De slang

Vroeg in de ochtend was ik net bekomen van het ochtendontbijt: een kopje koffie, een glas sinaasappelsap met een boterham tonijn, al snuffelend op de digitale snelweg of de wereld vandaag richting het einde van de mensheid gaat. Het viel weer mee, deze dag, hoewel het gekibbel van de silverbacks van al diegenen van regionaal niveau tot wereldleiders over hun visie op hoe te handelen met problemen van enkele weken oud tot honderden jaren terug, vaak vastloopt in eigenbelang.
Tijdens het doornemen van de berichtgeving op Thailandblog over het stijgen van de goudprijs, terwijl het op mijn website toch met meerdere punten ingezakt was en de geweldige stijging van de euro ten opzichte van de baht van cijfers van achter de komma het cijfertje vóór de komma ging beïnvloeden, vertrok mijn vrouw naar het winkeltje van de familie. Dit was in het verleden van mijn vrouw en daarna van haar zoon met vriendin. Ze is ervan overtuigd, als inmiddels op pensioenleeftijd zijnde, dat werken, uurtje of wat, zes dagen in de week haar behoedt voor dementerende zaken en haar sociale contacten op peil houdt. En wie weet zelfs een stabiele relatie met mij als echtgenoot.
Een paar minuten later staat mijn vrouw weer voor het hek, ZONDER auto, ietsje gestrest iets mee te delen over de slang. Toen ik het doodlopende weggetje uitliep waar wij wonen, zag ik de auto bij de kruising staan met wat buren erbij en een overduidelijk spanningsveld van diverse buren. Eerste vraag was natuurlijk of je iets of iemand had aangereden. Nee, dat was het niet. De buurvrouw had een slang gezien terwijl ze op het punt stond om in haar wagen te stappen. Of ik even wilde kijken, want de buurman was weg naar het werk en de vrouwelijke achterblijvers hadden het niet zo op slangen, zo min ook de Britse overbuurman.
Daar sta je dan in je boxershort met even snel een blouse aangetrokken, tussen een stuk of vier Thaise dames van twintig tot ruim zestig jaar oud, de slang te zoeken. Waar o waar was de slang, want die had niet gewacht op mij. Na een paar minuten toch wel enigszins voorzichtig zoeken onder de auto, in de bosjes en langs de goot van het grote hek, viel mij een kikker in doodsangst op. Eigenlijk was het meer het gekronkel van een overlevingsstrijd. Met als tegenstander de slang, een beest van een driekwart meter dat volgens mijn rechterhand-buurvrouw in deze zoektocht voor een cobra werd geclassificeerd. Nou, lekker sta je dan met de hark van de buurvrouw met de rechterhand-buurvrouw van de overkant, die een spuitbus muggenspray en een stuk ijzeren stang vasthield om de dodelijke slag toe te brengen, nadat ik het beest heb klemgezet met de hark. Althans, dat was het snel genomen strijdplan.
De slang vangen met een vangstok was geen optie bij gebrek aan een vangstok en daarnaast zijn die beesten razendsnel, dus vaak totaal nutteloze vangstokken bij slangen van deze omvang. In de natuur uitzetten is daarnaast ook niet echt iets wat men in een ‘Moo baan’ als een redelijke oplossing ziet. Kennis van het merk slangen is in een stadse omgeving zo ongeveer nul, dus er wonen weinig slangen in onze ‘Moo baan’. Kill them all is the best way, was het advies van mijn rechterhand, hospital is worse. Na een twee-seconden gerichte spuit met de groene bus muggenspray van mijn ‘rechterhand’ kotste de slang zijn half verorberde kikker uit en begon het te kronkelen vanuit de smalle goot richting het groen langs de muur. Ik kon hem daar vastzetten met de hark tegen de muur, terwijl er toch nog wel de kop met een stukje lijf achter de hark loskwam, die mij nogal heel geïrriteerd aankeek. Waarna hij de genadeslag van mijn ‘rechterhand’ kreeg toegediend. De doodsstrijd duurde maar kort. Na de dode slang op de pan schop nog eens goed bekeken te hebben door de dames, was het overduidelijk een gevaarlijke slang.
Na de nodige bedankjes voor mijn ondersteuning konden alle dames terug naar hun dagelijkse werkzaamheden keren en ging ik ook maar weer verder met mijn activiteiten. Om alle rotzooi van verbouwingsrestantjes, potten en pannen, plus dozen en tuingereedschap, nog wat tegels en wat al niet meer met groeisel ertussen en erop eens op te ruimen, omdat er dan minder reden is voor een slang om zijn territorium daar te vestigen, heb ik maar achterwege gelaten.
Over deze blogger

-
Men heeft mij gevraagd om wat info te vermelden over het wel en wee van mijn aanwezigheid hier. Laat ik voorop stellen dat ik mijzelf op zijn hoogst als part-time journalist zie. Schrijver mag ook, wie had dat ooit gedacht.
Ik ben op mijn 54ste jaar naar Thailand vertrokken nadat ik al een jaar of acht verliefd verloofd getrouwd was met mijn Thaise liefde.
De grijze wolken in Nederland werden te donker, de recessie, werkgever had het veel, erg veel over polen. De geest was al een tijdje uit de fles, en niet altijd de meest vriendelijkste.
Appartement uit 1928 verkocht voor een vette winst na twintig jaar wonen. En ons inmiddels al jaren gekochte Thaise huis betrokken. Wij spreken over het jaartal 2008.
Gelijk de golven van de zee in een rusteloze dag in Thailand zijn wij inmiddels al een paar jaar voorzien van mijn pensioen in rustig vaarwater terechtgekomen.
Hobby's van alles en nog wat binnen de grenzen van ons bestaan, na lezen is af en toe schrijven erbij gekomen.
Lees hier de laatste artikelen
Opmerkelijk2 juni 2026De ultieme strijd om het plastic paradijs
Expats en pensionado29 mei 2026Wonen in Phayao
Expats en pensionado21 mei 2026Wonen in Phrae
Expats en pensionado12 mei 2026Wonen in Samut Prakan
