
Je kent het geluid waarschijnlijk. Kwart over zes, nog donker, en aan het begin van de soi staat een pick-up met bankjes en een zeil erover. Er stappen zeven, acht kinderen in. De chauffeur krijgt aan het eind van de maand een paar honderd baht per kind, contant, zonder bonnetje.
Voor de meeste gezinnen is dat een vervelende, maar te dragen post. Voor de armste gezinnen is het de reden dat een kind na de basisschool stopt. Het onderwijs zelf is gratis, de weg ernaartoe niet, en daar ligt in de praktijk de scheidslijn tussen wie doorleert en wie niet.
Wat de staat betaalt en waar de rekening ophoudt
Sinds 2009 subsidieert de overheid vijf posten: lesgeld, boeken, leermiddelen, uniformen en schoolactiviteiten. Vervoer staat er niet bij. De lunch van middelbare scholieren evenmin. Scholen mogen 22 soorten bijdragen officieel niet meer vragen, maar ouders betalen nog steeds voor airco, extra lessen en buitenlandse docenten.
Dat gat is te becijferen. De Universiteit van de Thaise Kamer van Koophandel ondervroeg eind april 1250 ouders en kwam uit op een tekort van bijna 5000 baht per jaar tussen wat de staat bijdraagt en wat een gezin met een laag inkomen echt kwijt is. De twee grootste posten in dat gat zijn vervoer, 2.682 baht (zo’n 70 euro), en eten, 2.574 baht. Vier op de vijf ouders zeiden dat de rit naar school duurder was geworden door de brandstofprijs. Ruim een kwart had het geld niet en leende het: bij een bank, bij familie, of bij de pandjesbaas. Het ministerie kwam dit jaar met verlichting die vooral symbolisch aandoet, zoals de mededeling dat een scout voortaan genoeg heeft aan een sjaaltje en een hoedje in plaats van het hele pak.
Wat een rit werkelijk kost
Landelijk gemiddeld gaat het om iets meer dan dertien baht per schooldag. Dat gemiddelde verbergt twee heel verschillende kinderen: het kind dat naar de school aan het eind van de straat loopt, en het kind dat het district door moet. Voor die tweede groep loopt het hard op. In gebieden waar scholen zijn samengevoegd, houden onderwijzers het op meer dan honderd baht per dag aan reizen, ongeveer 2,60 euro. Elke dag, per kind. Migrantengezinnen die dagloon verdienen, rond de 150 baht, betalen voor de eenvoudigste dorpsrit al zo’n 500 baht per maand.
Zet dat naast wat er binnenkomt. Een kind komt in aanmerking voor de armoedebeurs als het inkomen per gezinslid onder de 3000 baht per maand ligt. In de armste groep die het onderwijsfonds EEF volgt, ging het om ongeveer 1000 baht per persoon per maand. De directeur van dat fonds rekende dit voorjaar voor dat het armste tiende deel van de bevolking nog altijd rond de 10.000 baht per jaar per kind aan school kwijt is, en dat het rijkste tiende deel zeven en een half keer zo veel uitgeeft. Voor een arm gezin komt de rekening van uniformen, eten en vervoer samen neer op ruim 9000 baht per semester, ongeveer twee maandinkomens.
Waar geen busje rijdt
Ruim vijftienduizend van de zo’n dertigduizend staatsscholen hebben minder dan 120 leerlingen. Het beleid is al jaren om die scholen samen te voegen met een grotere school binnen zes kilometer, met een uitzondering voor een paar duizend scholen op eilanden en in de bergen waar dat gewoon niet kan. De vergoeding voor kinderen die na zo’n fusie verder moeten reizen, staat volgens een verkiezingsprogramma van de oppositiepartij Prachachon al meer dan tien jaar op tien tot twintig baht per dag, afhankelijk van de afstand. Dezelfde partij wil dat bedrag vervangen door echte schoolbusjes.
In Mae Hong Son zie je wat afstand doet. De meeste dorpen hebben een basisschool binnen tien kilometer, maar de middelbare scholen staan in de grotere plaatsen, tot vijftig kilometer verderop. Van de Karen-kinderen zit ongeveer de helft op de basisschool, tegenover bijna negentig procent landelijk, en maar één op de vier maakt het voortgezet onderwijs af. Ouders houden hun dochters het vaakst thuis, omdat lopen over die wegen niet veilig is. Een Britse stichting rijdt er met achttien busjes voor 415 kinderen uit dertig dorpen naar tien scholen. Wie ook dat niet haalt, gaat intern wonen; daar heeft de staat wel een aparte pot voor, want een kind dat in het schoolinternaat slaapt, moet ook eten.
