Korat ligt ongeveer 260 kilometer ten noordoosten van Bangkok. Voor veel reizigers is het tegenwoordig een drukke tussenstop op weg naar Khon Kaen, Udon Thani of Ubon Ratchathani. Toch doe je de stad daarmee tekort. Lang voordat er asfalt, spoorrails en tankstations waren, liepen hier al handelsroutes en militaire wegen.

De stad dankt haar positie aan een zeldzame combinatie van landschap en macht. De bergen bepaalden waar mensen konden passeren. Achtereenvolgende heersers bepaalden wie die doorgang mocht bewaken. Zo groeide Korat uit van grensgebied tot vestingstad en van bestuurscentrum tot het grootste verkeersknooppunt van Noordoost-Thailand.

De bergen wezen de weg

De Isaan ligt grotendeels op het Khoratplateau, een hoogvlakte die door bergruggen van Centraal-Thailand wordt gescheiden. Wie vroeger vanuit de vallei van de Chao Phraya naar het noordoosten wilde, moest door de dichtbegroeide Dong Phaya Fai. De naam betekende zoiets als ‘jungle van de vuurgod’. Malaria, wilde dieren en slechte paden maakten de tocht berucht. Later kreeg het gebied de vriendelijker klinkende naam Dong Phaya Yen, de ‘koele jungle’.

De bruikbaarste doorgang liep via Muak Lek en Pak Chong, langs de Lam Takhong. De rivier had tussen de zandstenen bergruggen een corridor uitgesleten. Precies door diezelfde nauwe ruimte lopen nu de spoorlijn, de Mittraphap Road, pijpleidingen en andere verbindingen. Het verkeer volgt er nog altijd de route die de geologie duizenden jaren geleden klaarlegde.

Na de klim opent zich een veel vlakker gebied. Daar konden karren, legers en handelskaravanen zich makkelijker verspreiden over de rest van het plateau. Nakhon Ratchasima lag op de plek waar de moeilijke doorgang eindigde en de routes naar het noorden en oosten begonnen. Wie Korat beheerste, hield daardoor zicht op een groot deel van het verkeer tussen de centrale laagvlakte, de Mekongregio en Cambodja.

Korat bestond voordat de huidige stad werd gebouwd

De geschiedenis van de provincie begint niet bij de huidige stadsmuren. In het district Sung Noen, ruim dertig kilometer ten westen van het centrum, liggen de resten van Mueang Sema en Khorakhapura. Mueang Sema was vanaf ongeveer de zevende eeuw een belangrijk centrum van de boeddhistische Dvaravati-cultuur. Later kreeg het gebied sterke Khmer-invloeden.

Verder naar het noordoosten groeide Phimai in de elfde en twaalfde eeuw uit tot een belangrijk religieus en bestuurlijk centrum van het Khmer-rijk. Een koninklijke weg van ongeveer 225 kilometer verbond Phimai met Angkor. Langs die route lagen rusthuizen, heiligdommen en ziekenhuizen. De streek rond Korat keek in die tijd dus minstens zo sterk naar het zuiden en oosten als naar het gebied waar later Bangkok zou ontstaan.

Nakhon Ratchasima bij zonsopkomst

Over de oorsprong van de naam Nakhon Ratchasima bestaat geen volledige zekerheid. Een bekende verklaring is dat de namen van Khorakhapura en Sema in elkaar zijn geschoven. De korte naam Korat zou uit Khorakhapura zijn voortgekomen. Onderzoekers wijzen er wel op dat dit een aannemelijke verklaring is en geen bewezen taalkundig feit.

Ook het vaak vertelde verhaal dat koning Narai de stad stichtte, vraagt om nuance. De naam Nakhon Ratchasima staat al in een hofwet die aan de vijftiende-eeuwse regering van koning Borommatrailokkanat wordt toegeschreven. Koning Narai liet in de tweede helft van de zeventiende eeuw vooral de huidige stad versterken en opnieuw inrichten. De rechthoekige plattegrond mat ongeveer 1.700 bij 1.000 meter en kreeg een gracht, een stevige wal, geschutsposten en vier stadspoorten.

