Volgens Kelder verwordt de Nederlandse democratie tot een ‘gerontocratie’, omdat politieke partijen volgens hem de privileges van ouderen niet ter discussie durven stellen. Als voorbeeld noemt hij de ouderenkorting. Zijn advies is eenvoudig: schrappen. Dat zou €5,6 miljard opleveren.

Dat bedrag blijkt bepaald niet uit de lucht gegrepen.

Ouderenkorting kost bijna €5,6 miljard

In de Miljoenennota voor 2026 wordt de budgettaire omvang van de ouderenkorting geraamd op €5,592 miljard. Daarmee behoort deze belastingkorting tot de grotere fiscale regelingen voor huishoudens. Het officiële doel is inkomensondersteuning voor ouderen.

Iedere belastingplichtige die aan het einde van het jaar de AOW-leeftijd heeft bereikt, kan er in beginsel voor in aanmerking komen.

In 2026 bedraagt de maximale ouderenkorting €2.067 per persoon bij een verzamelinkomen tot en met €46.002. Daarboven wordt de korting geleidelijk kleiner. Vanaf een verzamelinkomen van €59.783 is de ouderenkorting volledig verdwenen.

Het is dus niet zo dat vermogende ouderen met zeer hoge inkomens zonder beperking duizenden euro’s belastingkorting ontvangen.

Maar ouderen hebben wel veel vermogen

Kelder raakt met zijn kritiek desondanks een gevoelig punt. Oudere Nederlanders hebben gemiddeld en in doorsnee aanzienlijk meer vermogen opgebouwd dan jonge huishoudens.

Dat komt voor een belangrijk deel door woningbezit. CBS-cijfers over 2024 laten bijvoorbeeld zien dat woningbezitters tussen 65 en 75 jaar gemiddeld ongeveer €678.000 aan vermogen hadden. Bij woningbezitters tussen 25 en 35 jaar was dat ongeveer €227.000. Ook het opgebouwde pensioenvermogen is bij oudere groepen vanzelfsprekend veel groter.

Dat betekent niet dat iedere gepensioneerde rijk is. Het verschil tussen een oudere met een afbetaalde koopwoning en een alleenstaande aow’er in een huurwoning is enorm.

CBS-cijfers laten dat eveneens zien. Huishoudens met pensioen als belangrijkste inkomensbron zijn relatief vermogend, maar achter gemiddelden gaan grote onderlinge verschillen schuil.

Inkomen telt, vermogen nauwelijks

Daar zit een interessante zwakke plek in de ouderenkorting.

De regeling kijkt vooral naar het verzamelinkomen en niet rechtstreeks naar het totale vermogen. Twee gepensioneerden met hetzelfde belastbare inkomen kunnen daardoor dezelfde ouderenkorting ontvangen, terwijl de een nauwelijks spaargeld bezit en de ander in een hypotheekvrije woning van enkele tonnen woont.

Daarmee wordt de discussie ingewikkelder dan de keuze tussen ‘ouderen ontzien’ en ‘ouderen laten betalen’. Wie de ouderenkorting volledig afschaft, raakt namelijk niet alleen welgestelde gepensioneerden. Ook ouderen met uitsluitend AOW of een klein aanvullend pensioen worden getroffen.

Wordt Nederland werkelijk een gerontocratie?

Kelders woordkeuze is bewust provocerend, maar zijn onderliggende vraag is relevant. Nederland vergrijst. Ouderen vormen een steeds grotere groep kiezers en onderwerpen als de AOW, pensioenen en koopkracht van gepensioneerden zijn politiek uiterst gevoelig. Tegelijk betalen jongere generaties hoge woonlasten en bouwen zij veel later vermogen op.

Daarom mag de vraag worden gesteld of iedere fiscale regeling die op leeftijd is gebaseerd automatisch in haar huidige vorm moet blijven bestaan. Een andere mogelijkheid is de ouderenkorting sterker afhankelijk te maken van financiële draagkracht. Daarmee kunnen ouderen met een laag inkomen worden beschermd zonder dat dezelfde ondersteuning vanzelfsprekend terechtkomt bij huishoudens die financieel zeer ruim zitten.

Ook belangrijk voor Nederlanders in Thailand

Voor Nederlandse gepensioneerden die in Thailand wonen, is zo’n discussie meer dan Haagse theorie. Veranderingen in AOW, pensioenbelasting en heffingskortingen kunnen direct invloed hebben op het netto-inkomen. Daarbij gelden voor Nederlanders buiten Nederland aanvullende fiscale regels en is niet iedere heffingskorting automatisch beschikbaar. Een eventuele hervorming of afschaffing van de ouderenkorting verdient daarom ook aandacht van Nederlandse pensionado’s in Thailand.

Kelder heeft met zijn €5,6 miljard in ieder geval één punt: de ouderenkorting is geen klein fiscaal cadeautje dat ergens onder in de begroting verstopt zit. Het gaat om miljarden.

Of dat bewijs is dat Nederland door ouderen wordt geregeerd, is een stuk minder eenvoudig vast te stellen.

Bronnen

  • Jort Kelder – 10 bezuinigingstips – het kan wél!, Financieele Dagblad, 28 augustus 2026. De column noemt onder meer het schrappen van de ouderenkorting en een bedrag van €5,6 miljard. (Drimble)
  • Ministerie van Financiën – Miljoenennota 2026, bijlagen. De ouderenkorting wordt geraamd op €5,592 miljard en heeft als officiële doelstelling inkomensondersteuning voor ouderen. (Rijksfinanciën)
  • Belastingdienst – Heffingskortingen voor AOW-gerechtigden 2026. Maximale ouderenkorting €2.067, afbouw vanaf €46.003 en nihil vanaf €59.783. (Belastingdienst)
  • Centraal Bureau voor de Statistiek – Vermogensverdeling in beeld, cijfers over vermogen en pensioenvermogen naar leeftijd en woningbezit in 2024. (Centraal Bureau voor de Statistiek)

Over deze blogger

Redactie
Redactie
Dit artikel is geschreven en gecontroleerd door de redactie. De inhoud is gebaseerd op persoonlijke ervaringen, meningen en eigen onderzoek van de auteur. Waar relevant, is er gebruikgemaakt van AI als hulpmiddel bij het schrijven en structureren van teksten. Wij genereren soms ook foto's met AI. Hoewel er zorgvuldig wordt omgegaan met de inhoud, kan niet worden gegarandeerd dat alle informatie volledig, actueel of foutloos is.
De lezer is zelf verantwoordelijk voor het gebruik van de informatie op deze website. De auteur aanvaardt geen aansprakelijkheid voor eventuele schade of gevolgen die voortvloeien uit het gebruik van de geboden informatie.

Laat een reactie achter