
Over: Pensioen | AOW | Heffingskortingen | KBB-Status | Fiscalisering | Box 3-Verdunning | Zorgkosten
Deel 1: Een integraal overzicht van de fiscale verschuivingen
Vooraf: Op 21 november 2025 werd te Brussel een nieuw belastingverdrag tussen Nederland en Thailand ondertekend. Op 2 december verscheen de tekst op het Tractatenblad. De Raad van State keurde het verdrag op 1 april jl. goed, en stuurde het verdrag op 7 april door naar de Eerste en de Tweede Kamer. Het is nu oppassen geblazen dat het verdrag niet als ‘hamerstuk’ door de Staten-Generaal heen gewalst wordt. Een ‘hamerstuk’ betekent namelijk dat er geen verder debat plaatsvindt. ‘Fiscale technocraten’ zien het wellicht als routine, voor ons NL-burgers in Thailand (TH) is het een ‘ingrijpende stelselwijziging’.
Verleden week is daarom een Oproep aan de vaste Commissie voor Financiën van de Tweede Kamer gepresenteerd. Daarin staat het dringende verzoek het verdrag uiterst kritisch te beoordelen en maatregelen te nemen om de gevolgen ervan voor NL-gepensioneerden in TH weg te werken. Wie niet die oproep heeft ingestuurd, zou dat alsnog snel moeten doen. Het verdrag staat nog niet op de agenda van komende ‘procedurevergadering’, maar is zeker in mei as te verwachten.
Het nieuwe verdrag verdrag komt in de plaats van dat oude vijftigjarige verdrag uit 1975. Op zich wordt het tijd dat het verdrag een moderne jas krijgt aangetrokken. Maar nergens is het voor nodig dat de inhoud enkel uit standaardteksten en artikelen bestaat, die niet toegespitst zijn op de woon- en leefsituatie van onder andere NL-gepensioneerden in TH.
In een reeks van wekelijkse inzendingen, en zolang er interesse is, pellen we het nieuwe Belastingverdrag 2025 laag voor laag af. Met als doel te begrijpen wat gaande is, omdat het verdrag politiek ingevoegd gaat worden in vele fiscale veranderingen van komende jaren. Als we niet alert reageren, gaan wij vervelende consequenties tegemoet.
Daarnaast bouwen we aan een dossier waarmee we ‘Den Haag’ laten zien dat de “menselijke maat” volledig uit het oog is verloren. Een oproep aan de politiek zoals die van verleden week, zal niet voldoende blijken. Vandaag beginnen we met het grote overzicht: hoe de fundamenten onder onze financiële planning worden weggegraven. Het artikel is een absolute longread. Lukt het niet in één keer, dan maar in tweeën. Kortom: zet je schrap, en neem de tijd!
1. Het Draagkrachtbeginsel
Wat door de politiek wordt gepresenteerd als een ’technische modernisering’, bevat een fundamentele weeffout die de rechtszekerheid aantast. Wanneer een overheid – zoals Nederland (NL) nu doet – de volledige belastingheffing claimt, maar tegelijkertijd weigert rekening te houden met de persoonlijke draagkracht van de burger omdat deze toevallig in TH woont, is dat op zijn minst bedenkelijk. De NL-overheid eigent zich de lusten van de belastingheffing toe, maar ontduikt de lasten van de zorgplicht die bij diezelfde heffing horen.
In de kern van ons belastingstelsel ligt het internationaal beginsel van draagkracht. Het idee is simpel: wie brede schouders heeft, draagt de zwaarste lasten. Dit vertaalt zich in een progressief tarief en persoonlijke aftrekposten. Een inkomstenbelastingstelsel dient ervoor te zorgen dat een belastingplichtige wordt belast naar zijn financiële draagkracht.
In de meeste landen beperkt zich deze methodiek echter tot inwoners. In het buitenland woonachtige belastingplichtigen worden vrijwel altijd op een andere wijze belast, waarbij hun fiscale draagkracht geheel of gedeeltelijk wordt genegeerd. Dit is precies wat er gebeurt in het nieuwe verdrag. NL claimt dat het pensioen ‘binnenlands’ is voor de incasso, maar ‘buitenlands’ voor de rechten. Hierdoor ontstaat een situatie waarin de NL-gepensioneerde in TH feitelijk zwaarder wordt belast dan een vergelijkbare gepensioneerde in Nederland of elders in Europa, simpelweg omdat de persoonlijke situatie in de berekening wordt overgeslagen.
