Column – Het onvermijdelijke verval van de bejaarde tropenwesterling op een digitaal dorpsplein: Facebook

Je kent het treurige patroon ongetwijfeld. Je zit zwetend op een plastic stoeltje in Naklua terwijl de meedogenloze luchtvochtigheid je laatste restje levenslust verdampt. Buiten raast het roekeloze Thaise verkeer genadeloos door. Binnen staar je gehypnotiseerd naar een oplichtend schermpje. Het vormt jouw venster naar een grijze wereld die je eigenlijk al decennia geleden bewust achterliet. Toch kun je het simpelweg niet definitief loslaten.
Dit digitale tranendal met de naam Facebook biedt precies wat het kwetsbare expatbestaan genadeloos ontbeert. Je zoekt wanhopig naar herkenning en een sprankje betekenis. Jouw hoogbejaarde lotgenoten delen daar onscherpe foto’s van een eenzame pad thai. Ze klagen luidkeels over de teleurstellende wisselkoers van de euro. Dat is hun wanhopige schreeuw om aandacht. Ik besta nog en mijn mening telt zogenaamd onverminderd mee.
Het bedrieglijke gebruiksgemak van dit antieke platform sluit perfect aan bij een generatie met chronische koudwatervrees voor vernieuwing. Je hoeft geen flitsende video’s in elkaar te knutselen. Je vermijdt hippe straattaal moeiteloos. Een boze tekst typen en op verzenden drukken is de absolute limiet van de overgebleven technische vaardigheden. Dit bejaarde medium snapt dat feilloos.
Het vormt een morsige stamtafel voor ontheemden. Van de dorre vlaktes in de Isaan tot de zwoele stranden van Pattaya zoeken verdwaalde Nederlanders elkaar op. Ze zeuren collectief over onmogelijke visumeisen en extreem dure zorgverzekeringen. Ze klagen onophoudelijk over het chronische gebrek aan zoute haring. Zulke banale informatie redt de geëmigreerde ziel blijkbaar van de totale ondergang.
Deze onuitputtelijke digitale klaagmuur biedt een ranzig podium voor ongezouten meningen. De gemiddelde farang spuwt hier schaamteloos zijn gal over de haperende politiek, de teloorgang van het verdeelde moederland en de voor hem onbegrijpelijke posting op Thailandblog. Je vindt er altijd wel een stel verbitterde medestanders. Jullie schelden gebroederlijk op alles wat vreemd en nieuw is. Even voel je de oude machtsillusie weer heerlijk tintelen in je stramme vingers.
Achter deze agressieve roeptoeterij schuilt een gapend zwart gat van bittere eenzaamheid. Emigreren klinkt vooraf altijd als een heroïsch avontuur vol grenzeloze vrijheid. De dagelijkse realiteit is vaak een stuk weerbarstiger. De onzichtbare taalbarrière isoleert je genadeloos van de lokale bevolking. Misschien begrijpt je zwager Oeth echt geen enkel woord van jouw subtiele Hollandse sarcasme. Jouw Thaise vrouw Oy schudt waarschijnlijk lachend haar hoofd om je malle westerse gedrag. Dit online toevluchtsoord vult dan die oorverdovende stilte. Het geeft de anders zo troosteloze dagen tenminste een flinterdunne structuur.
Dit verouderde platform voor bejaarden is absoluut geen onschuldig tijdverdrijf. Het fungeert als de broodnodige levensader voor de uitgerangeerde polderemigrant. Het biedt de ultieme troost in een exotisch paradijs dat soms verdacht veel op een prachtig versierde wachtkamer lijkt. De pijnlijke waarheid is snoeihard. Je bent duizenden kilometers gevlucht om uiteindelijk toch weer dagelijks digitaal op een benauwend oer-Hollands dorpsplein te belanden.
Over deze blogger

- De Expat (66) woont al 17 jaar in Pattaya en geniet van elke dag in het land van melk en honing! Vroeger werkzaam in de wegen en waterbouw, maar het grillige weer in Nederland ontvlucht. Woont hier met zijn Thaise vriendin en twee honden net buiten Pattaya, op 3 minuten loopafstand van het strand. Hobby's: genieten, uitgaan, sporten en met vrienden filosoferen over voetbal, Formule 1 en politiek.
Lees hier de laatste artikelen
Column10 juni 2026Column – Het onvermijdelijke verval van de bejaarde tropenwesterling op een digitaal dorpsplein: Facebook
Column28 mei 2026Column – De bejaarde azijnpissers in het paradijs missen de ultieme clou en dat is jammer
Column17 mei 2026Column – Welkom in Bangkok waar een dode minder kost dan een herstelde spoorboom
Column6 mei 2026Column – Oude westerse dromers verzuipen geruisloos in een tropisch paradijs vol onbegrijpelijke klanken

Beste Expat,
dit stukje lezende valt me iets op.
Want ik heb zowaar een Thaise zwager die Oeth heet, én ben getrouwd met een Thaise dame die Oy heet.
Is dat toevallig?
Ik begeef me niet op Facebook, noch heb ik dat ooit gedaan of enige lust daartoe gevoeld. Zeker niet om me gefrustreerd te laten gaan over de wisselkoers van de baht, of de strengere visumeisen. Sowieso onzinnig.
Dat emigreren ben ik echter nog wel steeds van plan, maar ik beloof hierbij plechtig me, eenmaal op Thaise terra firma aangeland, nimmer op een andere site te gaan uiten dan hier op het vertrouwde Thailandblog.
Mits men mij dan natuurlijk nog te pruimen vindt, anders hang ik het toetsenbord aan de palmbomen en ga een cursus navelstaren volgen.
Beste Lieven, ik negeer het oeverloze geklaag in de reactiesectie doorgaans volkomen. Ik weiger principieel om mijn levensdagen aan zulk digitaal gezwets te verspillen. Voor jou maak ik echter een uitzonderlijke knieval. Omdat ik je epistels simpelweg consumeer met een ongezonde gretigheid. Daardoor zou het kunnen dat er Thaise namen rondgaan in mijn aftakelende hersenpan die ik ooit hier gelezen heb. Toevallig dus. Laten we er daarom maar Apichai en Orapin van maken. Vergeef me. Ik zal voor straf een Facebookaccount aanmaken.
Jouw heilige eed om dat blauwe asiel te mijden, kalmeert mijn zenuwen aanzienlijk. We zien gelukkig beide schrijnende hypocrisie van deze poppenkast. De redactie gooit echter elk artikel alsnog meedogenloos voor de digitale wolven. Dat ranzige dorpsplein eist nu eenmaal dagelijks een verse lading giftige achterklap.
Ga vooral door met schrijven, het zijn voor mij geluksmomentjes om het te lezen.