De strafzaak draagt de naam ‘Quebec ‘en moet duidelijk maken hoe een organisatie volgens het OM Thaise vrouwen naar Nederland bracht en geld verdiende aan hun werkzaamheden. De verdachten zouden verschillende rollen hebben gespeeld, zowel bij het naar Nederland halen van de vrouwen als bij hun verblijf en werkzaamheden hier.

Het onderzoek begon nadat een van de vrouwen in Leeuwarden werd aangetroffen. Vanuit die vondst kwam een zaak aan het licht die zich over een groot deel van Nederland uitstrekt. De inhoudelijke behandeling moet uiterlijk op 9 oktober 2026 zijn afgerond.

Vijf hoofdverdachten en twaalf medeverdachten

Voor de rechtbank staan vijf hoofdverdachten en twaalf medeverdachten. Het OM verdenkt hen ervan in verschillende mate betrokken te zijn geweest bij de uitbuiting van elf Thaise vrouwen.

Niet iedere verdachte zou rechtstreeks bij de vermeende uitbuiting betrokken zijn geweest. Sommigen worden ervan verdacht ondersteunende diensten te hebben geleverd, zoals het regelen van huisvesting of vervoer. Ook zijn er verdenkingen van witwassen en het innen en vervoeren van geld.

De verdachten wonen verspreid door Nederland. De zaak heeft volgens het OM onder meer verbindingen met Leeuwarden, Assen, Nijmegen, Emmeloord, Lelystad, Spijkenisse, Veghel, Amersfoort en Den Bosch. Omdat het onderzoek in Leeuwarden begon, werd het uitgevoerd door het politieteam Mensenhandel Noord-Nederland, onder leiding van een officier van justitie die gespecialiseerd is in mensenhandel.

Schuld van meer dan 10.000 euro in Thailand

Een belangrijk onderdeel van de strafzaak draait om de manier waarop de vrouwen vanuit Thailand naar Nederland zouden zijn gekomen.

Volgens het OM werden zij in Thailand via bemiddelingsbureaus geworven om in Nederland te werken. Daarbij zouden zij een schuld van meer dan 10.000 euro zijn aangegaan. Een deel van de Nederlandse verdachten zou contact hebben onderhouden met deze Thaise bureaus.

De betrokken vrouwen hadden volgens justitie niet de vereiste toestemming om in Nederland in de prostitutie te werken. Het OM beschouwt het naar Nederland brengen en laten werken van de vrouwen daarom ook als mensensmokkel.

Tot veertien klanten per dag

De werkomstandigheden waren volgens justitie zwaar. Sommige vrouwen zouden tot veertien klanten per dag hebben ontvangen.

Het OM stelt dat zij geïsoleerd leefden en zich vaak angstig en kwetsbaar voelden. Ook zouden zij vooraf instructies hebben gekregen over hoeveel geld zij moesten verdienen. Via contracten zouden de vrouwen bovendien financieel afhankelijk zijn gehouden. Volgens het OM moesten zij in veel gevallen meer dan de helft van hun inkomsten afstaan. Dat geld zou vervolgens zijn teruggevloeid naar de betrokken bureaus in Thailand en personen die met deze organisaties samenwerkten. De vrouwen zouden daarnaast instructies hebben gekregen over wat zij moesten zeggen wanneer de Nederlandse politie vragen stelde.

Verdachten regelden huisvesting, vervoer en geldstromen

De twaalf medeverdachten zouden vooral in Nederland ondersteunende werkzaamheden hebben verricht. Volgens het OM hebben verschillende verdachten huisvesting voor de vrouwen geregeld. Een andere verdachte zou condooms hebben geleverd. Ook zouden foto’s van de vrouwen zijn gemaakt en zou vervoer zijn georganiseerd.

Enkele verdachten worden ervan beschuldigd betrokken te zijn geweest bij het innen en vervoeren van het geld dat de vrouwen verdienden. Het OM ziet deze verschillende werkzaamheden niet als losse handelingen, maar onderzoekt in de zaak Quebec in hoeverre zij onderdeel waren van een organisatie die de uitbuiting mogelijk maakte.

OM noemt mensenhandel moderne slavernij

De officieren van justitie gebruiken stevige woorden voor de verdenkingen. Zij omschrijven mensenhandel als een vorm van moderne slavernij, waarbij mensen worden uitgebuit voor financieel gewin.

Volgens het OM vormt mensenhandel een ernstige aantasting van de menselijke waardigheid en lichamelijke integriteit. De rechtbank moet de komende weken bepalen welke rol iedere verdachte daadwerkelijk heeft gespeeld en welke beschuldigingen juridisch bewezen kunnen worden.

Eerste strafeisen volgen op 14 en 17 september

De strafzaak neemt meerdere weken in beslag. In totaal heeft de rechtbank veertien zittingsdagen gereserveerd. Het OM verwacht op 14 en 17 september 2026 de strafeisen tegen de vijf hoofdverdachten bekend te maken. De eisen tegen de overige twaalf verdachten volgen later, naar verwachting eind september en begin oktober.

De inhoudelijke behandeling van de omvangrijke mensenhandelzaak moet uiterlijk 9 oktober 2026 zijn afgerond.

Bron: Openbaar Ministerie, 7 september 2026
https://www.om.nl/actueel/nieuws/2026/09/07/veertien-zittingsdagen-en-zestien-verdachten.-grote-noord-nederlandse-mensenhandelzaak-van-start


Over deze blogger

Redactie
Redactie
Dit artikel is geschreven en gecontroleerd door de redactie. Wij maken o.a. gebruik van AI om onderzoek te doen naar onderwerpen en het schrijven over deze onderwerpen. Wij genereren ook foto's met AI, maar gebruiken daarnaast ook stockfoto's. Hoewel er zorgvuldig wordt omgegaan met de inhoud, kan niet worden gegarandeerd dat alle informatie volledig, actueel of foutloos is.
De lezer is zelf verantwoordelijk voor het gebruik van de informatie op deze website. De auteur aanvaardt geen aansprakelijkheid voor eventuele schade of gevolgen die voortvloeien uit het gebruik van de geboden informatie.

Laat een reactie achter