nupook538 / Shutterstock.com

Phetchaburi is gestraft door zijn ligging. De stad ligt 160 km van Bangkok en het is dan nog 60 km naar Hua Hin. Doorrijden dus. En dat is jammer, want Phetchaburi is meer de moeite waard dan het altoos bejubelde Hua Hin.

Mocht ik ooit nog voor de keuze komen om me ergens in Thailand te vestigen, dan maakt Petchaburi een grote kans. Het is een van de weinige goed geconserveerde stadjes die ik ken en het is bezaaid met de oudste en fraaiste tempels. Merkwaardig dat de stad niet meer bezoekers telt, al is het gebrek er aan mogelijk ook de reden van het behoud.

En wie naar Petchaburi gaat, bezoekt doorgaans alleen het Khao Wang paleis, op de top van naastliggende berg. Vanuit auto of bus, zie je de chedi’s en het voormalige paleis liggen en dat is dan weer een reden om te stoppen. Jammer, maar eerlijk gezegd heb ik dat ook altijd gedaan, in de wetenschap dat woonplaats Hua Hin nog slechts een klein uurtje rijden is.

Na ruim 11 jaar in Thailand, ben ik nu voor het eerst Phetchaburi in gereden. Wat een schoonheid en wat een cultuur. Hoogtepunt is voor mij het voormalige Koninklijke paleis Ban Peun, dat tegenwoordig door het leven gaat onder de naam Phra Ramjainivet. Het is werkelijk een juweel, uit eigen zak betaald door Rama 5 (Chulalongkorn) en gebouwd tussen 1910 en 1916, toen Rama 5 inmiddels was gaan hemelen.

Het is, zeker in Thailand, een opmerkelijk gebouw, ontworpen door de Duitse architect Karl Dohring naar een paleis van de Duitse keizer Wilhelm. Hierbij vergeleken is het paleis Khao Wang een verzameling oude meuk.

Van buiten ziet Ban Peun er werkelijk schitterend uit. Het heeft kenmerken van Art Nouveau en Jugenstil. Hoe hebben de Thai hier honderd jaar geleden tegenaan gekeken? Tegen een vreemd gevormd gebouw dat nog het meeste leek op een Duitse kerk.

Het paleis is toegankelijk (Thai 20 baht, Foreigners 50 baht), met als enige restrictie dat je binnen niet mag fotograferen. In tegenstelling tot veel andere Thaise monumenten, staan veel beschrijvingen in het Engels aangegeven. Zo bezoek je de ontvangsthal, de troonzaal maar ook de slaapvertrekken van zijne en hare majesteit(en). De pilaren van zijn slaapzaal zijn voorzien van koperen beslagen. Het moet gezegd, er werd niet op een vierkant metertje gekeken. En ook niet op een stukje marmer. Aandoenlijk is de Koninklijke badkamer, met verdiept marmeren bad, de Koninklijke pot (de wc-bril is bijna verteerd door de termieten) en de bijbehorende powerdouche met Engelse gebruiksaanwijzing.

De halfronde hal aan het eind van de bovenetage is ronduit indrukwekkend, met geglazuurde wanden en ooit een prachtig uitzicht. De Koninklijke tuinen vormen nu een militair kamp. Vrijwel overal staan mahoniebomen, gekweekt uit het Midden-Amerikaanse zaad dat de koning tijdens zijn reis door Europa had gekregen. Helaas laat het onderhoud aan de houten kozijnen van het paleis nogal te wensen over en ontbreken de meubels die de sfeer nog verder kunnen verhogen.

Bij de voordeur staat koning Chulalongkorn die zijn land wilde opstoten in de vaart der volkeren. Hij is omringd door vier bronzen kanonnen, die alle bij naam genoemd werden. Honden willen nog wel eens luisteren naar hun naam, maar kanonnen?


» Laat een reactie achter


No votes yet.
Please wait...

1 reactie op “Een fraai Duits paleis in Petchaburi”

  1. Sjaak S zegt op

    Petchaburi is een “geheime” parel en hopelijk blijft het zo. Dan wordt het geen toeristen rommel.
    Ben er een paar keer geweest en vind het telkens weer de moeite waard.


Laat een reactie achter

Thailandblog.nl gebruikt cookies

Dankzij cookies werkt onze website het beste. Zo kunnen we je instellingen onthouden, jou een persoonlijk aanbod doen en help je ons de kwaliteit van de website te verbeteren. Lees meer

Ja, ik wil een goede website