2. Van Woonland naar Bronland
Om de ernst van de huidige situatie te begrijpen, moeten we terug naar de filosofie van het oude verdrag uit 1975. Dat verdrag was gebaseerd op een bijna hoffelijke balans en stoelde op het woonlandprincipe. Kennelijk was hoffelijkheid tussen landen in die tijd nog gewoon. De gedachte was dat de band tussen de burger en de samenleving waar die burger feitelijk deel van uitmaakt (TH), leidend moest zijn voor de belastingheffing. Je woont in TH, je maakt gebruik van de infrastructuur aldaar, je draagt bij aan de lokale economie, je betaalt er je belastingen. Nederland trad discreet terug. De balans was billijk en overzichtelijk.
In het nieuwe verdrag van 2025 vindt een radicale omwenteling plaats naar het bronland-principe. Nederland trekt de volledige belastingheffing – de volle 100% – naar de eigen schatkist. Wat betekent deze ‘fiscale annexatie’ feitelijk voor ons dagelijks leven?
- Door elke cent aan heffing te claimen, blijft er voor de Thaise fiscus niets over om te innen. Wij zijn voor TH ‘fiscale spookburgers’ geworden: wij wonen er, besteden en geven uit, TH heeft dat zelfs heel graag, maar fiscaal zijn we enkel interessant voor de NL-Belastingdienst.
- Sociale correcties, aftrekposten (zoals donaties, premiebetalingen, zorgkosten of de zorg voor een Thaise echtgenote/familielid), persoonlijke tegemoetkomingen of een belastingvrije som in onze Thaise belastingaangifte: dat alles heeft straks nul effect. Waar wij in TH voorheen rechten konden ontlenen aan onze persoonlijke situatie, is er straks geen ‘belastbare massa’ meer over om die rechten op toe te passen.
- Nederland annexeert de opbrengst, maar schuift de zorg voor onze draagkracht door naar een tandenloos TH. Nederland zegt in feite: “Wij pakken jouw geld, en als je aftrekposten wilt, vraag je die maar aan TH.” Maar de absurditeit wil dat TH hiermee feitelijk wordt gedwongen “ontwikkelingshulp” aan Nederland te geven: het is TH die via tegemoetkomingen de draagkracht beschermt van mensen over wie Nederland 100% belasting int. Dat is de wereld op zijn kop.
Hier stuiten we op een bittere realiteit. Hoewel de Thaise fiscus ons formeel aftrekposten en een belastingvrije som gunt over het geld dat wij het land binnenbrengen (remittance), verdampt dit voordeel volledig door de zogenaamde Tax Credit. Omdat de Nederlandse bronheffing bijna altijd hoger is dan de Thaise aanslag, komt de uiteindelijke Thaise heffing zo goed als altijd op nul uit. Onze Thaise tegemoetkomingen worden “geabsorbeerd” door de Nederlandse claim via de zogenaamde Tax Credit. Op papier hebben we er recht op, TH gunt ons die aftrekposten ook, maar onder de streep zien we er niets van terug. TH probeert het, Nederland wil het niet eens! Over de impact van Tax Credit later meer in Deel 3.
3. De Woonplaats als Boeteclausule
In de Nederlandse belastingwetgeving bestaat een lijstje met bevoorrechte landen: de zogenaamdelandenkring. Dit is de selecte groep landen waarvan Nederland vindt dat de NL-gepensioneerden die er wonen, recht hebben op kortingen op hun NL-belasting, zoals de Algemene Heffingskorting en de Ouderenkorting. Het zijn de 27 landen van de EU, de 3 landen van de EER (Noorwegen, IJsland en Liechtenstein), Zwitserland en de 3 BES-eilanden.
Deze ‘landenkring’ wordt opgesomd in het befaamde Lid 6 van Artikel 7.8 van de Wet Inkomstenbelasting 2001. In die landen krijg je de KBB-status: je bent een ‘Kwalificerende Buitenlands Belastingplichtige’, als ook 90% van je wereldinkomen in NL belast wordt.