De goedkoopste rit is de gevaarlijkste
Het Department of Land Transport telt zo’n 3342 voertuigen die officieel als schoolvervoer geregistreerd staan. De dienst schat dat er meer dan 45.000 rondrijden zonder die registratie, met ruim een half miljoen kinderen aan boord. In 2024 gingen er veertig ongelukken met schoolvervoer gepaard met tien doden. In de eerste twee maanden van 2025 stonden er alweer zes incidenten in de boeken met meer dan zestig gewonde leerlingen. Sinds mei van dit jaar controleert de overheid strenger op remmen, is er een landelijke database voor schoolvervoer en wordt gps aangemoedigd.
Wie het busje niet kan betalen, stuurt het kind op de motor. En daar zit de bittere logica van deze rekening: de goedkoopste optie is ook de dodelijkste. Thailand telde in 2023, 17.498 verkeersdoden, gemiddeld 48 per dag, waarvan er tien in de leeftijdsgroep tot 24 jaar vielen. Onderzoek naar dodelijke motorongelukken bij kinderen onder de vijftien laat een piek zien tussen drie en acht uur ’s middags, precies na schooltijd, en de grootste groep slachtoffers zijn jongens van tien tot veertien. Ruim negentig procent van de verongelukten droeg geen helm.
Wat 4200 baht per jaar wel en niet oplost
De armoedebeurs van het EEF ging dit schooljaar omhoog naar 4200 baht per kind per jaar, van 1600 baht bij de start in 2018. Scholen mogen dat geld contant aan de leerling geven of er gezamenlijk vervoer van inkopen, en het kind moet minstens 85 procent van de lessen bijwonen. Vorig jaar kregen ongeveer 800.000 leerlingen zo’n beurs.
Reken het om en je ziet het probleem. Over een schooljaar van zo’n tweehonderd dagen is 4200 baht ruim twintig baht per dag. Dat is één ritje, niet twee. Voor het kind in het dorp met een school om de hoek is het echt geld. Voor het kind dat het district door moet, dekt het minder dan een kwart van de rekening. Dat de teller van kinderen buiten het onderwijs intussen daalde van 1,02 miljoen in 2023 naar iets meer dan 600.000 nu, is knap werk van scholen en vrijwilligers. Maar zolang vervoer geen onderdeel is van wat “gratis” heet, blijft de afstand tot de dichtstbijzijnde school een stille inkomenstoets.
De pick-up staat er morgen weer, kwart over zes, met dezelfde bankjes. Wie betaald heeft, stapt in. Wie dat niet kon, staat er niet, en verschijnt ook nergens in de cijfers over gratis onderwijs. Die cijfers gaan over lesgeld. De rit ernaartoe is een privézaak gebleven.
Bronnen: Nation Thailand, Bangkok Post, Thai PBS, Equitable Education Fund, Department of Land Transport, Karen Hilltribes Trust
Over deze blogger

-
Dit artikel is geschreven en gecontroleerd door de redactie. De inhoud is gebaseerd op persoonlijke ervaringen, meningen en eigen onderzoek van de auteur. Waar relevant, is er gebruikgemaakt van AI als hulpmiddel bij het schrijven en structureren van teksten. Wij genereren soms ook foto's met AI. Hoewel er zorgvuldig wordt omgegaan met de inhoud, kan niet worden gegarandeerd dat alle informatie volledig, actueel of foutloos is.
De lezer is zelf verantwoordelijk voor het gebruik van de informatie op deze website. De auteur aanvaardt geen aansprakelijkheid voor eventuele schade of gevolgen die voortvloeien uit het gebruik van de geboden informatie.
Lees hier de laatste artikelen
Vliegtickets27 juli 2026Geweigerd bij het inchecken of aan de gate naar Bangkok om je paspoort of ontbrekende uitreisticket: wie betaalt de schade?
Belasting Nederland27 juli 2026Waarom er soms te veel van je Nederlandse pensioen afgaat als je in Thailand woont
Reisadvies27 juli 2026Calamiteitenfonds laat reizigers via Midden-Oosten volgens schema terugvliegen
Kort nieuws27 juli 2026Thailand nieuwsoverzicht maandag 27 juli 2026
