
De tweede oorbel van Ploy lag nog steeds op mijn nachtkastje toen mijn dochter vroeg of ik soms mijn verstand in Nederland had achtergelaten. Ze zei het niet boos. Haar gezicht op mijn telefoonscherm stond vooral bezorgd, wat bij mij meestal harder aankomt. Tegen boosheid kan ik me verdedigen. Bezorgdheid vraagt om een uitleg, en juist daaraan begon het me te ontbreken.
We belden op zondagmiddag, voor haar nog ochtend. Op de achtergrond hoorde ik een koffieapparaat en af en toe liep iemand door haar keuken. Mijn dochter wist al dat ik Ploy had ontmoet, maar nog niet dat Ploy getrouwd was, een dochter had en pas kortgeleden bij Krit was weggegaan. Over de verdwenen betalingen, de brommer en de verhuizing had ik haar helemaal niets verteld. Ik had gezegd dat het ingewikkeld lag, een uitdrukking die handig is wanneer je niet wilt toegeven dat je zelf inmiddels onderdeel van de ingewikkeldheid bent.
Die ochtend besloot ik het hele verhaal te vertellen. Ik begon bij onze eerste ontmoeting en eindigde bij de avond waarop Ploy in mijn bed was beland. De volgorde klopte, maar ik merkte dat ik sommige gebeurtenissen vriendelijker formuleerde dan ze waren. Krit had niet zomaar geld nodig gehad; hij had mij om 68.400 baht gevraagd. Ploy woonde niet alleen apart; haar huwelijk bestond officieel nog. Bovendien had haar dochter laten weten dat ze Krit niet uit haar leven wilde laten verdwijnen.
Mijn dochter onderbrak me nauwelijks. Ze vroeg alleen of Ploy zelf over een scheiding had gesproken en of er al iets officieel was geregeld. Op beide vragen moest ik ontkennend antwoorden. Ploy wilde bij Krit weg, maar tussen iets willen en het juridisch uitvoeren kan in Thailand een flinke afstand liggen. Zeker wanneer geld, familie en gekrenkte trots samen in dezelfde auto zitten.
‘Pa, ze is nog gewoon getrouwd.’
Daarmee vatte mijn dochter in zeven woorden samen waar ik de afgelopen weken steeds langere verhalen voor nodig had.
Volgens haar ging het niet alleen om goed of fout. Ze begreep dat gevoelens zich weinig aantrekken van een huwelijksregister en ze vond ook niet dat Ploy automatisch onbetrouwbaar was. Toch vond ze dat ik mezelf in een positie had gebracht waarin niemand duidelijk wist welke rol ik speelde. Als Krit en Ploy zich zouden verzoenen, bleef ik met mijn gevoelens achter. Wanneer ze werkelijk gingen scheiden, kon ik alsnog midden in de nasleep terechtkomen. En zolang er niets beslist was, hield ik iets gaande met een vrouw die officieel bij iemand anders hoorde.
Ik zei dat het in Thailand soms anders werkte. Daar kreeg ik vrijwel direct spijt van. Het was een zwak argument, want geheimhouding, twijfel en een onvoltooid huwelijk zijn niet typisch Thais. Mensen maken overal ter wereld een rommeltje van hun relaties. In Nederland gebeurt het alleen vaker met een gezamenlijke hypotheek en een elektrische bakfiets erbij.
Mijn dochter vroeg wat ik een vriend zou adviseren die hetzelfde verhaal vertelde. Dat vond ik een oneerlijke vraag, vooral omdat ik het antwoord meteen wist. Ik zou hem aanraden afstand te nemen totdat de vrouw haar huwelijk werkelijk had beëindigd en haar eigen problemen had geregeld. Daarna kon hij altijd opnieuw kijken wat er tussen hen overbleef.
Voor mezelf had ik kennelijk soepelere regels.
Na het gesprek liet ik de oorbel op het nachtkastje liggen en ging ik naar buiten. Ik liep langs Jomtien Beach richting Dongtan, hoewel het midden op de dag te warm was voor een wandeling. Op het strand stonden verkopers hun parasols rechter te zetten en bij de waterlijn probeerde een jongen een opblaasbare krokodil tegen de wind in te dragen. De krokodil won bijna.
Onderweg dacht ik niet alleen aan wat mijn dochter had gezegd, maar ook aan de avond met Ploy. Zonder Krit, Fah en het geld was het gemakkelijk tussen ons geweest. Ze had gelachen, gedanst en met haar hoofd tegen mijn schouder gelegen. De volgende ochtend had ik haar niet willen wegsturen. Dat gevoel was echt geweest en ik wilde het niet kleiner maken, omdat de omstandigheden mij slecht uitkwamen.
