De overgang naar het nieuwe pensioenstelsel is inmiddels volop bezig. Pensioenfondsen moeten uiterlijk op 1 januari 2028 zijn overgestapt. Daarbij worden bestaande pensioenrechten bij veel fondsen omgezet naar het nieuwe systeem, het zogenoemde invaren.

Op papier ontstaat daardoor meer ruimte om pensioenen te verhogen. Maar het nieuwe stelsel verschuift ook meer beleggingsrisico naar de deelnemers. Dat geldt net zo goed voor iemand die in Nederland woont als voor een gepensioneerde in Hua Hin, Chiang Mai of de Isaan. Alleen kan de laatste daarbovenop nog te maken krijgen met een ongunstige wisselkoers.

Een verhoging bij het invaren is geen gratis geld

Bij de overgang kunnen pensioenfondsen bestaande buffers verdelen. Daardoor kan het pensioen van gepensioneerden in één keer flink stijgen. Bij sommige fondsen gaat het om percentages die rond of zelfs boven de 10 procent liggen.

Dat klinkt aantrekkelijk, zeker wanneer je in Thailand van je Nederlandse pensioen leeft. Toch is het belangrijk om te begrijpen waar die stijging vandaan komt. Het geld zat voor een groot deel al in het pensioenfonds. Onder het oude stelsel moest een deel daarvan als buffer worden aangehouden. Bij het invaren wordt dat vermogen anders verdeeld.

Stel dat je voor het invaren €10.000 pensioen per jaar ontvangt en je pensioen daarna met 10 procent stijgt. Dan krijg je €11.000. Dat is natuurlijk welkom, maar het is geen plotseling ontstaan rendement. Het is deels geld dat eerder binnen het fonds bleef zitten.

Bovendien verschilt de verdeling per pensioenfonds. De ene gepensioneerde kan daardoor een aanzienlijk grotere verhoging krijgen dan de andere, ook al wonen ze allebei al jaren in Thailand.

Het woord indexatie kan verwarrend zijn

Bij het oude pensioenstelsel betekende indexatie meestal dat een pensioen werd verhoogd om de inflatie gedeeltelijk of volledig te compenseren.

In het nieuwe stelsel ligt dat anders. Je pensioen beweegt sterker mee met beleggingsresultaten. Een verhoging is dus niet automatisch een vergoeding voor gestegen prijzen.

Dat onderscheid is belangrijk, zeker als je in Thailand woont. Stel dat je pensioen met 2 procent stijgt, terwijl je dagelijkse kosten in Thailand met 4 procent toenemen. Dan ga je er ondanks de verhoging in koopkracht op achteruit.

Daar komt de wisselkoers nog bij. Een hogere pensioenuitkering in euro’s betekent niet automatisch dat je in Thailand ook meer kunt besteden.

Goed rendement betekent niet dat je het geld meteen krijgt

Een opvallend onderdeel van het nieuwe stelsel is dat pensioenfondsen financiële resultaten mogen spreiden.

Stel dat een resultaat ruimte geeft voor een verhoging van 2,7 procent. Een fonds kan ervoor kiezen die verhoging niet meteen volledig door te voeren, maar over bijvoorbeeld drie jaar te verdelen. Dat vermindert schommelingen, maar heeft ook een nadeel: je krijgt je geld later.

Voor een gepensioneerde maakt dat verschil. Een bedrag dat je in 2027 niet ontvangt, kun je dat jaar ook niet gebruiken voor je huur, zorgverzekering, boodschappen of andere uitgaven in Thailand. Ondertussen kunnen prijzen gewoon verder stijgen.

Spreiding zorgt dus voor rust in de pensioenuitkering, maar die rust heeft een prijs.

Pensioenfondsen kiezen voor voorzichtigheid

Het argument voor spreiding is begrijpelijk. Niemand zit te wachten op een pensioen dat het ene jaar fors stijgt en een jaar later net zo hard wordt verlaagd.

Toch ontstaat daardoor een vreemde tegenstelling. Het nieuwe stelsel is juist bedoeld om pensioenen sneller te laten meebewegen met de financiële resultaten, maar vervolgens worden die resultaten weer over meerdere jaren gladgestreken.

Voor iemand die in Thailand woont en zijn maandelijkse budget nauwkeurig plant, kan dat lastig zijn. Je ziet misschien dat het pensioenfonds een goed jaar heeft gehad, maar dat betekent nog niet dat dat rendement meteen terugkomt in je inkomen.

Daarnaast wordt het steeds moeilijker om te zien waar een verhoging precies uit bestaat. Een deel kan afkomstig zijn uit een eerder jaar, een deel uit het lopende jaar en tegelijkertijd kan een eerdere tegenvaller worden verrekend.

Ook verliezen kunnen worden uitgesmeerd

Bij slechte beleggingsresultaten werkt het systeem andersom. Een verlaging kan eveneens over meerdere jaren worden verdeeld.

Dat is prettig als daardoor een plotselinge forse korting wordt voorkomen. Zeker voor gepensioneerden die van een vast inkomen leven, biedt dat enige bescherming. Maar tegenvallers verdwijnen niet. Ze worden doorgeschoven.

Een toekomstige pensioenverhoging kan daardoor deels worden gebruikt om een eerder verlies te compenseren. Je pensioen stijgt dan op papier, terwijl een deel van die stijging eigenlijk nodig is om een achterstand weg te werken.

Voor iemand die in Thailand vooral kijkt naar het bedrag dat maandelijks in baht beschikbaar komt, is dat verschil niet altijd direct zichtbaar.

De solidariteitsreserve is geen garantie

Bij veel nieuwe pensioenregelingen is daarnaast een solidariteitsreserve opgenomen. Die kan worden gebruikt om bepaalde financiële tegenvallers op te vangen. Dat klinkt geruststellend, maar de reserve is geen onbeperkte garantie tegen pensioenverlagingen.