Wonen in de ‘landenkring’, en over minstens 90% van je wereldinkomen in Nederland belasting betalen. Dat zijn de criteria voor de KBB-status. De eis van een inkomensverklaring doet er niet meer toe. TH ontbreekt op dit lijstje, ondanks het feit dat in het nieuwe belastingverdrag anno 2025 dat lijstje prima had kunnen worden uitgebreid.
Het gevolg is stuitend en raakt aan de kern van het discriminatieverbod. Wij worden belast vanaf de allereerste euro. De Algemene Heffingskorting en de Ouderenkorting worden ons ontzegd, puur en alleen op basis van ons adres. Op grond van woonplaats wordt wel degelijk onderscheid gemaakt.
Het is een vorm van uitsluiting die in een moderne rechtsstaat niet thuishoort. Immers, de meerderheid van de mensen die door dit woonplaatsonderscheid worden geraakt, zijn Nederlanders die gebruik maken van hun recht om hun oude dag elders door te brengen.
Laten we het nogmaals scherp stellen:
- Woon je in Estland of Griekenland( EU)? Dan krijg je de kortingen wél.
- Woon je op IJsland of in Liechtenstein (EER)? Ook dan krijg je de kortingen.
- Woon je op Bonaire of Saba (BES) ? Zelfs dan krijg je kortingen.
- Maar woon je in TH? Dan betaal je de volle mep zonder enige korting.
Het wrange is dat Nederland jou voor de betaling van belasting behandelt als ‘binnenlands’. maar voor de rechten behandelt als volledig buitenlands. Met als gevolg een ‘woonplaatsboete’. Het verdrag 2025 legitimeert hiermee een systeem waarin de Nederlandse staat haar burgers in TH financieel degradeert tot tweederangs.
4. De 90% Valstrik
Vaak wordt gedacht: “Als we Thailand maar op het lijstje van de ‘landenkring’ krijgen, is het opgelost.” Helaas heeft de fiscus een tweede, geraffineerde hindernis ingebouwd: de 90%-inkomenseis op het wereldinkomen. Om recht te hebben op heffingskortingen, moet je aantonen dat minimaal 90% van jouw wereldwijde inkomen in Nederland belast wordt. Dit klinkt op papier redelijk, maar de wet gebruikt in Lid 7 van Artikel 7.8 Wet IB 2001 een rekenmethode die jouw inkomen ‘verdund’ met fictieve bedragen.
- De Box 3-fictie (Lid 3 & 7): Heb je spaargeld in Thailand, zoals de 800K Baht die noodzakelijk is voor jouw verblijf ‘retirement’? Volgens de rekenregels in Lid 7 moet jouw wereldinkomen worden berekend volgens de strikte regels voor binnenlandse belastingplichtigen. Dit betekent dat er over jouw Thaise banktegoeden een fictief rendement wordt berekend. Je wordt geacht winst te maken op geld dat je feitelijk niet eens mag uitgeven.
- Het Eigenwoningforfait (Lid 7): Heb je een eigen woning of condo in Thailand? Via de architectuur van Lid 7 telt de fiscus daarvoor een ‘fictief rendement’ op bij jouw wereldinkomen. Let wel: dit is geen geld dat je daadwerkelijk ontvangt, maar een papieren winst gebaseerd op de huurwaarde van een woning 9000 kilometer verderop.
- De Onzichtbare Drempel: Door deze fictieve inkomsten bij de rekensom op te tellen, wordt jouw NL pensioen procentueel kleiner in verhouding tot het totaal. Hierdoor zak je al snel onder de kritieke 90%-grens. Je verliest jouw recht op bijvoorbeeld de Ouderenkorting omdat je volgens de Nederlandse rekenregels ’te rijk’ bent in Thailand, terwijl Nederland ondertussen wel elke euro van jouw werkelijke pensioen incasseert.
Terwijl de Hoge Raad in het befaamde ‘Kerstarrest’ (2021) korte metten maakte met onrealistische fictieve rendementen voor binnenlandse spaarders, dwingt de wetgever de gepensioneerde in Thailand via Artikel 7.8 nog steeds in dit keurslijf. De status van KBB blijft zo een onbereikbaar doel, waardoor je netto honderden euro’s per maand kunt mislopen.
