
Thailand probeert de rust te bewaren op een grillige energiemarkt. Volgens het ministerie van Energie heeft het land genoeg olie om de binnenlandse vraag ongeveer 108 dagen op te vangen. Die buffer is belangrijk, nu spanningen rond het Midden-Oosten de wereldwijde oliehandel blijven verstoren en prijzen snel bewegen.
Voor inwoners, reizigers en ondernemers in Thailand betekent dit niet dat brandstof goedkoop blijft. De voorraden zijn ruim, maar de prijzen aan de pomp stijgen wel. Vooral diesel staat onder druk, terwijl het Oliebrandstoffonds opnieuw zwaar wordt belast door subsidies en prijsmaatregelen van de Thaise overheid deze week, opnieuw bijzonder fors geraakt.
Thailand wijst op ruime olievoorraad
Het Thaise ministerie van Energie meldde op 1 mei 2026 dat de nationale oliereserves voldoende zijn voor ongeveer 108 dagen binnenlandse vraag. Die voorraad bestaat uit verschillende onderdelen. De wettelijke reserves zijn goed voor 25 dagen, de commerciële reserves voor 24 dagen, olie die onderweg is voor 39 dagen en bevestigde leveringen voor nog eens 20 dagen.
Daarmee wil de overheid laten zien dat Thailand op korte termijn niet zonder brandstof komt te zitten. Tegelijk blijft het land gevoelig voor internationale verstoringen, omdat Thailand voor energie sterk afhankelijk is van import en wereldmarktprijzen.
Spanningen rond Hormuz houden olieprijzen hoog
De internationale oliemarkt blijft gespannen door de oplopende crisis in het Midden-Oosten. In de aangeleverde berichtgeving wordt verwezen naar Amerikaanse dreiging richting Iran, Iraanse kritiek op een Amerikaanse zeeblokkade en waarschuwingen vanuit de Verenigde Naties over de economische gevolgen van de crisis rond de Straat van Hormuz.
Ook de Verenigde Arabische Emiraten spelen een rol in de marktverwachtingen. Het land heeft zich volgens de berichtgeving officieel teruggetrokken uit OPEC en zou op langere termijn de olieproductie kunnen opvoeren. Dat helpt de markt voorlopig niet direct, omdat de verstoring rond Hormuz de aanvoer blijft bemoeilijken.
Wereldmarkt beweegt, Singaporese brandstofprijzen stijgen
De olieprijzen schommelden eind april sterk. Bij het sluiten van de beurs op 30 april daalde de WTI-prijs met 1,81 dollar naar 105,07 dollar per vat. Brentolie zakte met 4,02 dollar naar 114,01 dollar per vat. De Dubai-olieprijs steeg juist naar 112,20 dollar per vat.
Ook geraffineerde olie op de Singaporese markt werd duurder. Diesel sloot rond 179 dollar per vat en benzine rond 138 dollar per vat. Ter vergelijking: op 22 april lag diesel nog rond 167 dollar per vat en benzine rond 129 dollar per vat. Die stijging werkt door in landen als Thailand, waar importprijzen een belangrijke rol spelen.
Dieselproductie hoger dan binnenlandse verkoop
Uit de gemiddelde cijfers over 1 tot en met 29 april 2026 blijkt dat Thailand 74,32 miljoen liter diesel produceerde. In dezelfde periode werd 54,91 miljoen liter diesel verkocht. Die verhouding wijst erop dat de binnenlandse productie in die periode boven de verkoop lag.
Toch blijven de kosten voor diesel zwaar wegen. Het Comité van het Olie- en Brandstoffonds heeft een verhoging van de vergoeding voor sneldiesel goedgekeurd. Daardoor steeg de prijs met 0,60 baht per liter. Gewone sneldiesel B7 kwam uit op 40,80 baht per liter, terwijl sneldiesel B20 steeg naar 33,80 baht per liter.
Brandstofprijzen stijgen, maar blijven regionaal lager
Ook benzine werd duurder. Gasohol E20 kost nu 36,30 baht per liter, gasohol 95 staat op 43,30 baht per liter en gasohol 91 op 42,93 baht per liter. Voor automobilisten, transportbedrijven en toeristische ondernemers betekent dit dat brandstof opnieuw een grotere kostenpost wordt.
In vergelijking met een aantal andere ASEAN-landen blijft Thailand volgens de aangeleverde cijfers nog relatief gunstig geprijsd. De gemiddelde benzineprijs in Thailand lag op 43,30 baht per liter, terwijl benzine in de Filipijnen, Cambodja, Laos, Myanmar en Singapore tussen 47,93 en 88,54 baht per liter kostte. Diesel kostte in Thailand 40,80 baht per liter, tegenover 43,96 tot 119,76 baht per liter in Maleisië, Indonesië, Cambodja, de Filipijnen, Laos, Myanmar en Singapore.
Thailand heeft voorlopig genoeg olie achter de hand, maar de markt blijft kwetsbaar. De combinatie van geopolitieke spanningen, hogere importprijzen en dure subsidies zet druk op consumenten en de overheid. Het tekort van het Oliebrandstoffonds bedroeg op 1 mei 2026 naar schatting 63,02 miljard baht. Alleen al dieselsubsidies kostten ongeveer 168,65 miljoen baht per dag.
Bron: The Nation Thailand
Over deze blogger

-
Dit artikel is geschreven en gecontroleerd door de redactie. De inhoud is gebaseerd op persoonlijke ervaringen, meningen en eigen onderzoek van de auteur. Waar relevant is er gebruikgemaakt van ChatGPT als hulpmiddel bij het schrijven en structureren van teksten. Wij genereren soms ook foto's met AI. Hoewel er zorgvuldig wordt omgegaan met de inhoud, kan niet worden gegarandeerd dat alle informatie volledig, actueel of foutloos is.
De lezer is zelf verantwoordelijk voor het gebruik van de informatie op deze website. De auteur aanvaardt geen aansprakelijkheid voor eventuele schade of gevolgen die voortvloeien uit het gebruik van de geboden informatie.
Lees hier de laatste artikelen
Bezienswaardigheden2 mei 2026Farangprijs in Thailand 2026: zo werkt de dubbele prijsstructuur en zo ontkom je er soms aan
Expats en pensionado2 mei 2026Generieke medicijnen of het bekende merk: zo kies je slim in de Thaise apotheek
Expats en pensionado2 mei 2026Scheiden van een Thaise partner: bij welke rechter moet je zijn?
Achtergrond2 mei 2026Chinees-Thaise minderheid bouwt al eeuwen mee aan Thailand: van CP Group tot pad thai
