Veel mannen hier hebben een tweede leven opgebouwd in Thailand. Een jongere partner, een kind dat naar de Thaise school gaat. En dan die ene gedachte, meestal ’s nachts: wat als ik er niet meer ben? Een wezenuitkering voor mijn kind, dat geeft rust. Alleen klopt dat beeld niet.

De Nederlandse wezenuitkering is er alleen voor een kind dat beide ouders verliest. Zolang de moeder leeft, staat je kind met lege handen. Naar Thailand overmaken mag trouwens gewoon, dat is het punt niet. Het draait om twee andere vragen: is er recht, en was jij op dat moment nog verzekerd?

Wanneer je kind recht heeft op een wezenuitkering

De wezenuitkering hoort bij de Algemene nabestaandenwet, de Anw. De Sociale Verzekeringsbank betaalt hem aan een kind dat beide ouders is verloren, op voorwaarde dat de laatst overleden ouder op dat moment verzekerd was voor de Anw. De hoogte hangt af van de leeftijd van het kind. Wat het kind zelf aan inkomen of spaargeld heeft, doet niet mee.

Het kind moet jonger zijn dan 21. Tot 16 jaar is er altijd recht. Tussen 16 en 21 komen er eisen bij, meestal dat het kind volledig dagonderwijs volgt. Bij 21 stopt het hoe dan ook. Dit staat los van de kinderbijslag en los van een nabestaandenuitkering voor een partner.

Waarom een halfwees kind buiten de boot valt

Hier wringt het. De Anw kent alleen volle wezen, kinderen die allebei hun ouders kwijt zijn. Sterf jij terwijl de moeder van je kind gewoon leeft, dan is je kind in de ogen van de wet geen wees. Geen recht, geen uitkering. Het is een kille regel, maar zo staat hij op papier.

Wat dan overblijft, is een nabestaandenuitkering, niet voor het kind, maar voor de moeder. En daar zit een smalle deur voor. Ze krijgt die alleen als ze jonger is dan de AOW-leeftijd en een kind onder de 18 verzorgt, of voor minstens 45 procent arbeidsongeschikt is naar Nederlandse maatstaf. En ook dan nog moet jij verzekerd zijn geweest. Een oudere man met een jongere partner zonder minderjarige kinderen ziet haar er vaak buiten vallen.

Naar Thailand mag en zonder korting

Kan het geld überhaupt de kant van Thailand op? Ja. Thailand is een verdragsland. Er liggen afspraken met Nederland over uitbetaling en controle, en daardoor mag een Anw-uitkering daarheen.

Jarenlang ging alle onrust over iets anders: de woonlandkorting, die zo’n uitkering verlaagde naar het kostenniveau van het woonland. Voor Thailand is die van tafel. De Centrale Raad van Beroep oordeelde op 5 april 2018 dat de korting daar niet mag, en sinds 1 april 2018 passen de SVB, het UWV en de Belastingdienst hem niet meer toe. De uitkering gaat dus voor honderd procent naar Thailand. Grappig eigenlijk: mensen maakten zich druk om de korting, terwijl het echte struikelblok ergens anders lag. Onthoud het verschil: het verdrag regelt de betaling, niet of er recht bestaat.

Hoeveel je kind zou krijgen

De bruto bedragen per maand voor een volledige wezenuitkering:

Leeftijd kindBruto per maandVakantiegeld (opbouw)
tot 10 jaar€ 526,95€ 41,02
10 tot 16 jaar€ 790,43€ 61,53
16 tot 21 jaar€ 1.053,90€ 82,04

Daar komt een Anw-tegemoetkoming bij van € 21,77 bruto per maand. Op papier ziet dat er niet slecht uit, een wees van 16 krijgt bijna evenveel als een getrouwde aow’er. Alleen geldt dat bedrag voor een situatie die in deze groep bijna nooit voorkomt: beide ouders overleden. Uitbetaling gebeurt in euro’s, dus wat het in baht wordt, hangt af van de dagkoers en van waar je het laat binnenkomen.

Hoe je het aanvraagt en wie het geld krijgt

De aanvraag loopt via de SVB, voor een kind in Thailand via de afdeling die buitenlanddossiers doet. Loop het in deze volgorde na.

  1. Gaat het echt om een volle wees? Zijn beide ouders overleden? Zo nee, dan houdt het hier op.
  2. Was de laatst overleden ouder verzekerd voor de Anw? Bij een geëmigreerde ouder is dit het kantelpunt.
  3. Vraag de uitkering aan bij de SVB.
  4. Regel de betaling. Tot 18 jaar gaat het geld naar de voogd, verzorger of instelling. Van 18 tot en met 20 jaar krijgt de wees het zelf. Op een Thaise rekening kan het langer duren voor het bedrag er staat.

