Vraag een oudere Thailandganger naar zijn eerste keer, en je krijgt zelden een verhaal over de prijs. Je krijgt een verhaal over spanning. Over een dik ticketboekje, een buurman die het amper geloofde, en een vertrek dat weken van tevoren al gespreksstof was. Vliegen naar Thailand deed je in die jaren niet even tussendoor.

Toch begon dat allemaal niet bij de vakantieganger. Het begon bij een grasveld ten noorden van Bangkok, bij post die snel moest, en bij een oorlog verderop. Pas toen die drie dingen samenkwamen, werd het retourtje Bangkok iets voor gewone mensen. Dit is hoe dat ging.

Bangkok was eerst een tankstation

Lang voordat er ook maar iemand voor zijn plezier naar Thailand vloog, stond Bangkok al in de dienstregeling. Vanaf 1929 was Don Mueang, een grasveld ten noorden van de stad, een vaste stop op de KLM-lijn van Amsterdam naar Batavia. Het toestel tankte er bij, de reizigers strekten de benen, soms een uur, soms een hele nacht. Bangkok was geen doel, maar een halte tussen Rangoon en de Indische archipel.

Goedkoop was er niets aan. Een enkele reis Amsterdam-Batavia kostte rond de 900 gulden, en aan boord zaten zakenlieden, bestuursambtenaren en een enkele rijke particulier. Wie gewoon verlof had, nam de boot. De post was vaak belangrijker dan de passagier: een brief lag per vliegtuig binnen dagen in Batavia, in plaats van weken. In mei 1940 knipte de oorlog de lijn door, en de wereld waarvoor die bedacht was, kwam daarna niet meer terug.

Na de oorlog raakte Thailand uit beeld

Toen Nederlands-Indië, Indonesië werd, verdween ook de reden voor die lange lijn. Het beginpunt was er nog, het eindpunt niet meer. Voor de gemiddelde Nederlander was Thailand daarna jarenlang een land waar je overheen vloog, niet naartoe. Ver, warm, en vooral abstract.

Wie in de jaren vijftig aan Azië dacht, dacht aan kolonie en oorlog, niet aan strand en tempels. Er was geen folder, geen prijs, geen reisbureau om de hoek dat je naar Bangkok stuurde. Het idee dat je daar op vakantie zou gaan, bestond gewoon nog niet.

Een oorlog verderop zette Thailand op de kaart

Dat veranderde door iets wat weinig met vakantie te maken had. Tijdens de oorlog in Vietnam kwamen Amerikaanse militairen in Thailand op verlof, en Pattaya groeide van vissersdorp uit tot een plek met hotels aan het strand en een weg naar Bangkok. In 1967 telde het land zo’n 336.000 buitenlandse bezoekers en daarbovenop tienduizenden militairen op verlof. De Thaise overheid zag het en richtte al in 1960 een eigen toeristenorganisatie op, de voorloper van wat nu de Tourism Authority of Thailand heet. In dat eerste jaar kwamen er ruim 81.000 buitenlanders. In de loop van de jaren zeventig ging dat over de miljoen.

Het is een ongemakkelijk begin, en dat mag je best zo noemen. De reputatie van Pattaya en delen van Bangkok is in deze jaren ontstaan, en de rekening daarvan betaalt Thailand tot vandaag. Maar het is ook waar dat deze periode de hotels, de wegen en de vliegverbindingen opleverde waar de latere, gewone toerist gebruik van maakte.

De jumbojet maakte de verte kleiner

De echte omslag zat in de techniek. In 1970 kwam de Boeing 747 in dienst, een toestel dat ruim twee keer zoveel mensen meenam als het vorige. Meer stoelen per vlucht betekende lagere kosten per stoel, en dus lagere prijzen. In het decennium erna daalde de reële prijs van een intercontinentaal ticket met tientallen procenten.

