Klein pensioenplus verhult opnieuw dreigend verlies aan koopkracht

De beurzen herstelden in het tweede kwartaal, vooral dankzij stijgende koersen van technologie- en chipbedrijven. Daardoor staan PFZW, PMT en bpfBOUW er financieel beter voor dan drie maanden eerder. Hun eerste berekeningen wijzen op een bescheiden verhoging van de pensioenuitkeringen per januari 2027.
Dat percentage vraagt om nuchterheid. De fondsen rekenen met de financiële stand van eind juni, terwijl pas eind september de definitieve maatstaf wordt vastgesteld. Bovendien zegt een hoger bedrag op je bankrekening niets over koopkracht. Wie in Thailand woont, rekent uiteindelijk af in baht en merkt iedere beweging van de wisselkoers direct bij huur, boodschappen en zorgkosten.
Een verhoging die nauwelijks verhoging mag heten
PFZW en bpfBOUW komen voorlopig uit op ongeveer 0,6 procent. PMT rekent met 0,5 procent. Op een aanvullend pensioen van €1.500 per maand betekent dat respectievelijk €9 en €7,50 bruto extra. Dat is geen bedrag waarmee je een stijgende zorgpremie of een paar duurdere boodschappen opvangt.
De Nederlandse inflatie bedroeg in juni 2,9 procent. Dat cijfer bepaalt de verhoging voor 2027 niet en de inflatie kan nog dalen. Toch maakt de vergelijking de verhoudingen zichtbaar. Als prijzen enkele procenten stijgen en je pensioen een halve procent groeit, lever je koopkracht in. Het woord pensioenverhoging is dan technisch juist, maar voor de portemonnee nogal opgewekt gekozen.
Beursherstel leunt zwaar op kunstmatige intelligentie
Het herstel kwam vooral van aandelen. Beleggers pompten opnieuw veel geld in technologiebedrijven en chipmakers vanwege hoge verwachtingen rond kunstmatige intelligentie. Ook nam de onrust over de oorlog in het Midden-Oosten wat af. Daarmee werden de verliezen uit het eerste kwartaal grotendeels goedgemaakt.
Precies daar zit de ongemakkelijke kant van het nieuwe stelsel. Pensioenen reageren sneller op goede beleggingsresultaten, maar tegenvallers worden eveneens zichtbaarder. De drie maanden tussen maart en juni laten dat al zien. Eerst dreigde geen verhoging, één kwartaal later ligt er een kleine plus. De uitkering wordt beschermd met buffers en spreiding, maar de beurs krijgt duidelijk meer invloed op wat gepensioneerden merken.
Bij PFZW bedroeg het zogeheten overrendement eind juni ongeveer 2 procent. Slechts een derde daarvan wordt meteen gebruikt voor de aanpassing in 2027. De rest schuift door naar latere jaren. Die spreiding dempt schokken, maar zorgt er ook voor dat een goed beursjaar niet direct volledig in de maandelijkse uitkering terechtkomt.
Grote verhoging van 2026 was geen jaarlijks cadeau
De forse stijging begin 2026 schept gemakkelijk een verkeerd beeld. PFZW verhoogde de uitkeringen bij de overgang met ongeveer 12 procent. Dat kon vooral doordat het fonds onder de nieuwe regels minder reserves hoefde aan te houden en een deel van de bestaande buffer verdeelde.
Zo’n sprong is niet ieder jaar te herhalen. De geschatte 0,5 tot 0,6 procent voor 2027 laat beter zien hoe jaarlijkse aanpassingen binnen het nieuwe stelsel kunnen uitpakken. Fondsen communiceren graag dat pensioenen sneller kunnen stijgen. Minder aandacht krijgt het feit dat stijgingen worden uitgesmeerd en dat een kleine nominale plus nog steeds koopkrachtverlies kan betekenen.
In Thailand telt de wisselkoers mee
Voor Nederlanders in Thailand is het Nederlandse inflatiecijfer maar een deel van het verhaal. Hun pensioen komt binnen in euro’s, terwijl vrijwel alle dagelijkse uitgaven in baht worden betaald. Een versterking van de baht met één procent is al groter dan de nu geraamde pensioenplus.
Wie €1.500 pensioen ontvangt en bij PFZW of bpfBOUW zit, kijkt voorlopig dus naar ongeveer €9 bruto extra per maand. Dat bedrag kan na belasting lager uitvallen en bij het omwisselen ongemerkt verdwijnen. De echte vraag is daarom niet of het pensioen stijgt, maar hoeveel boodschappen, medicijnen en elektriciteit je er in 2027 nog voor kunt kopen.
Eerst september afwachten
De cijfers van juni zijn geen toezegging. De stand van eind september bepaalt de aanpassing per januari 2027. Een zwak beurskwartaal kan de plus verkleinen of volledig wissen.
Positieve rendementen zijn welkom, maar een halve procent verdient geen feestelijke verpakking. Voor pensionado’s in Thailand telt uiteindelijk wat hun euro’s na belasting en omwisseling in baht nog waard zijn.
Bronnen: NU.nl, Pensioenfonds Zorg en Welzijn, Centraal Bureau voor de Statistiek
Over deze blogger

-
Dit artikel is geschreven en gecontroleerd door de redactie. De inhoud is gebaseerd op persoonlijke ervaringen, meningen en eigen onderzoek van de auteur. Waar relevant, is er gebruikgemaakt van AI als hulpmiddel bij het schrijven en structureren van teksten. Wij genereren soms ook foto's met AI. Hoewel er zorgvuldig wordt omgegaan met de inhoud, kan niet worden gegarandeerd dat alle informatie volledig, actueel of foutloos is.
De lezer is zelf verantwoordelijk voor het gebruik van de informatie op deze website. De auteur aanvaardt geen aansprakelijkheid voor eventuele schade of gevolgen die voortvloeien uit het gebruik van de geboden informatie.
Lees hier de laatste artikelen
Expats en pensionado13 augustus 2026Klein pensioenplus verhult opnieuw dreigend verlies aan koopkracht
Kort nieuws13 augustus 2026Regionaal Thailandnieuws donderdag 13 augustus 2026
Belasting Nederland12 augustus 2026Zo voorkom je belastingproblemen met een gezamenlijke Thaise bankrekening
Achtergrond12 augustus 2026Verkeersdoden kosten Thailand een half biljoen baht per jaar en dat is de vriendelijke versie