De valkuil waar het echt misgaat

Wie in het buitenland gaat wonen, is meestal niet meer verplicht verzekerd voor de Anw. Dat gaat vanzelf, zonder brief die je erop wijst. Overlijd je zonder die verzekering, dan is er geen wezenuitkering en geen nabestaandenuitkering. Voor niemand.

Er is één uitweg, en die heeft haast. Je kunt jezelf vrijwillig blijven verzekeren voor de Anw bij de SVB. Dat moet binnen een jaar nadat je verplichte verzekering is gestopt, dus rond je emigratie. Mis je die termijn, dan gaat de deur dicht en blijft hij dicht. Kijk daarnaast naar een aanvullend nabestaandenpensioen bij je pensioenfonds. Dat kent eigen regels en hangt niet aan de strenge Anw-eisen.

Voor Belgische lezers ligt het omgekeerd

Ben je Belg, dan zit je in een ander stelsel, en dan draait de zaak om. Binnen het Groeipakket bestaat wel een toeslag voor kinderen die één ouder verliezen. Een halfwees telt daar dus gewoon mee.

Maar de betaling loopt vast. Het Groeipakket gaat naar een kind dat in België is gedomicilieerd. Buiten de Europese Economische Ruimte kan het alleen via een bilateraal akkoord, en met Thailand heeft België dat niet. Verhuist een Belgisch kind naar Thailand, dan raakt het in de regel het Groeipakket kwijt, wezentoeslag inbegrepen. Zo krijg je twee landen die elkaars spiegelbeeld zijn. Nederland betaalt naar Thailand, maar alleen voor volle wezen. België kent de halfwees, maar betaalt niet naar Thailand.

De fouten die bijna iedereen maakt

  • “Als ik doodga, is mijn kind wees en krijgt het een uitkering.” Fout, zolang de andere ouder leeft.
  • “Het verdrag met Thailand regelt dat mijn nabestaanden verzekerd zijn.” Fout. Het verdrag regelt de uitbetaling, niet het recht of de verzekering.
  • “In Thailand valt de uitkering lager uit door de woonlandkorting.” Achterhaald sinds 1 april 2018.
  • “Belgisch kind, dus die toeslag reist gewoon mee.” Fout. Zonder Belgische domicilie en zonder akkoord vervalt het meestal.

Wat je nu kunt doen

Leg je eigen situatie langs vier vragen. Dan zie je meteen waar je staat.

  1. Zijn beide ouders overleden? Nee? Dan geen wezenuitkering, kijk naar de nabestaandenuitkering voor de moeder.
  2. Was de laatst overleden ouder verzekerd voor de Anw? Nee? Dan geen recht, tenzij er op tijd een vrijwillige verzekering liep.
  3. Woont het kind in Thailand? Ja? Dan gaat het geld die kant op, zonder woonlandkorting.
  4. Gaat het om een Belgisch gezin? Dan andere regels: halfwezen telt mee, maar naar Thailand betalen valt weg.

En los daarvan de belangrijkste stap: emigreer je voor je AOW en wil je dat je partner of kind iets achter de hand heeft, sluit dan die vrijwillige Anw-verzekering binnen het jaar. De bedragen en voorwaarden veranderen twee keer per jaar, dus check ze bij de SVB voordat je erop rekent.

Het gaat dus niet om Thailand, maar om je eigen gezin. Leeft de moeder nog, dan krijgt je kind geen wezenuitkering, en dat verander je niet met een formulier achteraf. Wat je wel kunt regelen, is die vrijwillige verzekering, binnen een jaar na je vertrek. Daarna is het te laat.

Bronnen: Sociale Verzekeringsbank, Rijksoverheid, Centrale Raad van Beroep, Groeipakket Vlaanderen

Over deze blogger

Redactie
Redactie
Dit artikel is geschreven en gecontroleerd door de redactie. De inhoud is gebaseerd op persoonlijke ervaringen, meningen en eigen onderzoek van de auteur. Waar relevant, is er gebruikgemaakt van AI als hulpmiddel bij het schrijven en structureren van teksten. Wij genereren soms ook foto's met AI. Hoewel er zorgvuldig wordt omgegaan met de inhoud, kan niet worden gegarandeerd dat alle informatie volledig, actueel of foutloos is.
De lezer is zelf verantwoordelijk voor het gebruik van de informatie op deze website. De auteur aanvaardt geen aansprakelijkheid voor eventuele schade of gevolgen die voortvloeien uit het gebruik van de geboden informatie.

Laat een reactie achter