De Staat voert vaak aan dat de woonplaats een objectief verschil in omstandigheden vormt en dat Artikel 1 van de Grondwet enkel territoriale werking zou hebben. Dit argument is juridisch onhoudbaar.
● Feitelijke gelijkstelling: Door de 100% claim via Artikel 18 wordt de belastingplichtige voor zijn volledige bestaansinkomen afhankelijk van het Nederlandse regime. Nederland werpt zich hier op als de de facto woonstaat.
● Internationale rechtsbescherming: Waar critici stellen dat de Grondwet stopt bij de grens, herinneren wij de Commissie aan Artikel 26 van het Internationaal Verdrag inzake Burgerrechten en Politieke Rechten (IVBPR). Dit verdrag, dat door Nederland is geratificeerd, verbiedt discriminatie op welke grond dan ook en garandeert eenieder een gelijke en effectieve bescherming tegen discriminatie. Wanneer de Nederlandse Staat haar rechtsmacht uitoefent over het volledige inkomen van een burger, is zij onder dit internationale verdrag gehouden dat proces zonder discriminatie naar woonplaats in te richten.
Het weigeren van de heffingskortingen vormt een verboden onderscheid. Er bestaat geen objectieve rechtvaardiging om exact hetzelfde inkomen zwaarder te belasten enkel omdat de fysieke verblijfplaats buiten de landsgrenzen ligt, terwijl de fiscale claim 100% binnenlands is.
3. Het einde van de oncontroleerbaarheid: CRS en OESO-MAAC
De overheid schermt stelselmatig met de onmogelijkheid om de persoonlijke situatie in Thailand te controleren. Dit argument is sinds 2022 definitief van tafel door de actieve deelname van Thailand aan internationale
transparantie-instrumenten:
CRS (Common Reporting Standard): Sinds 2022 wisselt Thailand automatisch bankgegevens uit, waardoor het vermogen en de inkomstenstromen voor de Nederlandse fiscus volledig inzichtelijk zijn.
OESO-MAAC: Thailand is toegetreden tot het Verdrag inzake wederzijdse administratieve bijstand in belastingzaken. Dit verdrag voorziet in de uitwisseling
van informatie op verzoek en vormt het ideale instrument voor automatische informatie-uitwisseling en de implementatie van internationale standaarden inzake fiscale transparantie.
Artikel 25 van het nieuwe verdrag (Informatie-uitwisseling) verstrekt de Belastingdienst alle instrumenten voor bijstand bij invordering en controle. Het handhaven van Thailand buiten de landenkring op basis van ‘oncontroleerbaarheid’ is derhalve een feitelijk onjuist standpunt.
4. Dwingende verzoek tot activering van Lid 8
Wij verzoeken dat de bepalingen in Artikel 7.8, achtste lid, van de Wet IB 2001 worden geactiveerd. Lid 8 stelt de regering in staat om bij Algemene Maatregel van Bestuur landen aan te wijzen die tot de landenkring worden toegelaten.
De Minister hoeft enkel een knop maar ‘om te draaien’ om de geconstateerde weeffout te herstellen. Nu Nederland de rol van de woonstaat Thailand overneemt wat betreft de inkomensheffing, is zij juridisch gehouden ook de verplichtingen van de woonstaat (het eerbiedigen van de nulgrens) over te nemen. Thailand kan geen zorgplicht garanderen bij gebrek aan belastbare massa.
Conclusie
De Nederlandse Staat kan niet selectief soevereiniteit uitoefenen: zij kan niet de volledige heffingsmacht opeisen (de lusten) en tegelijkertijd de fundamentele rechtsbescherming van de burger negeren (de lasten).
Wij verzoeken de Commissie dwingend om de ratificatie van dit verdrag uit te stellen, dan wel te voorzien van een bindend addendum, totdat de fiscale nulgrens voor Nederlanders in Thailand onvoorwaardelijk is gegarandeerd via de uitbreiding van de landenkring. Rechtvaardigheid en het respecteren van het bestaansminimum zijn universele beginselen die niet ophouden bij de grens van de Europese Unie.