5. De onbenutte ruimte in Lid 8
In de tekst van Artikel 7.8, Lid 8 is een zogenaamde delegatiebepaling opgenomen. Dit biedt de regering de bevoegdheid om via een Algemene Maatregel van Bestuur (AMvB) groepen aan te wijzen die alsnog als kwalificerend kunnen worden aangemerkt, ook als zij niet aan alle standaard-criteria voldoen. Dit lid is in de wet verankerd als een noodzakelijke veiligheidsklep om flexibiliteit te bieden in situaties waar internationale rechtsbeginselen of de menselijke maat om een maatwerkoplossing vragen.
In de praktijk blijft deze deur voor de groep in Thailand vooralsnog gesloten. Hoewel de juridische infrastructuur voor een oplossing dus aanwezig is, lijkt de voorkeur momenteel uit te gaan naar een strikte handhaving van de regels. Hiermee blijft een belangrijk instrument onbenut om de rechtszekerheid en een evenwichtige behandeling voor deze groep gepensioneerden te borgen.
6. De Impact-Matrix: De ‘Woonplaats-boete’ ontleed!
In het vorige hoofdstuk zagen we dat Nederland de volledige zeggenschap over ons pensioen opeist. Maar wat betekent dit concreet in euro’s? Om de omvang van de fiscale discriminatie te begrijpen, moeten we kijken naar de ‘onderkant’ van de belastingaanslag: de heffingskortingen.
i. Waarom ons adres ons geld kost
In Nederland heeft iedere belastingbetaler recht op een ‘belastingvrij deel’ via de heffingskortingen. Dit is de menselijke maat in ons systeem; het zorgt ervoor dat mensen met een bescheiden inkomen niet direct worden kaalgeplukt. Echter, door de zogenaamde ‘landenkring-beperking’ bepaalt Den Haag dat wij in TH geen recht hebben op deze kortingen. Het resultaat is een directe boete op onze woonplaats. Hoewel we hetzelfde bruto pensioen hebben opgebouwd als onze vrienden in Spanje of Noorwegen, houden we onderaan de streep aanzienlijk minder over.
ii. De Cijfers: Een modaal pensioen vergeleken
Bij een modaal pensioen van € 28.000,- (AOW plus aanvullend pensioen) ziet de schade er als volgt uit:
| Post | EU/EER/BES | TH |
| Bruto inkomen | € 28.000 | € 28.000 |
| Loonheffing 8,1% (2026) | € 2.268 | € 2.268 |
| Heffingskortingen | JA (€ 821 naar rato) | NEE (€ 0) |
| Netto belastingdruk | € 1.447 | € 2.268 |
| Jaarlijkse schade | € 0 | € 821 (Woonplaatsboete) |
iii. De Paradox van de Gelijkstelling
De bovenstaande vergelijking legt de kern van ons protest bloot. Nederland gebruikt de verrekeningsmethode om te zorgen dat we nooit minder belasting betalen dan in Nederland, maar weigert de kortingen die ervoor zorgen dat we ook nooit meer betalen. Piet in Zwitserland wordt door de fiscus beschermd via de ‘landenkring’. Jan in TH betaalt over exact hetzelfde inkomen ruim € 821,- per jaar meer, enkel en alleen omdat hij buiten de door Den Haag getrokken cirkel woont.
Voor sommige NL-gepensioneerden in TH is dit bedrag van € 821 geen kleingeld. Het is het verschil tussen een menswaardig bestaan of elke maand de eindjes aan elkaar moeten knopen. De woonplaatsboete als ‘geografische straf’ mist elke juridische grondslag: Nederland krijgt via het nieuwe verdrag de volledige controle over ons inkomen krijgt, en eigenlijk heeft de Belastingdienst die al langer.
iv. Conclusie van de matrix
De overheid claimt dat het verdrag “dubbele belasting voorkomt”, maar de matrix bewijst dat het in de praktijk “extra belasting creëert” voor de NL-gepensioneerde in TH. Wij accepteren de plicht om bij te dragen, maar we eisen de rechten die bij die bijdrage horen.
