Je maakt van alles mee in Thailand (220)

Door Ingezonden Bericht
Geplaatst in Leven in Thailand, Lezersinzending
Tags: ,
18 januari 2022

In de serie verhaaltjes, die wij plaatsen over iets bijzonders, grappigs, merkwaardigs, ontroerends, vreemds of gewoons, dat lezers in Thailand hebben meegemaakt, vandaag: Thaise brommer, Hollandse slijter…


THAISE BROMMER, HOLLANDSE SLIJTER

Locatie: een klein Thais dorpje in de Isaan.

Logerend bij schoonmoeder. Die middag stap ik met vrouw Oy op de brommer voor marktbezoek in het verderop gelegen stadje Chakkarat. Vergeleken met het stoffige gehuchtje van schoonmoeder een bruisende metropool, vol mensen en vertier.

De brommer is een geleend exemplaar van de buren. Tomaatrood van kleur, splinternieuw en zeer waarschijnlijk net begonnen aan de lange weg van afbetaling.

Aan de rand van het dorp wordt de tank gevuld bij een kruidenierswinkeltje. Na het leegklokken van twee flessen betaal ik, en wuif vervolgens de enkele bahtjes wisselgeld van de kruideniersvrouw weg. Deze weigert echter vriendelijk maar beslist mijn geste. En drukt me het wisselgeld alsnog in de hand.

Ik ben ietwat verrast, want dit is me nog niet overkomen zolang als ik hier kom. De dorpelingen nemen maar al te graag mijn bahtjes aan, zo is de ervaring.

TROTSE THAISE

Als ik aan Oy vraag waarom ik mijn wisselgeld terugkreeg, is het verassende antwoord dat de kruideniersvrouw geen aalmoes behoeft, en trots is Thai te zijn. Thai die overal een farang-slaatje uit wilden slaan, daar had ze een hekel aan.
Zodoende heb ik iets om over na te denken tijdens de brommer-rit naar Chakkarat.

Aan de buitenrand daarvan staat een uit de kluiten gewassen geestenhuis. Blijkbaar een belangrijke, want aan de voet ervan liggen andere, afgedankte huisjes op een hoop. Vrouwlief staat erop dat ik tweemaal claxonneer bij het passeren ervan.
‘Heydensche practycken’ natuurlijk, en niet besteed aan deze farang, wiens gereformeerde jeugdjaren doortrokken waren van psalmen en pepermuntjes. Het onderdeel ‘toeteren naar geestenhuisjes’ zat dan ook niet in mijn kerkelijk vakkenpakket.

GESTRAND

Na een langdurig bezoek aan de markt, geven we het ijzeren ros wederom de sporen. Flessen vissaus, stapels blikvoer, en vele kilo’s fruit in het mandje maken het besturen van de tweewieler een licht zenuwslopende ervaring.

Nauwelijks buiten het stadje voel ik al dat er iets mis is. Eerst hou ik het nog op het zo zwaarbeladen zijn, dat we slagzij beginnen te maken. Maar iets verderop rijst het vermoeden dat de achterband het begeven heeft.

We stoppen, en inspecteren de band. Die blijkt inderdaad zo plat als een Nederlandse polder. Oorzaak onbekend, maar dat is nu ook van geen belang. Ik weet even niet wat te doen, want we staan hier met een halve jaarmarkt aan spullen op een verlaten gravelweg, en hebben blijkbaar net de nagelnieuwe band van buur gemold. Vier kilometer van onze eindbestemming.

Oy zit er niet mee, en stapt weer achterop. Ik protesteer, want dit is gekkenwerk. De brommer is bijna onbestuurbaar, en de achterband gaat zo absoluut aan flarden. Buur zal toch al niet ‘amused’ zijn.

Maar het boeit eega niets. Ze heeft haar boodschappen, het is asfaltkrullend heet, en ze wil huiswaarts. Al of niet op een lekke brommer, zal haar een Thaise zorg zijn. Dus stappen we weer op, en gaan bijna stapvoets rijdend verder. Over de weg laverend als een bezopen Vliegende Hollander.

SLIJTAGESLAG

Al zwalkend het befaamde geestenhuis passerend toeter ik zeker vier keer. Verrassend hoe snel men zijn overtuigingen overboord kiepert als het even tegenzit.
Een goedkeurend ‘Di Maak’ van de duopassagier bereikt mijn oren. Daar gaat mijn toekomst als zendeling in deze contreien.
Vervolgens kan ik bijna lichamelijk aanvoelen hoe het gemartelde rubber van de achterband uitgesmeerd word op de keiharde Isaanse ondergrond. Hoe het de velg vergaat wil ik niet eens weten.

Onderweg wil ik even stoppen, om de catastrofe onder ons nogmaals in ogenschouw te nemen. Maar Oy niet. Twee lamme handen van het vasthouden van twintig kilo koopwaar en een tegenwind-jeugd in de Isaan geven haar de benodigde overtuigingskracht.

