
Een plattegrond van Bang Kachao bestond niet toen André Breur er rond begon te fietsen, dus tekende hij die zelf. Uit dat jaar zonder werk groeide een fietsbedrijf met ongeveer 160 fietsen. In een video-interview vertelt de Hagenaar hoe hij in Bangkok terechtkwam, waarom hij niet terug wil en wat hij nu anders zou doen.
Breur werd in 1960 in Den Haag geboren en had een herenmodezaak in Maassluis. Die liep niet. De samenwerking met de bank en de inkoopvereniging ging mis, en het vertrouwen in Nederland was hij een beetje kwijt. Zijn toenmalige vriendin kreeg een contract bij een Amerikaans bedrijf en hij ging mee, in zijn eigen woorden op sleeptouw. In 1996 belandde hij in Bangkok, met het plan om werk te vinden in de textiel. Dat bleek moeilijker dan gedacht. Toen de Tom Yum-crisis toesloeg, stopten veel Thaise bedrijven met het aannemen van buitenlanders. Die waren te duur geworden.
Reisleider in een verboden beroep
Uit nood werd hij reisleider voor een Nederlandse reisorganisatie. Hij wist er niets van en vond het leuker dan verwacht. Alleen: voor een buitenlander is reisleider in Thailand een verboden beroep, dus status had hij niet.
Toen de economie aantrok, vond hij weer een baan in de textiel. Na zeven à acht jaar was hij het zat. In dezelfde periode liep de relatie met zijn Nederlandse vriendin stuk. Hij was 45 en wist het niet meer. Hij kon het zich permitteren om een jaar niets te doen, en uit verveling stapte hij op de fiets.
Een gezin op zestien vierkante meter
Bangkok is geen fietsstad, dat geeft hij zelf toe. De meeste mensen kennen de stad van stilstaande auto’s en hitte. Maar achter de grote wegen ligt een doolhof van steegjes en paadjes waar je volgens Breur bijna door de woonkamers rijdt. Daar zag hij gezinnen die op zestien vierkante meter woonden, soms met opa en oma erbij. Ze zwaaiden naar hem en wilden het weinige dat ze hadden nog delen. ‘Jongens, waar maken we ons nu druk over?’ dacht hij.
Toen kwam Bang Kachao. Internet was er nauwelijks, gps bestond nog niet en een kaart van de paadjes ook niet. Hij raakte er zo door geobsedeerd dat hij hele dagen bezig was met tekenen. Daarna kocht hij zestien nieuwe fietsen en bood hij een tour aan bij reisagenten. Geld verdiende hij er in het begin niet aan, hij draaide quitte. Hij fietste zelf mee, wat officieel ook niet mag, omdat hij het leuk vond met iedereen te praten.
Oranje deuren, blauwe fietsen uit China
Achter het pand staat nu een vloot van ongeveer 160 fietsen, en in de ontvangstruimte passen zo’n vijftig mensen. Oranje is de bedrijfskleur, van de deuren tot de fietsen. Zijn paradepaardjes zijn de blauwe fietsen die hij zelf liet ontwerpen. In Thailand lukte het niet om ze te laten maken. Een Chinese fabriek met een verkoopkantoor in Nederland had binnen drie maanden een fiets klaar.
Het personeel laat hij over aan zijn Thaise vrouw. De Thaise mentaliteit is totaal anders dan de Nederlandse, zegt hij, en hij bemoeit zich er zo min mogelijk mee. Ondernemen in Thailand kan nog steeds, maar zijn advies is nuchter: laat je goed voorlichten en neem een grote buidel geld mee. Beginnen zoals hij begon, noemt hij eigenlijk niet te doen. Hij heeft veel geluk gehad.
Kinderen die gewoon op de grond slapen
Klanten kunnen een shirt kopen voor 500 baht. De gids krijgt 100 baht, de andere 400 gaan in een pot voor minderbedeelde kinderen. In het begin verkocht hij polo’s van 1000 baht en ging het hele bedrag in de pot.
Het idee ontstond bij een kleuterschool in een sloppenwijk, waar hij tachtig tot honderd kinderen op de grond zag liggen. Zijn gasten vonden het zielig en wilden matrasjes. Breur eerst ook. Tot hij begreep dat die kinderen thuis net zo goed op de grond slapen. Het geld ging jarenlang naar de Human Development Foundation, opgericht door een Amerikaanse priester, die toen zo’n dertig kleuterscholen had in arme wijken in en rond Bangkok. Samen met het bedrijfsleven liet hij een nieuwe school bouwen, omgerekend 50.000 euro.
Een rijstveld aan de muur
Terug naar Nederland wil hij niet, alleen op bezoek bij familie en vrienden. Zijn vrouw heeft een stuk land bij Phitsanulok, tussen de rijstvelden. Na een week heeft hij het daar wel gezien. ‘Dan hang ik wel een schilderijtje op met een rijstveld.’
Eén ding zou hij anders doen: 25 jaar geleden een huis kopen. Hij wist toen niet dat hij zou blijven, en de prijzen zijn sindsdien flink gestegen. Hij is ook eerlijk over het nadeel dat zwaarder weegt naarmate je ouder wordt. Een verplicht verzekeringspakket zoals in Nederland is er niet. Hij is via de zaak verzekerd, maar op een laag niveau. Wordt hij ernstig ziek, dan betaalt hij het zelf.
Hij werkt nog steeds zes, soms zeven dagen per week, en gaat op vakantie in mei, juni, september of oktober. Het meest trots is hij op zijn drie dochters. De oudste studeert af in communicatie, de jongste mag over een jaar gaan studeren. ‘Ik heb vier vrouwen,’ zegt hij. ‘Eén vrouw en drie dochters.’
Bron: Vrijdaggevoel video-interview met André Breur (YouTube)

Over deze blogger

-
Dit artikel is geschreven en gecontroleerd door de redactie. Wij maken o.a. gebruik van AI om onderzoek te doen naar onderwerpen en het schrijven over deze onderwerpen. Wij genereren ook foto's met AI, maar gebruiken daarnaast ook stockfoto's. Hoewel er zorgvuldig wordt omgegaan met de inhoud, kan niet worden gegarandeerd dat alle informatie volledig, actueel of foutloos is.
De lezer is zelf verantwoordelijk voor het gebruik van de informatie op deze website. De auteur aanvaardt geen aansprakelijkheid voor eventuele schade of gevolgen die voortvloeien uit het gebruik van de geboden informatie.
Lees hier de laatste artikelen
Nieuws uit Thailand15 oktober 2026Vertrekbelasting van 1.000 baht kan toerisme tot 150 miljard kosten
Belasting Nederland15 oktober 2026Ouderen missen miljoenen belastingteruggave; voor inwoners van Thailand gelden beperkingen
Expats en pensionado15 oktober 2026Video: Haagenaar André Breur begon in Bangkok met zestien fietsen
Vliegtickets15 oktober 2026Thai Airways belooft compensatie na bagagecrisis, ook zonder klacht