7. Het Relaas van de Oncontroleerbaarheid
Nu de cijfers van de ‘Woonplaats-boete’ op tafel liggen, komt de onvermijdelijke vraag: Waarom doet de Belastingdienst dit? Het standaard antwoord uit Den Haag is al jaren een grijsgedraaide plaat: de fiscus zou in TH niet kunnen controleren of wij daar nog ander inkomen hebben. Zonder dat zicht op het ‘wereldinkomen’, zo stelt men, kunnen de heffingskortingen niet veilig worden toegekend. In 2026 is dit argument echter geen feitelijke vaststelling meer, maar een fiscale mythe.
De tijd dat TH een ‘zwart gat’ was voor de Nederlandse fiscus ligt ver achter ons. Er zijn twee cruciale ontwikkelingen die de controledrift van de fiscus volledig faciliteren:
- OESO / CRS (Common Reporting Standard): TH is sinds 2022 aangesloten bij deze internationale standaard. Dit betekent dat bankgegevens en financiële belangen al op grote schaal internationaal worden uitgewisseld.
- Artikel 25 van het nieuwe Verdrag: In het verdrag dat nu ter ratificatie voorligt, is een zwaar instrumentarium opgenomen voor de uitwisseling van informatie. Het heft het bankgeheim feitelijk op voor de Nederlandse belastinginspecteur.
De Nederlandse fiscus heeft in TH exact dezelfde controlemogelijkheden als op Sint Eustatius of in Liechtenstein. Dat we toch worden uitgesloten van onze rechten, heeft dus niets te maken met ‘niet kunnen controleren’. Het is een bewuste politieke keuze om een groep NL-gepensioneerden in TH financieel te benadelen, terwijl de controlemiddelen om het rechtvaardig uit te voeren gewoon op de plank liggen.
We zullen in een later deel zien dat Artikel 25 niet alleen een wapen is voor de fiscus, maar ook een dwingend bewijsstuk tegen de huidige uitsluiting.
Maar voor nu stellen we vast: de oncontroleerbaarheid is een fabeltje.
8. Artikel 23: De Onzichtbare Muur
In de komende weken zullen we Artikel 23 van het nieuwe verdrag uitgebreid bespreken. Dit artikel handelt over ‘non-discriminatie’ en regelt in het bijzonder de persoonlijke aftrekposten. Nederland zegt niet te zullen discrimineren, maar benoemt meteen een aantal uitzonderingen die het tegendeel moeten rechtvaardigen. In Artikel 23 worden directe persoonlijke leefgebieden benoemd die niet in aanmerking mogen komen voor heffingskortingen. Nederland beroept zich hier op een zogenaamde soevereine ‘vrijheid’ van overheden om niet-inwoners anders te behandelen. Maar deze vrijheid staat onder druk van moderne internationale rechtspraak. NL had de titel van dit artikel beter tegenovergesteld gekozen.
Wanneer Nederland het heffingsrecht volledig naar zich toetrekt, ‘absorbeert’ zij de verplichting om rekening te houden met de persoonlijke situatie. We zijn immers voor 100% afhankelijk van de Nederlandse belastingwetgeving voor ons netto besteedbaar inkomen. Het weigeren van persoonlijke rechten via de uitzonderingsclausules in Artikel 23 is in zo’n situatie juridisch aanvechtbaar en botst met het draagkrachtbeginsel. Het creëert een onhoudbare rechtsongelijkheid: wel de volledige lasten van het Nederlandse systeem, maar niet de bijbehorende bescherming en rechten.
9. Terugblik: de Rol van de Raad van State
Dat de Raad van State het verdrag vlotjes heeft goedgekeurd, is een teken aan de wand. De RvS toetst primair of het verdrag formeel in orde is, tevens of het beleid van de regering wordt gevolgd. Men kijkt naar de grote lijnen van het verdragsrecht, niet naar de individuele menselijke maat of de specifieke positie van de NL-gepensioneerde in TH die door de 90%-eis wordt vermorzeld. Het is een ’technische goedkeuring’ die voorbijgaat aan de negatieve impact van dit verdrag op hen die het aangaan.
Om die reden is verleden week de Oproep aan de Commissie voor Financiën van de Tweede Kamer naar voren gehaald. De politiek moet beslissen of zij akkoord gaat met een verdrag dat de discriminatie van een specifieke groep Nederlanders institutionaliseert. Er zijn zogenaamde ‘procedurevergaderingen’ gepland. Zullen de Kamerleden de moed hebben om dit verdrag terug te sturen voor reparatie, of laten zij de NL-gepensioneerden in de kou staan onder de brandende Thaise zon?