De reserve moet worden gevuld en kan worden aangesproken. Bovendien bepaalt het pensioenfonds binnen wettelijke grenzen hoe en wanneer die reserve wordt gebruikt.

Dat betekent dat je ook als gepensioneerde in Thailand niet moet rekenen op een volledig stabiele uitkering. De solidariteitsreserve kan schokken dempen, maar sluit dalingen niet uit.

Het nieuwe systeem is niet automatisch beter

Een belangrijk argument voor de nieuwe pensioenwet is dat er minder grote buffers nodig zijn. Daardoor kan meer pensioenvermogen daadwerkelijk terechtkomen bij deelnemers.

Dat is een serieus voordeel. In het oude systeem konden pensioenfondsen er financieel goed voor staan, terwijl de pensioenen jarenlang nauwelijks werden verhoogd. Toch betekent dit niet automatisch dat iedere gepensioneerde erop vooruitgaat.

De uiteindelijke uitkomst hangt af van beleggingsresultaten, de financiële positie bij het invaren, de manier waarop het vermogen wordt verdeeld, de gekozen spreidingsperiode en het beleid rond de solidariteitsreserve.

Voor iemand die in Thailand woont, telt daar nog iets bij: de waarde van de euro tegenover de baht. Daardoor kan eenzelfde pensioenverhoging voor twee gepensioneerden heel anders uitpakken.

Meer rendement betekent ook meer risico

De kern van de hervorming is eenvoudig: pensioenvermogen wordt minder afgeschermd door grote collectieve buffers en gaat sterker meebewegen met de financiële markten. Dat vergroot de kans op verhogingen. Maar ook het risico op verlagingen neemt toe.

Voor werkenden die nog tientallen jaren pensioen opbouwen, kunnen goede en slechte jaren zich over langere tijd uitmiddelen. Voor iemand die al met pensioen is en bijvoorbeeld in Thailand woont, ligt dat anders. Die heeft minder tijd om een slechte periode later weer goed te maken.

Juist daarom is stabiliteit voor gepensioneerden zo belangrijk. Tegelijkertijd is het nieuwe stelsel juist ontworpen om meer rendement door te geven. Die twee doelen botsen soms.

In Thailand telt uiteindelijk de koopkracht in baht

Voor Nederlanders in Thailand is de pensioendiscussie daarom breder dan alleen de vraag hoeveel procent erbij komt.

Je pensioen wordt meestal in euro’s berekend, maar je betaalt je dagelijkse leven in baht. Een verhoging van 3 procent kan tegenvallen als de euro in dezelfde periode 5 procent verzwakt tegenover de Thaise munt.

Het omgekeerde kan ook. Een gelijkblijvend pensioen kan in Thailand meer waard worden als de euro sterker wordt.

Daarom is het verstandig om niet alleen naar de jaarlijkse pensioenbrief te kijken, maar ook naar je werkelijke koopkracht. Wat kun je met je nettopensioen betalen na omzetting in baht? Dat is voor veel Nederlandse pensionado’s in Thailand uiteindelijk belangrijker dan het officiële verhogingspercentage.

Kijk verder dan alleen het mooie percentage

Pensioenfondsen zullen de komende jaren waarschijnlijk regelmatig communiceren over verhogingen, rendementen en de gevolgen van het invaren. Een percentage van 5, 8 of 10 procent klinkt aantrekkelijk. Maar zo’n cijfer vertelt niet het hele verhaal.

Kijk daarom waar de verhoging vandaan komt. Is het geld uit oude buffers? Is het nieuw beleggingsrendement? Wordt een deel pas later uitgekeerd? Zijn eerdere verliezen erin verwerkt? En hoeveel inflatie is er ondertussen geweest?

Voor Nederlanders in Thailand komt daar nog één simpele vraag bij: hoeveel baht levert mijn pensioen daadwerkelijk op?

Pas als je al die elementen samen bekijkt, kun je beoordelen of je pensioen werkelijk meer waard is geworden. Het nieuwe pensioenstelsel biedt meer kans op verhogingen, maar brengt ook meer onzekerheid, meer ingewikkelde verdeelregels en een grotere afhankelijkheid van financiële markten met zich mee.

Voor wie zijn oude dag onder de Thaise zon doorbrengt, blijft daarom één conclusie overeind: kijk niet alleen naar wat je pensioenfonds belooft, maar vooral naar wat er uiteindelijk op je rekening binnenkomt en wat je daar in Thailand nog voor kunt kopen.

Bronnen

  • De Telegraaf – achtergrondartikel over pensioenindexatie onder de Wet toekomst pensioenen.
  • Rijksoverheid – informatie over de overgang naar het nieuwe pensioenstelsel en de Wet toekomst pensioenen.
  • De Nederlandsche Bank – uitleg over het nieuwe pensioenstelsel, pensioenuitkeringen, financiële schokken en reserves.

Over deze blogger

Redactie
Redactie
Dit artikel is geschreven en gecontroleerd door de redactie. De inhoud is gebaseerd op persoonlijke ervaringen, meningen en eigen onderzoek van de auteur. Waar relevant, is er gebruikgemaakt van AI als hulpmiddel bij het schrijven en structureren van teksten. Wij genereren soms ook foto's met AI. Hoewel er zorgvuldig wordt omgegaan met de inhoud, kan niet worden gegarandeerd dat alle informatie volledig, actueel of foutloos is.
De lezer is zelf verantwoordelijk voor het gebruik van de informatie op deze website. De auteur aanvaardt geen aansprakelijkheid voor eventuele schade of gevolgen die voortvloeien uit het gebruik van de geboden informatie.

Laat een reactie achter