Daarmee werd verre reizen niet goedkoop, maar wel denkbaar. Wat eerst alleen voor zakenlui en diplomaten was weggelegd, kwam langzaam in het zicht van de leraar, de ambtenaar en de vervroegd gepensioneerde die had gespaard. De afstand tot Bangkok bleef veertienduizend kilometer. Alleen paste hij nu net binnen een mensenleven vol vakantiedagen.

De reisbranche ontdekt de verre bestemming

De Nederlandse reiswereld schoof mee. Holland International kwam in 1974 op, en een busbedrijf als Arke stapte in deze jaren over op vliegreizen en groeide hard. De folder met verre bestemmingen deed zijn intrede naast die met Spanje en de Costa Brava.

Toch klopt het woord chartervakantie hier maar half, en dat is eerlijker om te zeggen. Thailand werd geen bestemming zoals Benidorm, waar volle toestellen toeristen heen en weer pendelden. Het bleef lang een land dat je met een lijnvlucht bereikte, vaak op een fors afgeprijsd ticket, en dat je combineerde met een rondreis. De charter in de zin van zon, zee en een vast hotel kwam voor Thailand pas veel later, en nooit zo massaal als aan de Middellandse Zee.

En toch bleef het een vermogen

Wie denkt dat de verre reis daarmee betaalbaar was geworden, vergist zich. Het officiële internationale tarief voor een retour Amsterdam-Bangkok stond eind jaren tachtig op 4200 gulden, en dat was meer dan een modaal maandsalaris. Bijna niemand betaalde dat volle bedrag. Op dezelfde route vlogen tientallen maatschappijen met evenzoveel prijzen, en handelaren kochten tickets in het buitenland om ze hier met korting te verkopen. Het goedkoopste retour kon rond de 1350 gulden liggen.

Er zat wel een bodem in die markt. Een enkele maatschappij vloog nog goedkoper, maar daar stuurde een handelaar liever niemand heen. Mensen die de eerste keer met zo’n prijsvechter naar Bangkok gingen, hielden er zo’n afkeer aan over dat ze het vliegen bijna afzworen. Zo’n detail zegt soms meer over die tijd dan welk tarief ook.

Het eerste retourtje als gebeurtenis

Wat je uit die verhalen vooral proeft, is dat de reis zelf een gebeurtenis was. Je ging naar een reisbureau, kreeg een dik ticketboekje mee, en vertelde de buren maanden van tevoren dat je ging. Weinig mensen deden het, en juist dat maakte het bijzonder. De prijs was hoog, de vlucht lang, en de bestemming voor de meesten thuis nog een naam uit de atlas.

Dat is de kant die je met geen enkele prijsvergelijking terugkrijgt. Vandaag tik je Bangkok in, vergelijk je vier websites en klaag je als de stoel bij het raam vijftien euro extra kost. Makkelijker, goedkoper in echte koopkracht, en toch een beetje gewoner geworden.

Het eerste retourtje Bangkok was nooit een koopje. Het was sparen, wachten, en dan opstappen naar iets wat de meeste mensen om je heen alleen van de kaart kenden. Wie die tijd terugverlangt, verlangt niet naar de prijs. Die was hoger dan je je herinnert.

Bronnen: Thailandblog, Reformatorisch Dagblad (Digibron), Tourism Authority of Thailand, CBS, Wikipedia

Over deze blogger

Redactie
Redactie
Dit artikel is geschreven en gecontroleerd door de redactie. De inhoud is gebaseerd op persoonlijke ervaringen, meningen en eigen onderzoek van de auteur. Waar relevant, is er gebruikgemaakt van AI als hulpmiddel bij het schrijven en structureren van teksten. Wij genereren soms ook foto's met AI. Hoewel er zorgvuldig wordt omgegaan met de inhoud, kan niet worden gegarandeerd dat alle informatie volledig, actueel of foutloos is.
De lezer is zelf verantwoordelijk voor het gebruik van de informatie op deze website. De auteur aanvaardt geen aansprakelijkheid voor eventuele schade of gevolgen die voortvloeien uit het gebruik van de geboden informatie.

Laat een reactie achter