Je zit om halfnegen op een plastic stoel in het districtskantoor. Nummer 47 in je hand, airco op stand lauwe adem en boven de balie een bord waarop staat dat iedere burger gelijk wordt behandeld. Dan schuiven de deuren open en verschijnt een man in uniform met genoeg lintjes om een middelgrote kerstboom te versieren.

Nummer 47 bestaat niet meer.

De ambtenaren veren overeind. Ruggen buigen. Glimlachen breken open. Een stoel met armleuningen wordt aangesleept, koffie verschijnt uit het niets en jouw formulier kan plotseling uitstekend nog drie kwartier wachten.

Iedereen is gelijk.

Alleen hij iets eerder.

Thailand kent een prachtige maatschappelijke orde. Bovenaan staat degene met de hoogste functie. Daaronder degene met het duurste uniform. Dan de oudste, de rijkste, de man met de grootste auto en de vrouw die iemand kent die bij de overheid werkt. Helemaal onderaan bungelt de gewone burger met een volgnummer, drie kopieën en de verkeerde kleur pen.

Dat heet respect.

In Nederland noemen we het voordringen.

Het begint al thuis. De oudste oom hoeft geen gelijk te hebben. Hij is gelijk. Hij kan beweren dat knoflook hoge bloeddruk veroorzaakt, dat de maan regen maakt en dat je met whisky dengue voorkomt. Niemand spreekt hem tegen. Zijn leeftijd heeft hem veranderd in een wandelende grondwet met slippers.

De jongeren knikken.

Niet omdat ze hem geloven, maar omdat ze graag willen blijven eten.

Op kantoor wordt het nog mooier. Daar krijgt ieder mens een titel, want zonder titel bestaat hij vermoedelijk niet. Meneer de directeur, dokter, leraar, kolonel, kamnan, hoofd van de afdeling reservepaperclips. Hoe langer de aanspreektitel, hoe kleiner de kans dat iemand hem vertelt dat zijn plan krankzinnig is.

Zo ontstaat beleid.

Een zaal vol ondergeschikten kijkt naar een PowerPoint waarop een leidinggevende uitlegt dat water voortaan omhoog moet stromen. Iedereen noteert ernstig. Eén man durft voorzichtig te vragen of zwaartekracht misschien een rol speelt. Zijn carrière stroomt daarna wel naar beneden.

Gezichtsverlies is immers erger dan mislukking.

Een fout mag miljoenen kosten, zolang niemand de belangrijkste man dwingt toe te geven dat hij een fout maakte. Dus heet de ramp een proefproject. De vertraging wordt zorgvuldigheid. De lege kas is een administratieve uitdaging. En de bestuurder wijst glimlachend naar een grafiek die zo hard stijgt dat zelfs de cijfers willen emigreren.

Uniformen helpen daarbij enorm. Trek een Thai een officieel jasje aan en hij groeit ter plekke vijf centimeter. Geef hem epauletten en hij krijgt er nog tien bij. Hang er medailles onder en zelfs zijn parkeerplaats wordt staatsbelang.

De slag bij het kopieerapparaat moet zwaar zijn geweest.

Ook geld heeft een bijzonder opvoedkundig effect. De rijke zakenman die te laat komt, heeft een volle agenda. De arme werknemer die te laat komt, heeft geen discipline. De eerste spreekt hard, omdat hij leiderschap toont. De tweede spreekt hard, omdat hij zijn plaats niet kent.

Iedereen weet die plaats trouwens precies. Aan de tafel, in de auto, op de familiefoto en tijdens het diner. De hoogste persoon krijgt de beste stoel, het eerste bord en de meeste stilte wanneer hij praat. Zelfs wanneer hij niets zegt, wordt er aandachtig geluisterd.

Je kunt daarover lachen. Wij Nederlanders doen dat graag, liefst terwijl we zelf controleren wie er doctorandus voor zijn naam heeft staan en wie bij de golfclub voorrang krijgt. Alleen verpakken wij onze rangorde in functiebeschrijvingen en inclusieve vergaderingen. Thailand trekt er gewoon een uniform voor aan.

Onder al dat buigen zit geen domheid, maar angst. Angst om werk, bescherming, kansen of familiehulp kwijt te raken. Wie lager staat, leert vroeg dat de waarheid minder waard is dan de juiste relatie.

Dus buigt men.

En wie lang genoeg wordt toegebogen, gaat vanzelf geloven dat hij groter is.

In Thailand is iedereen gelijk, maar sommigen hebben een betere stoel.

Over deze blogger

De Expat
De Expat
De Expat (66) woont al 17 jaar in Pattaya en geniet van elke dag in het land van melk en honing! Vroeger werkzaam in de wegen en waterbouw, maar het grillige weer in Nederland ontvlucht. Woont hier met zijn Thaise vriendin en twee honden net buiten Pattaya, op 3 minuten loopafstand van het strand. Hobby's: genieten, uitgaan, sporten en met vrienden filosoferen over voetbal, Formule 1 en politiek.

1 reactie op “Column – Iedereen is gelijk zolang de Thai met het grootste uniform eerst mag zitten”

  1. Fred zegt op

    geweldige post, opnieuw.
    alleen geldt dit niet voor een farang.
    lees dit nog maar es terug:
    https://www.thailandblog.nl/cultuur/korte-verhalen/hoe-mijn-wachtwoordbeveiliging-verloor-van-een-nieuwsgierig-neefje/

    0

Laat een reactie achter