Mogelijk hielp de Franse ingenieur De la Mare bij het ontwerp. Hij werkte in dienst van Narai aan vestingwerken in Siam. Helemaal vaststaat zijn rol in Korat niet. Van de vier oorspronkelijke poorten bleef alleen de westelijke Chumphonpoort in oude vorm bewaard.

Een vesting tussen Bangkok, Laos en Cambodja

Voor Ayutthaya en later Bangkok was Korat veel meer dan een handelsplaats. De stad was een vooruitgeschoven machtsbasis. Van hieruit hield het hof toezicht op lokale bestuurders en op de Lao- en Khmergebieden verder naar het oosten. Het woord ‘toegangspoort’ klinkt gastvrij, maar een poort kan ook worden gesloten. Korat moest mensen en goederen doorlaten, belasting innen en zo nodig legers tegenhouden.

Na de val van Ayutthaya in 1767 werd de streek korte tijd een zelfstandig machtsgebied rond Phimai. Koning Taksin liet het al in 1768 onderwerpen. Onder de nieuwe Chakri-dynastie kreeg de gouverneur van Nakhon Ratchasima vervolgens een zware taak. Hij moest de belangen van Bangkok bewaken in een uitgestrekt gebied met eigen machtscentra, handelsnetwerken en familiebanden.

Dat spanningsveld werd zichtbaar tijdens de oorlog van koning Anouvong van Vientiane tegen Siam in 1826 en 1827. Zijn troepen namen Korat in en voerden inwoners mee richting Laos. Volgens de bekende Thaise overlevering organiseerde Khun Ying Mo, de vrouw van een plaatsvervangend gouverneur, onderweg het verzet. Zij kreeg later de eretitel Thao Suranari.

Over de precieze gebeurtenissen discussiëren historici nog altijd. De heldin zoals Thailand haar nu kent, kreeg vooral in de jaren dertig een vaste plaats in het nationale verhaal. Haar monument bij de Chumphonpoort werd in 1934 voltooid. Voor de inwoners van Korat is Ya Mo inmiddels veel meer dan een figuur uit een staatsgeschiedenis. Bij haar beeld worden bloemen, wierook en kleine flesjes rode frisdrank neergezet. De draaiende verkeersstroom eromheen trekt zich daar weinig van aan.

Aan het einde van de negentiende eeuw trok Bangkok het bestuur van de noordoostelijke gebieden strakker naar zich toe. Nakhon Ratchasima werd een centrum in het nieuwe monthonstelsel, waarmee koning Chulalongkorn erfelijke lokale machthebbers geleidelijk verving door ambtenaren van de centrale staat. De oude grensvesting werd zo een bestuurlijke poort. Besluiten, belastingopbrengsten en rapporten liepen via Korat naar Bangkok.

Wat Non Kum, Nakhon Ratchasima

De spoorlijn maakte de poort permanent

Tot ver in de negentiende eeuw reisden goederen deels per boot naar Saraburi en vandaar per ossenkar door de bergen. Oude reisverslagen noemen voor karavanen tussen Korat en Bangkok een tocht van twaalf tot vijftien dagen. Het vervoer was traag, duur en in de regentijd soms vrijwel onmogelijk.

Koning Chulalongkorn koos Korat daarom als eindpunt van een van de eerste grote staatsspoorlijnen. Daar zat een economisch doel achter, maar ook een politieke rekensom. Frankrijk breidde zijn macht uit in Laos en Cambodja. Met een spoorlijn kon Bangkok sneller ambtenaren en soldaten naar het noordoosten sturen en tegelijk laten zien dat dit gebied bij Siam hoorde.

Op 21 december 1900 opende de koning de verbinding tussen Bangkok en Nakhon Ratchasima officieel. De reis duurde voortaan uren in plaats van dagen. Korat werd een verzamelpunt voor rijst, vee, huiden, hout, zijde, was, lak en andere producten van het plateau. Chinese handelaren breidden hun zaken rond het station en de oude stad uit. Houten winkelhuizen en later stenen handelspanden veranderden het straatbeeld.

