
Ik dacht altijd dat ik door te emigreren naar de Thaise rijstvelden succesvol was ontsnapt aan de complexe wereldproblematiek. Terwijl de westerse wereld zich doorgaans druk maakt over beurskoersen, handelsverdragen en grondstoftekorten, maak ik me hier hooguit druk over de vraag of de papaja al rijp is. Dat heerlijke, naïeve waanidee werd vandaag echter ruw doorgeprikt toen ik met een paniekerig knipperende brandstofmeter bij het lokale tankstationnetje aankwam.
In plaats van de vertrouwde geur van goedkope benzine en de brede glimlach van de pomphouder, trof ik een verweerd kartonnen bordje aan. Een internationale energiecrisis, aangewakkerd door aanhoudende conflicten in het Midden-Oosten, had doodleuk besloten om mijn middagritje te saboteren. Daar stond ik dan, een zwetende, ietwat zwaarlijvige westerling op een krakend oud brommertje, plotseling volledig overgeleverd aan de onvoorspelbare grillen van de wereldwijde toeleveringsketen.
Normaal gesproken is tanken in mijn dorp een uiterst ontspannen aangelegenheid. Je stopt bij een roestig golfplatenafdakje, wijst naar een oude whiskyfles gevuld met mysterieuze rode vloeistof en voor veertig baht pruttel je weer vrolijk verder. Vandaag was de eigenaar echter nergens te bekennen. De paar glazen flessen die er nog stonden, waren leger dan mijn bankrekening aan het eind van de maand.
Toen de buurman verderop me vrolijk toeriep dat de brandstof door de oorlog daarginds voorlopig op was, voelde ik me even heel klein. Je waant je als expat vaak een onafhankelijke avonturier in de jungle, maar de realiteit is dat mijn mobiliteit honderd procent afhangt van complexe diplomatieke verhoudingen in woestijnen duizenden kilometers verderop. Zonder die aanvoer ben ik gewoon een grote man die in de volle zon naast een stilstaand stuk metaal staat te puffen.
De rit naar huis werd vervolgens een meedogenloze oefening in zelfinzicht en aerodynamica. Mijn Honda heeft een bescheiden 125 cc-motortje dat onder ideale omstandigheden al moeite heeft met mijn westerse welvaartspostuur. Nu het rode reservelampje me dreigend aanstaarde, begon ik uit pure wanhoop mijn rijstijl aan te passen om brandstof te besparen.
Ik dook in een krampachtige racehouding achter mijn spiegeltjes en hield bij elke heuvel mijn adem in, in de absurde veronderstelling dat ik mezelf zo lichter kon maken. Ik voelde me een soort Max Verstappen van de huishoudelijke boodschappen, racend tegen de zwaartekracht en een lege tank. De dorpsbewoners keken me na alsof ik definitief de weg kwijt was, wat gezien mijn zweetproductie en verkrampte houding een volkomen logische conclusie was.
Tegen alle wetten van de natuurkunde in begon ik aan de laatste kilometers. Elke keer als ik het gas losliet, bad ik stilletjes tot de goden van de verbrandingsmotor. Het getuigde van pure ironie: ergens in de wereld werden strategische oliereserves aangesproken in beveiligde bunkers, en ik was hier op het platteland bezig met het micromanagen van een kwart deciliter Euro 95.
Precies op het moment dat ik mijn voorwiel over de rand van mijn erf stuurde, slaakte de motor een rochelende zucht en stierf. Het was een staaltje timing waar een Zwitsers uurwerk jaloers op zou zijn. Ik heb het stuur liefdevol geaaid en mezelf onmiddellijk getrakteerd op een koud drankje om deze onwaarschijnlijke overwinning te vieren.
De wereld staat in brand en we zijn er blijkbaar allemaal onderdeel van, hoe hard je je ook probeert te verstoppen tussen de bananenbomen. Totdat de internationale crisis voorbij is en de olietankers weer ongehinderd varen, blijf ik voorlopig mooi op mijn veranda zitten. Misschien is dit het perfecte moment om toch maar een waterbuffel aan te schaffen voor de ritjes naar de markt; die rijdt tenminste gewoon op gras…
Over deze blogger

-
Mijn leeftijd valt officieel onder de categorie ‘bejaard’. Ik woon al 28 jaar in Thailand, probeer dat maar eens na te doen. Nederland was ooit het paradijs, maar het raakte in verval. Dus ging ik op zoek naar een nieuw paradijs en vond Siam. Of was het andersom en vond Siam mij? Hoe dan ook, we waren elkaar goed gezind.
De ICT zorgde voor een regelmatig inkomen, iets wat jullie ‘werk’ noemen, maar voor mij was het vooral een tijdverdrijf. Schrijven, dat is de echte hobby. Voor Thailandblog pak ik die oude liefde weer op, want na 15 jaar zwoegen verdienen jullie wel wat leesvoer.
Ik begon op Phuket, verhuisde naar Ubon Ratchathani, en na een tussenstop in Pattaya woon ik nu ergens in het noorden, midden in de natuur. Rust roest niet, zeg ik altijd, en dat blijkt te kloppen. Hier, omgeven door het groen, lijkt de tijd stil te staan, maar dat doet het leven gelukkig niet.
