Dat verschil is te groot om af te doen als pech. Nederlandse fondsen beheerden samen meer dan 1.600 miljard euro, maar slaagden er niet in om mee te profiteren van het positieve beursjaar. Een belangrijk deel van het geld ging verloren door keuzes waarmee bestuurders risico’s wilden vermijden. Die voorzichtigheid pakte verkeerd uit.

Bescherming bleek vooral duur

In de aanloop naar het nieuwe pensioenstelsel wilden veel pensioenfondsen voorkomen dat hun financiële positie plotseling zou verslechteren. Daarom kochten zij extra bescherming tegen een mogelijke daling van de rente. De rente daalde echter niet, maar steeg. Daardoor verloren die beschermingsconstructies miljarden aan waarde.

Achteraf is het gemakkelijk oordelen, maar de kritiek gaat verder dan één verkeerde voorspelling. Pensioenfondsen beleggen voor tientallen jaren. Toch werd een deel van hun beleid aangepast om de financiële positie rond een belangrijk overgangsmoment te beschermen.

Dat roept een ongemakkelijke vraag op: is het verantwoord om langetermijnrendement op te offeren om bestuurders en toezichthouders op korte termijn meer zekerheid te geven?

Deelnemers droegen uiteindelijk het risico. Zij zagen een deel van hun pensioenvermogen verdampen, terwijl de bescherming waarvoor was betaald nauwelijks nodig bleek.

Slechte resultaten verdwijnen achter gunstige cijfers

Pensioenfondsen konden na afloop toch zeggen dat zij er financieel beter voor stonden. Hun dekkingsgraden stegen namelijk. Dat kwam niet doordat zij goed hadden belegd, maar doordat de hogere rente hun toekomstige verplichtingen op papier goedkoper maakte.

Dat verschil is belangrijk.

De pensioenpot werd kleiner, maar het bedrag dat fondsen volgens hun rekenmodellen nodig hadden, daalde nog sterker. Daardoor zagen de cijfers er gunstig uit en konden sommige fondsen de pensioenen verhogen.

Voor deelnemers is dat nauwelijks uit te leggen. Fondsen verloren geld, maar presenteerden tegelijk een verbeterde financiële positie. Technisch kan dat kloppen, maar het maakt het verlies niet minder werkelijk.

Een hogere dekkingsgraad is geen bewijs van goed beleggingsbeleid. In 2025 werden de fondsen vooral geholpen door de rente. Zonder die meevaller was de discussie over hun prestaties waarschijnlijk veel harder gevoerd.

Verplicht sparen vraagt om streng toezicht

De meeste deelnemers kunnen niet zelf bepalen wie hun pensioen beheert. Zij zijn via hun werkgever verplicht aangesloten bij een fonds en dragen jarenlang een aanzienlijk deel van hun salaris af.

Daar hoort een zware verantwoordelijkheid bij. Pensioenbestuurders beheren geen vrijblijvend beleggingsfonds voor klanten die eenvoudig kunnen vertrekken. Zij beheren uitgesteld loon van miljoenen werknemers.

Juist daarom is het opvallend hoe moeilijk het blijft om prestaties tussen fondsen eerlijk te vergelijken. Besturen wijzen op verschillen in deelnemers, verplichtingen, risico’s en beleggingsbeleid. Die verschillen bestaan, maar kunnen ook als rookgordijn werken.

Wanneer een fonds jarenlang minder rendement behaalt dan vergelijkbare fondsen, moet helder worden uitgelegd waarom dat gebeurt, welke bestuurders daarvoor verantwoordelijk zijn en welke maatregelen worden genomen. Nu blijven matige prestaties te vaak verstopt achter ingewikkelde modellen, moeilijke begrippen en benchmarks die voor gewone deelnemers nauwelijks te controleren zijn.

Risico nemen zonder voldoende beloning

Nederlandse pensioenfondsen beleggen niet voorzichtig in de gewone betekenis van het woord. Ze steken miljarden in aandelen, vastgoed, infrastructuur en niet-beursgenoteerde bedrijven. Daar staan stevige risico’s tegenover.

Het probleem is dat die risico’s niet altijd voldoende rendement opleveren.

Onderzoek van adviesbureau OverRendement liet eerder zien dat fondsen met vergelijkbare risico’s sterk uiteenlopende resultaten boeken. Sommige fondsen halen structureel meer rendement dan andere. Op een vermogen van honderden miljarden leidt een klein verschil al snel tot miljarden euro’s minder pensioenvermogen.

Wanneer zulke verschillen jarenlang blijven bestaan, is toeval geen overtuigende verklaring meer. Dan moet ook worden gekeken naar de kwaliteit van het bestuur, de ingehuurde vermogensbeheerders, de hoge uitvoeringskosten en de vraag of slechte beslissingen wel voldoende gevolgen hebben.