Na een zwabberende eeuwigheid komt schoonma’s dorpje in zicht. Maar ik ben niet echt happig op het op deze manier aankomen. Als de buren ons zo zien, dan is het beslist einde goede relaties. En geef hen eens ongelijk. Wie bij zijn volle verstand zou een splinternieuwe, geleende brommer zo behandelen?
Na het omploegen van vier kilometer gravel met buur’s kostbare kleinood zou het schaamrood onze kaken moeten sieren.

Niet gerust op de komende reacties parkeer ik de rode rubbertapperij voor buurvrouws huis. De achterband zit zowaar nog zieltogend om de velg, maar word daar waarschijnlijk alleen nog maar bijeengehouden door verwoede pogingen van Sint Macadam, beschermheilige der Laatste Acceleratie.

Oy is al achterom gelopen met enkele tassen groenvoer, en ik volg, ietwat aarzelend in haar voetspoor.

Ze wijst me op een houten bankje verderop, en zegt de brommer-catastrofe verder wel te regelen. Aldus strijk ik neer naast buurman en twee vrienden van hem. Die al welgemoed bezig zijn zichzelf een toekomstige kater te bezorgen met behulp van flinke hoeveelheden whisky-soda en bier.

MAÑANA

Meteen wordt er ook voor mij een fles Chang aangerukt, en in no-time heb ik al vele ‘Chok-di’s achter de rug. De vriendelijk aangeboden Som-Tam salade laat ik wijselijk ongemoeid. Mijn pogingen plaatselijk vuurvreter te worden zijn al lang geleden gestrand op mijn tere Hollandse huig.
De Isaanse avond word zo aangenaam doorgebracht met het klinken met buur en consorten. Die eerste gaat regelmatig op pad om meer bier en ijs te halen. Op de rode brommer. Met zijn almaar stijgende promillage moet hem het extra zwabberen niet eens opgevallen zijn.

Zijn reactie op het nieuws van de lekke band was dan ook een nonchalant schouderophalen, en het woordje ‘Phung-ni’. Het Thaise ‘Mañana’. Dat bleek ook buur’s devies voor die avond: geen zorgen voor morgen en doordrinken aub.

ISAANS EEN-TWEETJE

De volgende ochtend vraag ik met zwaar hoofd en lichte ongerustheid aan Oy hoe het nu verder moet met die achterband. Want een nieuwe kost geld, en eventueel repareren ook. Ik kan buur toch moeilijk laten opdraaien voor de door ons aangerichte rubber-ravage? We moeten beslist bijdragen in de kosten. Wat zal de goede man wel niet van ons denken?

Maar ik had me geen zorgen hoeven maken. Want raadt eens wie er al dat schuimende gerstenat, en rijkelijk vloeiende gedistilleerd van gisteravond heeft gefinancierd?

Buur en vrienden zaten al aan de door ons verschafte drank voordat we ook maar een meter gereden hadden. Een Isaans één-tweetje tussen Oy en buurman.

Die laatste is namelijk ook trots Thai te zijn, maar geld voor een neutje slaat hij nooit af.
Iets wat ik graag wat eerder had geweten.

Ingezonden door Lieven Kattestaart


» Laat een reactie achter


Rating: 4.81/5. From 31 votes.
Please wait...

9 reacties op “Je maakt van alles mee in Thailand (220)”

  1. PEER zegt op

    Heerlijk Lieven,
    Lekker sappig geschreven en als in ‘n film zie ik ‘t voorbijkomen

  2. ans raats zegt op

    Wat een heerlijk verhaal !!
    Genoten…..

  3. john koh chang zegt op

    mooi verhaal met een verrassende “ontknoping” Dank Lieven

  4. Johnny BG zegt op

    ISAANS EEN-TWEETJE,
    Het is zoals het is en die mensen weten de waarde van het leven in te schatten. Een lekke band is geen drama maar hoe er mee om te gaan is een kunst waar velen wat van kunnen leren.

  5. Martijn zegt op

    Zeer beeldend vertelt, top verhaal

  6. Siz zegt op

    Geniaal!

  7. Luit zegt op

    Heerlijk verhaal, toppie

  8. Yeroen zegt op

    Top auteur ik wacht op een boek ‘de perikelen op het Thaise platteland’ of het atm,je garant v2

  9. Hans zegt op

    Weer een top geschreven verhaal. Dank je!


Laat een reactie achter

Thailandblog.nl gebruikt cookies

Dankzij cookies werkt onze website het beste. Zo kunnen we je instellingen onthouden, jou een persoonlijk aanbod doen en help je ons de kwaliteit van de website te verbeteren. Lees meer

Ja, ik wil een goede website