Toch veranderde die nacht niets aan de feiten. Ploy was nog steeds getrouwd en haar leven draaide nog altijd voor een deel om Krit. Zelfs wanneer ze boos op hem was, bepaalde hij waarover ze sprak, waarom ze verhuisde en wanneer haar dochter overstuur raakte. Ik kon mezelf vertellen dat ik alleen van Ploy hield, maar voorlopig kreeg ik Krit er iedere dag gratis bij.
Diezelfde middag stuurde ik mijn Vlaamse vriend een bericht. Hij stelde voor elkaar de volgende ochtend te ontmoeten bij een koffiezaak aan de rand van de ochtendmarkt. Toen ik aankwam, zat hij al aan een tafeltje met een krant, een espresso en een bord waarop een droge croissant lag. Hij beweerde dat hij hem niet had besteld, maar het personeel bleef hem neerzetten. Volgens hem was dat in Thailand voldoende om op den duur eigenaar te worden.
Ik vertelde over het gesprek met mijn dochter. Ook gaf ik toe dat Ploy bij mij had geslapen. Hij reageerde nauwelijks verrast. Blijkbaar had mijn eerdere verhaal al genoeg aanwijzingen bevat en was ik de enige die de afloop nog als onverwacht beschouwde.
Mijn vriend wilde vooral weten of Ploy inmiddels een scheiding had aangevraagd. Toen ik zei dat dit niet zo was, legde hij zijn krant weg. Hij vond dat ik ophield een buitenstaander te zijn zodra ik met haar naar bed ging. Vanaf dat moment kon ik niet langer doen alsof Krits huwelijk uitsluitend een familieprobleem was.
Dat vond ik streng. Ik wees erop dat Ploy zelfstandig was, zelf haar kamer betaalde en geen geld van mij had gevraagd. Bovendien was haar relatie met Krit volgens haar voorbij.
Mijn Vlaamse vriend luisterde en nam daarna een slok koffie. Vervolgens zei hij dat ik Ploy verdedigde tegen een beschuldiging die hij helemaal niet had geuit. Hij noemde haar geen slechte vrouw. Het probleem was volgens hem dat ik opnieuw probeerde vast te stellen of zij betrouwbaar was, terwijl ik eigenlijk moest beslissen of de situatie goed voor mij was.
Daar had hij een punt. Een irritant goed punt.
Het duurde nog bijna een uur voordat ik hardop zei dat ik ermee wilde stoppen. Niet omdat ik niets voor Ploy voelde, maar juist omdat dat gevoel sterker werd. Hoe langer ik bleef, hoe moeilijker het zou worden om nog zonder schade weg te gaan. Eerst moest zij haar huwelijk afhandelen, duidelijkheid scheppen met Krit en rust brengen voor Fah. Wanneer we elkaar daarna nog steeds wilden zien, kon dat altijd.
Mijn vriend knikte, maar feliciteerde me niet met mijn inzicht. Daarvoor kende hij mij te goed.
‘Ge moet het haar nog wel vertellen.’
Op weg naar huis begon ik een bericht aan Ploy te schrijven. Ik maakte drie versies. De eerste klonk zo zakelijk dat hij ook geschikt was geweest om een internetabonnement op te zeggen. De tweede was te lang en bevatte al na vier regels meer uitleg dan een beslissing nodig heeft. In de derde schreef ik alleen dat ik met haar wilde praten.
Die laatste versie bleef in het invoerveld staan.
Ploy werkte die dag tot drie uur en zou daarna haar dochter ophalen. Het leek me niet verstandig om haar vlak voor haar dienst met een zwaar gesprek op te zadelen. ’s Avonds kon evenmin, want Fah was dan bij haar. De volgende ochtend begon Ploy om half zes en daarna moest ze met de eigenares van de wasserette over de elektriciteitsrekening praten. Iedere reden om te wachten klonk op zichzelf redelijk. Samen vormden ze vooral uitstel.
Het juiste moment bestond kennelijk uit een lege agenda, een uitgeruste Ploy en een dag waarop niemand in Buriram ruzie maakte. Ik had inmiddels genoeg van haar leven gezien om te weten dat die combinatie zeldzamer was dan een bahttaxi die uit zichzelf stopte waar je hem nodig had.