Pensioenbestuurders lopen zelf immers nauwelijks financieel risico. De rekening komt terecht bij werknemers en gepensioneerden, in de vorm van een lager vermogen, minder ruimte voor verhogingen of een lager pensioen in de toekomst.

Het nieuwe stelsel maakt rendement belangrijker

In het oude stelsel konden slechte beleggingsjaren nog deels verdwijnen achter de dekkingsgraad. In het nieuwe pensioenstelsel wordt het behaalde rendement zichtbaarder en directer gekoppeld aan de pensioenvermogens van deelnemers.

Dat maakt de prestaties van pensioenfondsen nog belangrijker.

De overgang naar het nieuwe stelsel werd jarenlang verkocht als een manier om pensioenen persoonlijker, transparanter en beter uitlegbaar te maken. Toch zagen deelnemers juist in de aanloop naar die overgang hoe miljarden verloren gingen aan tijdelijke bescherming en ingewikkelde financiële constructies.

Dat is geen geruststellende start.

Wie straks meer beleggingsrisico bij deelnemers neerlegt, kan niet tegelijkertijd blijven volstaan met ondoorzichtige uitleg wanneer resultaten tegenvallen. Transparantie betekent niet dat een fonds een rapport van honderd pagina’s publiceert. Het betekent dat deelnemers in gewone taal kunnen zien hoeveel rendement is behaald, hoeveel kosten zijn gemaakt, welke keuzes verkeerd uitpakten en wie daarvoor verantwoordelijkheid draagt.

Waarom dit Nederlanders in Thailand raakt

Voor Nederlanders die in Thailand wonen, is dit geen ver-van-hun-beddiscussie. Veel gepensioneerden zijn voor een belangrijk deel afhankelijk van hun Nederlandse pensioen. Ieder gemist procent rendement kan op termijn invloed hebben op de ruimte voor verhogingen en daarmee op hun koopkracht.

Dat effect wordt in Thailand extra voelbaar. De boodschappen, zorgpremies, huren en andere dagelijkse uitgaven worden in baht betaald, terwijl het pensioen meestal in euro’s binnenkomt. Wanneer de euro verzwakt, stijgt het leven in Thailand automatisch in prijs. Een royale indexatie kan dat gedeeltelijk opvangen, maar tegenvallende beleggingsresultaten beperken juist de ruimte daarvoor.

Voor iemand die in Nederland woont, is een kleine pensioenachterstand vervelend. Voor een gepensioneerde in Thailand kan hetzelfde verschil direct merkbaar zijn in het maandbudget. Zeker voor Nederlanders die geen grote spaarbuffer hebben en vrijwel volledig van AOW en aanvullend pensioen leven.

Juist daarom mogen pensioenfondsen zich niet verschuilen achter technische uitleg en gunstige cijfers op papier. Nederlanders in Thailand hebben weinig aan een hogere dekkingsgraad wanneer hun pensioeninkomen achterblijft bij de stijgende kosten en een ongunstige wisselkoers.

Slot

Nederlandse pensioenfondsen stonden eind 2025 op papier sterker, maar zagen als enige binnen de OESO hun gezamenlijke vermogen dalen. Voor gepensioneerden in Thailand is dat meer dan een boekhoudkundig verschil. Hun inkomen wordt in Nederland verdiend, maar in baht uitgegeven. Wanneer rendementen achterblijven en indexaties beperkt blijven, voelen zij dat rechtstreeks aan de kassa, bij de huur en op de rekening van het ziekenhuis. Wie zijn pensioengeld beheert, moet daarom niet alleen kunnen uitleggen waarom een keuze verdedigbaar was, maar ook verantwoordelijkheid nemen wanneer die keuze miljarden kost.

Bronnen

  • OESO, internationale statistieken over pensioenvermogens en beleggingsprestaties.
  • De Nederlandsche Bank, ontwikkeling van beleggingen, verplichtingen en dekkingsgraad in 2025.
  • De Nederlandsche Bank, tijdelijk hoger gebruik van rentederivaten tijdens de pensioentransitie.
  • ABP, financiële positie en overbruggingsplan voor de overgang op 1 januari 2027.
  • Tweede Kamer en ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, discussie over rendementen en onderlinge vergelijkbaarheid van pensioenfondsen.

Over deze blogger

Redactie
Redactie
Dit artikel is geschreven en gecontroleerd door de redactie. De inhoud is gebaseerd op persoonlijke ervaringen, meningen en eigen onderzoek van de auteur. Waar relevant, is er gebruikgemaakt van AI als hulpmiddel bij het schrijven en structureren van teksten. Wij genereren soms ook foto's met AI. Hoewel er zorgvuldig wordt omgegaan met de inhoud, kan niet worden gegarandeerd dat alle informatie volledig, actueel of foutloos is.
De lezer is zelf verantwoordelijk voor het gebruik van de informatie op deze website. De auteur aanvaardt geen aansprakelijkheid voor eventuele schade of gevolgen die voortvloeien uit het gebruik van de geboden informatie.

Laat een reactie achter