Hoogachtend,
[Uw Naam / Adresgegevens / Telefoonnummer]
Ingezonden door Ruud B.
Over deze blogger
Lees hier de laatste artikelen
Leven in Thailand12 juli 2026Dagboek van een Thailandganger (deel 41) – de vrouw met die bijzondere oogopslag
Visumvraag12 juli 2026Thailand Immigration vraag Nr 099/26: Nieuw paspoort en TDAC invullen
Gezondheid11 juli 2026Vraag aan huisarts Maarten: lage bloeddruk en medicatie
Visumvraag11 juli 2026Thailand Immigration vraag Nr 097/26: Aanvraag DTV – Soft power variant

Bij deze dan de mailinglist van de Commissie voor Financiën, en namenlijst van per fractie. Zoals ik al meldde zijn er tientallen berichten door de Cie.fin ontvangen. Voor nog meer indruk maken honderden berichten in hun mailbox meer indruk:
Griffie Financiën: cie.fin@tweedekamer.nl
Voorzitter (Chris Jansen): ch.jansen@tweedekamer.nl
Commissieleden:
a.flach@tweedekamer.nl
p.grinwis@tweedekamer.nl
t.vandijck@tweedekamer.nl
e.mulder@tweedekamer.nl
e.vlottes@tweedekamer.nl
j.mooiman@tweedekamer.nl
w.vaneijk@tweedekamer.nl
c.martens@tweedekamer.nl
r.denhollander@tweedekamer.nl
e.vandermaas@tweedekamer.nl
j.sneller@tweedekamer.nl
j.schoonis@tweedekamer.nl
hj.oosterhuis@tweedekamer.nl
s.neijenhuis@tweedekamer.nl
m.mathlouti@tweedekamer.nl
i.vandijk@tweedekamer.nl
j.buhler@tweedekamer.nl
m.vanlanschot@tweedekamer.nl
e.vanark@tweedekamer.nl
h.vermeer@tweedekamer.nl
l.westerveld@tweedekamer.nl
t.vanderlee@tweedekamer.nl
j.bushoff@tweedekamer.nl
l.stultiens@tweedekamer.nl
j.dijk@tweedekamer.nl
c.teunissen@tweedekamer.nl
l.dassen@tweedekamer.nl
d.ergin@tweedekamer.nl
s.ceulemans@tweedekamer.nl
m.hoogeveen@tweedekamer.nl
f.jansen@tweedekamer.nl
j.struijs@tweedekamer.nl
Namenlijst per fractie
SGP: André Flach
ChristenUnie: Pieter Grinwis
PVV: Tony van Dijck, Edgar Mulder, Elmar Vlottes, Jeremy Mooiman, Chris Jansen (voorzitter)
VVD: Wendy van Eijk, Claire Martens-America, Renate den Hollander, Erik van der Maas
D66: Joost Sneller, Jan Schoonis, Henk-Jan Oosterhuis, Stephan Neijenhuis, Mahjoub Mathlouti
CDA: Inge van Dijk, Judith Bühler, Maes van Lanschot, Elles van Ark
BBB: Henk Vermeer
GL-PvdA: Lisa Westerveld, Tom van der Lee, Julian Bushoff, Luc Stultiens
SP: Jimmy Dijk
PvdD: Christine Teunissen
Volt: Laurens Dassen
DENK: Doğukan Ergin
JA21: Simon Ceulemans, Michiel Hoogeveen
FVD: Frederik Jansen
50PLUS: Jan Struijs
Moet u eens uitrekenen hoeveel er bespaard kan worden op deze baantjesja
gers (min. 140k p.j. + wachtgeld) indien deze plucheplakkers allen naar huis gestuurd worden. EZurppa maakt immers de beslissingen.
Wederom een zeer duidelijke uitleg en motivering m.b.t de ongelijke behandeling inzake de belastingen. Hartelijk dank Ruud !! Ik stoor me indeze al jaren aan deze gang van zaken en de brief gaat vandaag nog de deur uit richting de fin.commissie !! Ik hoop dat zij hier iets positiefs mee doen, argumenten genoeg!