Die avond stuurde Ploy een foto vanuit haar hotel. Ze stond naast twee collega’s achter het ontbijtbuffet en droeg haar witte blouse. Haar haar zat strak naar achteren en ze keek trots, maar ook vermoeid. Onder de foto schreef ze dat haar leidinggevende haar misschien meer uren wilde geven. Daarna vroeg ze wanneer ze haar oorbel kon ophalen.
Ik antwoordde dat ik hem goed bewaarde en dat we elkaar snel moesten spreken.
Ploy stuurde een hartje terug.
Opnieuw voelde ik hoe lastig het was om een punt te zetten achter iets wat voor de ander misschien nog maar net begonnen was. Ze wist niets van mijn besluit. Voor haar was onze nacht waarschijnlijk geen afscheid geweest, maar een volgende stap. Dat maakte mijn stilzwijgen minder vriendelijk dan ik het zelf probeerde voor te stellen.
Toch vertelde ik het haar niet.
De dagen daarna hield ik wat meer afstand. Wanneer Ploy een bericht stuurde, antwoordde ik later dan normaal. Ik vroeg niet naar Krit en bood geen hulp aan met de eetkar. Dat laatste kostte moeite, want ze had inmiddels een tweedehands exemplaar gevonden voor 18.000 baht en stuurde mij zes foto’s. Op één daarvan ontbrak een wiel. Ploy vond dat geen groot probleem. Volgens de verkoper was het wiel ergens in zijn opslag en volgens Ploy betekende dat bijna hetzelfde als aanwezig.
Ik schreef alleen dat ze goed moest controleren of alle onderdelen erbij zaten. Daarna legde ik mijn telefoon weg voordat ik alsnog een volledige aankoopkeuring kon aanbieden.
Ondertussen appte Bram steeds vaker over zijn komst. Hij had een hotel in Pattaya geboekt, hoewel ik had aangeboden dat hij een paar nachten bij mij kon blijven. Bram vond dat vrienden elkaar beter konden waarderen wanneer ze niet dezelfde badkamer deelden. Hij stuurde een lijst met plaatsen waar hij heen wilde, waaronder een paar bars die volgens mij vooral bekend waren omdat niemand zich de volgende ochtend precies herinnerde er geweest te zijn.
Het vooruitzicht van zijn bezoek deed me goed. Met Bram hoefde ik niets op te lossen. We konden eten, drinken, lachen en veel te laat naar huis gaan. Hij had al aangekondigd dat hij minstens één avond flink wilde doorzakken en dat ik mij niet achter mijn leeftijd mocht verschuilen. Volgens hem waren zevenenzestigjarige knieën prima geschikt voor een bar, zolang niemand verwachtte dat ze ook gingen dansen.
Ik kreeg er steeds meer zin in. Niet alleen in het uitgaan, maar vooral in een paar dagen waarin mijn telefoon geen bedragen uit Buriram, verdwenen brommers of familieruzies zou brengen. Bram kende mijn zwakke plekken en maakte daar grappen over, maar hij verwachtte niet dat ik zijn leven regelde. Hooguit dat ik wist waar we konden eten en hoe laat de laatste bahttaxi reed.
Misschien wilde ik terug naar de vrijheid waarvoor ik ooit naar Thailand was gekomen. Dat klonk aantrekkelijker dan toegeven dat ik bang was geworden voor de verantwoordelijkheid die bij Ploy hoorde. Vrijheid is bovendien een mooi woord. Zelfs wanneer je er eigenlijk mee bedoelt dat je zonder uitleg een avond te veel wilt drinken met een oude vriend.
Drie dagen na mijn besluit lag Ploys oorbel nog altijd op het nachtkastje. Ik had hem in een klein envelopje gedaan, zodat hij niet opnieuw tussen de lakens kon verdwijnen. Het bericht waarin ik om een gesprek vroeg, stond nog steeds ongestuurd op mijn telefoon.
Ploy schreef die avond dat ze zondag vrij was. Fah ging naar Suda en daarom konden wij volgens haar eindelijk weer samen zijn. Ze stelde voor om eten mee te nemen en bij mij te blijven slapen.
Vrijwel tegelijk kwam er een bericht van Bram. Nog twaalf dagen, schreef hij. Daarna gingen we Pattaya laten zien dat twee mannen op leeftijd zich nog uitstekend onverstandig konden gedragen.
Ik las beide berichten een paar keer. Op het nachtkastje lag de oorbel die ik aan Ploy moest teruggeven. In mijn telefoon stond het besluit dat ik haar nog altijd niet had verteld.
Zondag leek ineens het juiste moment.
Alleen wist Ploy dat nog niet.
Wordt vervolgd.
Ingezonden door Nico