10. De optelsom: Acht fiscale verschuivingen
Wanneer we de balans opmaken van het nieuwe verdrag (2025) ten opzichte van het huidige verdrag uit 1975, zien we acht fundamentele verschuivingen. Zeven daarvan zijn directe verslechteringen voor de NL-gepensioneerde in Thailand:
- Verlies van het draagkrachtbeginsel: De menselijke maat verdwijnt; wij worden belast als een kolom op een begroting, niet als een burger met persoonlijke lasten.
- De 100%-claim: Nederland trekt alle heffingsrechten naar zich toe, waardoor wij voor ons besteedbaar inkomen volledig overgeleverd zijn aan Den Haag.
- De ‘Woonplaatsboete’: wij betalen een extra belasting puur omdat wij in Thailand woen; een geografische discriminatie die in een modern verdrag niet thuishoort.
- De 90%-valstrik: Door de rekenmethode van Artikel 7.8, Lid 7, worden wij via fictieve inkomsten (zoals het eigenwoningforfait) kunstmatig uit de rechten van de ‘landenkring’ geduwd.
- De weigering van bevoegdheid: De overheid weigert de bestaande bevoegdheid in Artikel 7.8, Lid 8 te gebruiken om de groep in Thailand als kwalificerend aan te merken.
- Netto-daling: De verschuiving leidt voor de meeste gepensioneerden tot een directe, substantiële daling van het maandelijks besteedbaar inkomen.
- Het einde van het ‘controle-excuus’: Met de dwingende informatie-uitwisseling (Artikel 25) heeft Nederland alle controle, maar weigert zij de bijbehorende rechten te verlenen.
- De uitgeholde non-discriminatie: Artikel 23 draagt de naam ‘non-discriminatie’, maar wordt in de praktijk gebruikt om de uitsluiting van uw persoonlijke rechten juridisch dicht te timmeren.
11. Resumé: een Eis tot Reparatie
Rechtvaardigheid stopt niet bij de grenzen van de EU, of bij de EER of ergens ver weg in het Caribisch gebied op een van de BES-eilanden. De ratificatie van het belastingverdrag 2025 mag niet plaatsvinden zonder een gelijktijdige reparatie van de Wet Inkomstenbelasting 2001.
Onze conclusie is helder:
- Fiscale Gelijkheid: De landenkring in Artikel 7.8 moet worden uitgebreid. TH, een land waarmee we bilateraal een intensief en modern verdrag sluiten inclusief volledige transparantie, hoort op die lijst thuis. TH is nu fictief en feitelijk ‘woonland’.
- Eerbiediging van de Draagkracht: Nederland kan niet de volledige opbrengst opeisen en tegelijkertijd de zorg voor de persoonlijke situatie van de burger ontlopen.
- Stop de Woonplaatsboete: Een pensioen euro is een pensioen euro. De woonplaats mag nooit een reden zijn voor een hogere belastingdruk bij een bronlandheffing. Een euro pensioen in de ‘landenkring’ blijkt meer waard dan diezelfde euro in TH.
Draagkracht dient leidend te zijn voor een rechtvaardig stelsel. Als Nederland de soevereiniteit opeist over de opbrengst, moet zij ook de verantwoordelijkheid nemen voor de draagkracht van de burger. Alleen dan is de belofte van “het voorkomen van dubbele belasting” werkelijk ingelost, zonder dat de NL-gepensioneerde in TH wordt geofferd aan de Fiscus.
Volgende week Deel 2 over de Artikelen 18 en 19: De Pensioen-Klem – Hoe de weg wordt vrijgemaakt voor een 100% Nederlandse claim op ons aller inkomen.
Ingezonden door: Ruud B.
Over deze blogger
Lees hier de laatste artikelen
Belasting Nederland22 april 2026Hordelopen in het Belastingverdrag NL-TH 2025 (lezersinzending)
Lezersvraag21 april 2026Thailand lezersvraag: heeft de NL-belastingdienst inzage in mijn bankrekening?
Gezondheid20 april 2026Vraag aan huisarts Maarten: Pacemaker
Lezersvraag20 april 2026Thailand lezersvraag: oppas gezocht voor onze farmhouse bij Kalasin