Eten, vooral lekker, dat is mijn passie. En wat maakt een avond compleet? Een goed glas whisky en een sigaar. Dan heb je het wel zo’n beetje, vind ik. Proost!
Lees hier de laatste artikelen
Cultuur29 april 2026‘De ongemakkelijke waarheid over de bum gun en westerse hygiëne’
Cultuur22 april 2026‘Waarom ik elke ochtend om zes uur naar het laatste kippennieuws luister’
Cultuur11 april 2026‘De milde regen van de Lanna-geesten: Songkran zonder trauma’
Cultuur3 april 2026‘Waarom ik met een glimlach de hoofdprijs betaal voor een Thaise ananas’

Prachtig. Je dacht te ontsnappen aan de geopolitiek, maar de geopolitiek had gewoon je brommertje als eindbaas gekozen.
Je zit daar tussen de papaja’s, zen te wezen, en ergens beslist een stel mannen in pakken dat jouw Honda vandaag een existentiële crisis doormaakt. Geen raketten, geen sancties… gewoon: “nee, jij loopt.” Dat is globalisering in z’n meest persoonlijke vorm.
En laten we eerlijk zijn: die racehouding was geen brandstofbesparing, dat was een spirituele ervaring. Je bent niet naar huis gereden. Je hebt jezelf naar huis gemediteerd, met een 125cc mantra en een zweetoffer aan de goden van de carburateur.
Dat moment dat je motor exact op je erf het loodje legt? Dat is geen toeval. Dat is Thaise karma met een uitstekend gevoel voor timing. Alsof het universum dacht: “Ik laat ’m nog nét thuiskomen, puur voor het dramatisch effect.”
En nu zit je daar, overpeinzend, met een koud drankje en het besef dat je leven afhangt van olietankers waar je nog nooit van hebt gehoord. Van expat naar voetganger in één geopolitieke ademteug.
Maar die waterbuffel… ik zeg doen.
100% lokaal geproduceerd, volledig duurzaam, en als hij stilvalt, eet hij gewoon even de berm leeg en gaat weer door. Probeer dat maar eens met Euro 95.
Je kunt gewoon ook gewoon elektrisch rijden
Dan nog een zonnepaneel op je dak en je bent van niemand meer afhankelijk zelfs met een brommer
Inderdaad. En er zijn Tuk tuk achtige voertuigen te koop met zonnepanelen op het dak. Even zoeken op internet. Made in Thailand. Zelfs in Nederland heb ik zon ding gezien. De eigenaar, een Indonesiër vertelde mij dat het in de zomer, zelfs in de Nederlandse zomer, praktisch nooit nodig was om hem bij te laden via het stopcontact. Geimporteerd uit Indonesië. Supersnel is het natuurlijk niet, wel goedkoop en milieuvriendelijk en als men het enkel gebruikt voor boodschappen in het dorp of vriendenbezoek een prima ding. Op Thaise you tube of reclame filmpjes laten ze er zelfs een ventilator op draaien en ook gereedschap zoals elektrische boormachines.
Gisteren ben ik hier lokaal,in Pathio, gaan tanken bij een groot tankstatiion. Het was eiegenlijk nog niet echt noodzakelijk, doch eerder uit voorzorg. Ik moet namelijk vandaag toch wel een 100 tal km rijden. Met mijn Toyota tank ik 91. Zoals gwoonlijk: khao nung tem tang khap. Was geen enkel probleem, geen beperking tot 500 THB, gwoon een volle tank en had voor 850 THB.
Zal dus van de regio afhankelijk zijn.
Een groot deel van de Thaise bevolking is de weg kwijt en slaat als dwazen aan het hamsteren.
Beelden vanmorgen op de tv honderden brommers die allemaal een volle tank willen hebben en de jerrycan in het boodschappenrekje graag.
Normaal vinden ze één fles van dertig baht al veel.
Pick-up auto’s, vol graag en als je toch bezig bent ook die vijftien jerrycans van 20 liter stuk vol graag.
Het slaat echt nergens op.
Mijn vrouw mag niet meer als twintig liter per vergunning in het winkeltje hebben voor de verkoop.
Fijne dagen op je veranda, vermoed dat het deze week duidelijk is of ‘wij’ een energie rijke zomer tegemoet gaan of niet.
Heb mijn toekomstige elektrische fiets, Hugdee sport, althans iets wat er op lijkt al uitgekozen, nog even kopen.
En nog even controleren wat voor batterij dat ding heeft.
Oude ook Honda click blijft ‘pruttelen’ na reparatie ook twintig jaar oud, helaas.
Farang Kee Nok jij lijkt mijn vrouw wel, die gaat ook pas tanken als haar brandstof meter i het rood staat.
Ik heb haar al 100 keer verteld dat er dan vuil uit de tank in de motor kan komen maar haar antwoord is altijd ;
Bohr pen yang.
Ken ik.
Het is nooit een probleem …. en op een dag krijg je dan een telefoon dat ze ergens stil staan.
Ik denk dat dit een Thaise Nationale sport is.
Tja het is altijd een ontnuchtering wanneer er een illusie doorprikt wordt.