Wil deze actie graag ondersteunen, maar ik mis de email adressen.
Gaarne alle email-adressen voor het versturen: Ratificatie Belastingverdrag Nederland-Thailand 2025. De leden van de Vaste Commissie voor Financiën van de Tweede Kamer
En waar vind ik deze e mail adressen?? ben geen computeroloog.
Weer een goed stuk over de gevolgen van het verdrag voor ons in Thailand. De gepensioneerden, bedoel ik dan. Niet diegenen die met 4/8 gewoon in NL ingeschreven staan, en profiteren van alle geneugten en gemakken van zowel in NL als in TH. Zij kunnen het betalen, het is hen gegund, maar misschien van hen ook een woord van solidariteit? Ook ik heb mijn hele leven in NL gewerkt en afgedragen, maar is een sector die niet zo goed was in salarissen en beloningen: de NL-gezondheidszorg. Ik denk dat veel rijkere AOW’ers, die nu met hun pensioen, lijfrente, overwaarde, spaargeld, etc., heen en weer reizen met die sector te maken hebben, en daarom aangewezen willen blijven op zorg in NL. Misschien hadden zij wel met mij te maken. Wie zal het zeggen. Daarom zou een steunbetuiging van hun kant ook zeer op prijs worden gesteld.
Kabinet-Jetten heeft aan het begin ‘pas op de plaats’ gemaakt wat betreft de AOW. De vakbonden/FNV-CNV willen actie als het kabinet plannen tegen de sociale zekerheid niet intrekt. Geld halen van gepensioneerden die na hun hele leven werken in NL besloten hebben hun laatste jaren te slijten in TH kan ook niet aan de orde zijn. Dan dien je dat ook te doen bij gepensioneerden in Oost- of Zuid-Europese landen, waant ook daar is het leven goedkoop. Ik denk dat Roemenië en Bulgarije niet ver onder de marges van Thailand liggen.
Prima stuk wederom. Bedankt.
Ik heb de email verzonden.
Het lijkt me dat ze daar niet meer om heen kunnen, maar je weet het nooit.
We blijven hopen dat het goed komt.
Hr Peter, In Den Haag kunnen ze overal omheen als ze het politiek niet interessant vinden.
Voorbeeld in deze is reeds De Raad van State die het voorstel Belastingverdrag als hamerstuk behandelde en het met een record vaartje als ‘ok’ doorstuurde.
Ze hebben het niet eens bestudeerd.
Email komt terug van Oosterhuis, W van Eijk en T van Dijck.
Ook T. van der Lee en C. Martens.
ik krijg de volgende foutmeldingen:
e.vandermaas
t.vandijk
c.martens
i.vandijk
m.vanlanschot
r.denhollander
f.jansen
hj.oosterhuis
t.vanderlee
ch.jansen
Ik kreeg ook van 2 partijen automatische berichten over de ontvangst.
Ruud,
Van de door jou opgegeven 25 emails aan de leden van de tweede kamer, heb ik er 12 teruggehad ivm onjuist emailadres. Bezit je wellicht nog een update van de adressen. Brief heb ik verstuurd.
De website van Cie.fin is deze: https://www.tweedekamer.nl/kamerleden_en_commissies/commissies/fin
Het algemene mailadres is: cie.fin@tweedekamer.nl. Alle mail komt bij de Griffie van Cie.fin aan.
Leden van Cie.fin met naam en politieke partij, zie:
https://www.tweedekamer.nl/kamerleden_en_commissies/commissies/fin/samenstelling
De leden zijn als volgt per mail te bestoken:
voorletter.achternaam@tweedekamer.nl; voorbeeld: c.jansen@tweedekamer.nl en l.westerveld@rweedekamer.nl, enz.
Klik je op een naam van een lid, krijg je wat meer over die persoon te lezen. Klik je op ‘mail’, dan opent jouw mailaccount.
