Wekenlang houdt de meedogenloze zon het dorp in een absolute wurggreep. De aarde vertoont diepe scheuren en de straathonden liggen apathisch te hijgen in de schaduw. De hitte hangt als een loden deken over de daken. Je snakt wanhopig naar verkoeling, naar een zuchtje wind dat voor de verandering eens niet aanvoelt als de adem van een hete föhn.

Dan verandert de sfeer abrupt. Een onrustige wind blaast het dorre stof op en de horizon kleurt in razend tempo dreigend inktzwart. De vogels staakten onmiddellijk hun gekwetter, als toeschouwers in een verduisterde theaterzaal. Dit is het onmiskenbare startschot van de regentijd, geen kabbelende weersomslag, maar een theatraal spektakel van de bovenste plank.

De opbouw naar de eerste uitbarsting is een meesterwerk van klimatologische spanning. Zware, rommelende donderklappen rollen traag over de heuvels en waarschuwen de dorpelingen dat het dit keer menens is. Overal zie je mensen opeens rennen om haastig wasgoed binnen te halen en wapperende plastic zeilen over hun marktkramen te sjorren. Zelf sta je veilig op je overdekte terras met een mengeling van ontzag en lichte nervositeit te wachten op wat onvermijdelijk komen gaat. De lucht wordt zo onnatuurlijk donker dat de straatverlichting haperend aanspringt, midden op de dag.

En dan valt de allereerste druppel. Het is geen bescheiden spatje, maar een massieve waterbom die met een hoorbare plof uiteenspat op het hete beton. Vlak daarna barst het noodweer definitief los in een oorverdovend geraas. De hemelsluizen gaan wijd open en het water valt niet in druppels, maar in ondoorzichtige, grijze gordijnen naar beneden. Binnen enkele minuten veranderen de droge, stoffige zandwegen in bruisende rivieren van roestbruine modder. Je kijkt gefascineerd toe hoe het exotische landschap gretig elke liter vocht opslurpt na maanden van bijna dodelijke uitdroging.

Precies op dat brute hoogtepunt gebeurt er iets wonderlijks. Zodra de immense hoeveelheden water de verschroeide bodem raken, komt er een specifieke, bedwelmende geur vrij. Je ademt de sterk afgekoelde lucht diep in en sluit onwillekeurig even je ogen. Temidden van deze gewelddadige, luidruchtige wolkbreuk word je geest onverwacht en bliksemsnel gekatapulteerd naar een heel ander, veel stiller decor.

Plotseling sta je in gedachten weer even op een winderig fietspad langs een Hollands kanaal. Je ruikt de zompige herfstbladeren en voelt de aanhoudende, kille motregen die zo kenmerkend is voor het vlakke land dat je ooit achterliet. Het is een ongekend ironische gewaarwording. Jarenlang ben je precies voor dat deprimerende, eindeloze gedruppel op de vlucht geslagen, wanhopig op zoek naar avontuur in de tropenzon. Nu, starend in de kolkende chaos van een Aziatische storm, betrap je jezelf zowaar op een weemoedig verlangen naar dat rimpelloze, grijze vaderland.

De tropische regenbui stopt na een intens halfuur vaak even abrupt als hij begon. Wat overblijft is een druipend, stoomend landschap en een kortstondig moment van westerse zelfreflectie. Soms heb je simpelweg een overweldigende oosterse natuurramp nodig om je stiekem weer even te verzoenen met de milde, oersaaie miezerregen van thuis…

Over deze blogger

Farang Kee Nok
Farang Kee Nok
Mijn leeftijd valt officieel onder de categorie ‘bejaard’. Ik woon al 28 jaar in Thailand, probeer dat maar eens na te doen. Nederland was ooit het paradijs, maar het raakte in verval. Dus ging ik op zoek naar een nieuw paradijs en vond Siam. Of was het andersom en vond Siam mij? Hoe dan ook, we waren elkaar goed gezind.

De ICT zorgde voor een regelmatig inkomen, iets wat jullie ‘werk’ noemen, maar voor mij was het vooral een tijdverdrijf. Schrijven, dat is de echte hobby. Voor Thailandblog pak ik die oude liefde weer op, want na 15 jaar zwoegen verdienen jullie wel wat leesvoer.

Ik begon op Phuket, verhuisde naar Ubon Ratchathani, en na een tussenstop in Pattaya woon ik nu ergens in het noorden, midden in de natuur. Rust roest niet, zeg ik altijd, en dat blijkt te kloppen. Hier, omgeven door het groen, lijkt de tijd stil te staan, maar dat doet het leven gelukkig niet.
Eten, vooral lekker, dat is mijn passie. En wat maakt een avond compleet? Een goed glas whisky en een sigaar. Dan heb je het wel zo’n beetje, vind ik. Proost!

Laat een reactie achter