In de decennia daarna werd het spoor doorgetrokken. Vanuit Korat liep de ene hoofdrichting via Buriram en Surin naar Ubon Ratchathani, terwijl een andere lijn via Khon Kaen en Udon Thani uiteindelijk Nong Khai bereikte. De stad was daardoor niet langer alleen de plek waar je de Isaan binnenkwam. Zij werd het punt waar het noordoosten zich over twee grote spoorcorridors vertakte.

De Friendship Highway veranderde alles opnieuw

De volgende omwenteling kwam eind jaren vijftig. Met financiële en technische steun van de Verenigde Staten werd de weg tussen Saraburi en Korat uitgebouwd tot de Mittraphap Road, de Friendship Highway. Het traject sneed door de oude doorgang bij Pak Chong en maakte gemotoriseerd vervoer in alle seizoenen mogelijk. Een rit van Saraburi naar Korat, die eerder ongeveer elf uur kon kosten, werd teruggebracht tot circa drie uur.

Ook deze weg had een militair doel. Tijdens de Koude Oorlog wilden Thailand en de Verenigde Staten het noordoosten snel bereikbaar maken. In de jaren zestig en zeventig gebruikten Amerikaanse luchtmachteenheden de basis bij Korat voor operaties tijdens de Vietnamoorlog. Hotels, bars, restaurants, winkels en transportbedrijven verdienden aan de komst van militairen. De stad schoof buiten de oude omwalling op en groeide langs de nieuwe verkeersaders.

De weg bracht kansen, maar de prijs was hoog. Zwaar bosgebied werd toegankelijk voor houtkap en landbouw. Volgens gegevens die de Voedsel- en Landbouworganisatie van de Verenigde Naties bijeenbracht, daalde het aandeel bos in de provincie Nakhon Ratchasima van ruim 55 procent in 1962 naar minder dan 15 procent in 1982. De poort ging wijd open, ook voor bulldozers en kettingzagen.

Daarna volgden busstations, industrie, universiteiten, ziekenhuizen, winkelcentra en distributiebedrijven. Korat werd een bestemming op zichzelf. Toch bleef het oude patroon zichtbaar. Wie vanuit Bangkok naar een groot deel van de Isaan reist, passeert nog steeds de provincie of stapt er over. Zelfs het eerste deel van de nieuwe hogesnelheidslijn vanuit Bangkok eindigt in Nakhon Ratchasima, voordat een volgende fase de route naar Nong Khai moet voortzetten.

Tot slot

Nakhon Ratchasima werd de poort naar de Isaan doordat natuur en politiek steeds dezelfde plek aanwezen. De Lam Takhong bood een doorgang door de bergen. Khmer-heersers gebruikten de streek voor hun verbinding met Phimai. Ayutthaya bouwde er een vesting, Bangkok maakte er een bestuurscentrum van en de moderne staat legde spoor en asfalt over de oude karavaanroute.

Daarom vertelt Korat ook een minder comfortabel verhaal. Een toegangspoort brengt handel, reizigers en nieuwe ideeën binnen, maar geeft de centrale macht tegelijk toegang tot grond, arbeid en grondstoffen. Wie bij Pak Chong de hoogvlakte oprijdt, volgt dus geen gewone verkeersweg. Onder het asfalt liggen de lijnen van ossenwagens, soldaten, spoorwegbouwers en kooplieden. Bij de Chumphonpoort staat ondertussen Ya Mo, met haar gezicht naar Bangkok.

Bronnen:

Over deze blogger

Redactie
Redactie
Dit artikel is geschreven en gecontroleerd door de redactie. De inhoud is gebaseerd op persoonlijke ervaringen, meningen en eigen onderzoek van de auteur. Waar relevant, is er gebruikgemaakt van AI als hulpmiddel bij het schrijven en structureren van teksten. Wij genereren soms ook foto's met AI. Hoewel er zorgvuldig wordt omgegaan met de inhoud, kan niet worden gegarandeerd dat alle informatie volledig, actueel of foutloos is.
De lezer is zelf verantwoordelijk voor het gebruik van de informatie op deze website. De auteur aanvaardt geen aansprakelijkheid voor eventuele schade of gevolgen die voortvloeien uit het gebruik van de geboden informatie.

Laat een reactie achter