Voor Nederlandse huishoudens als geheel is het beeld weinig rooskleurig. Het CPB verwacht voor 2026 nog slechts 0,6 procent koopkrachtgroei. Eerder werd gerekend op 1,4 procent. In 2027 volgt naar verwachting een daling van 0,3 procent. Hogere energie- en brandstofprijzen en zwaardere belastingen drukken dan steeds harder op het huishoudbudget.

Gepensioneerden vormen een opvallende uitzondering. Maar hun plus van 1,1 procent in 2026 is voor een belangrijk deel het gevolg van de overgang naar het nieuwe pensioenstelsel. Bij het omzetten van bestaande pensioenen kunnen uitkeringen een extra verhoging krijgen.

Dat is prettig voor wie het geld ontvangt, maar het maakt de vergelijking met werkenden ook scheef. Een incidentele verhoging wordt in het koopkrachtplaatje zichtbaar als vooruitgang, terwijl het geen garantie biedt dat het pensioen daarna ieder jaar even hard blijft stijgen.

Jarenlange achterstand verdwijnt niet door één goed jaar

De jubelstemming wordt nog twijfelachtiger wanneer je verder terugkijkt. CBS-onderzoek laat zien dat pensioenhuishoudens over een veel langere periode duidelijk achterbleven bij werknemers. Tussen 1989 en 2022 steeg de koopkracht van werknemers met 112 procent. Bij huishoudens die vooral van pensioen leefden, was nauwelijks sprake van vooruitgang.

Vooral gepensioneerden met een behoorlijk aanvullend pensioen kregen het zwaar te verduren. Wie tussen 2011 en 2022 maandelijks 2.000 tot 3.000 euro aanvullend inkomen ontving, verloor volgens het CBS 7,5 procent aan koopkracht. Bij meer dan 3.000 euro aanvullend pensioen bedroeg het verlies zelfs 10,9 procent.

Een plus van 1,1 procent klinkt tegen die achtergrond minder als rijkdom en meer als achterstallig onderhoud.

Gemiddelde cijfers zeggen weinig over je eigen portemonnee

Daar komt nog iets bij. Een koopkrachtcijfer voor gepensioneerden is geen garantie voor iedere gepensioneerde. Pensioenfondsen varen op verschillende momenten in en verdelen hun vermogen op verschillende manieren. Per 1 juli 2026 waren 38 pensioenfondsen en vier pensioenkringen overgestapt. Ruim honderd fondsen moesten toen nog volgen.

De verschillen tussen ouderen kunnen daardoor aanzienlijk zijn. De ene gepensioneerde krijgt een stevige verhoging, terwijl een ander bij een fonds zit dat pas later overstapt of minder ruimte heeft om de uitkering te verhogen.

Het CPB werkt bovendien met een representatieve steekproef van huishoudens. Zo’n mediaan cijfer is nuttig voor economisch beleid, maar het vertelt niet wat er op jouw bankrekening gebeurt.

Voor pensionado’s in Thailand is het cijfer nog betrekkelijker

Voor Nederlanders die in Thailand wonen, is voorzichtigheid helemaal verstandig. Hun dagelijkse kosten worden grotendeels in baht betaald, terwijl AOW en aanvullend pensioen meestal in euro’s binnenkomen. De wisselkoers kan daardoor meer invloed hebben op hun werkelijke besteedbare inkomen dan enkele tienden procent koopkrachtwinst in Nederland.

Ook hun uitgavenpatroon wijkt af. Nederlandse energieprijzen, huren en veel toeslagen zeggen weinig over iemand die in Hua Hin, Pattaya of Chiang Mai woont. Zorgkosten, verzekeringen, huisvesting en de koers van de baht kunnen daar een heel andere ontwikkeling laten zien.

Een Nederlandse CPB-plus van 1,1 procent betekent voor een pensionado in Thailand dus niet automatisch dat hij daar ook 1,1 procent meer kan kopen.

De pensioenwinnaar bestaat vooral op papier

Gepensioneerden komen in de koopkrachtplaatjes van 2026 en 2027 gunstig uit de bus. Dat mag best worden vastgesteld. Maar de suggestie dat ouderen plotseling de financiële winnaars zijn, gaat te ver.

Een deel van de winst ontstaat door de eenmalige overgang naar het nieuwe pensioenstelsel en volgt op een lange periode waarin veel aanvullende pensioenen de prijsstijgingen niet konden bijhouden. Wie alleen naar 2026 kijkt, ziet de plus. Wie verder terugkijkt, ziet vooral hoeveel er nog moet worden ingehaald.

Bronnen

Over deze blogger

Redactie
Redactie
Dit artikel is geschreven en gecontroleerd door de redactie. De inhoud is gebaseerd op persoonlijke ervaringen, meningen en eigen onderzoek van de auteur. Waar relevant, is er gebruikgemaakt van AI als hulpmiddel bij het schrijven en structureren van teksten. Wij genereren soms ook foto's met AI. Hoewel er zorgvuldig wordt omgegaan met de inhoud, kan niet worden gegarandeerd dat alle informatie volledig, actueel of foutloos is.
De lezer is zelf verantwoordelijk voor het gebruik van de informatie op deze website. De auteur aanvaardt geen aansprakelijkheid voor eventuele schade of gevolgen die voortvloeien uit het gebruik van de geboden informatie.

Laat een reactie achter