Klik tevens op: Debat en vergaderingen, vervolgens: Commissievergaderingen →Financiën → Vorige week → 21 mei 2026 → 10:00 uur Procedurevergadering → Besluitenlijst → Punt 29 →
dan lees je dat de brief die destijds door Hans Bos is te berde is gebracht op 24 juni 2016 in een Commissiedebat Fiscaliteit op de agenda is geplaatst. Zie:
https://open.overheid.nl/documenten/fb11e94c-3173-4db5-9af5-0653c04f4e3c/
Er staat NIET dat een voorstel Goedkeuringswet wordt ingediend. Als Cie.fin en de Staatsecretaris daartoe besluiten, dan wordt de hele kwestie over het zomerreces heen getild, en dan zijn er twee mogelijkheden:
1- het verdrag gaat definitief het belastingplan 2027 in; of
2- de Cie.fin geeft de Staatssecretaris opdracht nog eens goed naar de gevolgen te kijken.
Uiteraard is punt 2 het meest te prefereren, en over de gevolgen heb ik meer dan voldoende argumenten in diverse nota’s aangeleverd. Oproep 2 is een uittreksel ervan. Waar het nu om gaat is dat niet tientallen, maar een veelvoud ervan in de mailbox van Cie.fin wordt gedeponeerd. Gemiddeld wordt een inzending van deze serie tussen de 750-800 gelezen: dan kunnen er ook honderden ingestuurd.
Kortom: wil je later na de volle ratificatie door jouw Nederlandse Overheid en de Belastingdienst serieus worden genomen, wil je dat ook naar jouw belangen wordt gekeken, nu en later, zorg er dan voor en stuur in die beide oproepen. Ik hou me ondertussen bezig met het vervolmaken van de volgende 5 inzendingen:
Deel 6 over wat de trend Fiscalisatie van de Sociale Zekerheid voor ons in Thailand in petto heeft,
Deel 7: wat het EU-Hof van Justie bedoelde met het Arrest Schumacker,
Deel 8: hoe de buurlanden van NL omgaan met dat arrest;
Deel 9: hoe we de lobby-clubs met hun mooie websites aan het werk kunnen zetten. en
Deel 10: een slotbetoog plus Oproep 3 over een woonland-correctie van box 3 naar 1.
Met Oproep 1 en een inzending over ‘Mahgreb’ zijn het 12 inzendingen, en zitten we in de eerste week van juli as, het begin van het zomerreces, en het opmaken van een stand van zaken. Kom in actie!
e-mail verzonden. Hartelijk dank Ruud!!
Heden de email met de 2e modelbrief van Ruud B, verzonden.
Ik heb nog een paar persoonlijke noten toegevoegd:
a. Tot nu toe geen inhoudelijke reactie ontvangen op mijn mail van 15 april (1e modelbrief van Ruud B.).
b. Gewezen op het feit dat men in de kamer de mond vol heeft omtrent discriminatie, maar dat de Kamer nu op het punt kan staan om zelf een grote groep eigen Nederlandse staatburgers te gaan discrimineren.
Ik ben benieuwd of men nu wel het fatsoen heeft om wel inhoudelijk te reageren.
Nog even een aanvulling. De namen lijst van Ruud B. is heel goed.
Mochten jullie emails terugkrijgen vanwege een fout emailadres, kijk dan op de site van de 2e kamer en met name in deze link: https://www.tweedekamer.nl/kamerleden_en_commissies/alle_kamerleden
Hier vind je alle correcte emailadressen.
Ruud B. scvhrijft in zijn artikel dat de Griffie hem bertichtte: “Een en ander betekent dat op de berichten die u, en met u vele tientallen andere personen, aan de vaste commissie voor Financiën heeft gestuurd, weliswaar in ontvangst zijn genomen en ter kennis zijn gebracht van de leden van die commissie, vooralsnog geen inhoudelijke reactie zullen krijgen.” Even wachten, aldus!
“.. weliswaar in ontvangst zijn genomen en ter kennis zijn gebracht van de leden van die commissie, ..”
Dit betekent dat ik op de foutmeldingen in mijn mailbox niet hoef te reageren want de leden hebben ze ontvangen.