()

Toen ik net in Thailand woonde, was mijn badkamer een plek van serene westerse hygiëne. Dat veranderde toen ik oog in oog kwam te staan met een wezen uit het Krijt-tijdperk. Een tokeh, zo groot als de afstandsbediening van mijn airco, met hypnotiserende ogen en blauwe stippen, had de ruimte achter mijn spiegel gekraakt. Mijn eerste instinct was het huis verkopen en vluchten.

Nu is de dynamiek veranderd. We hebben een stilzwijgend contract: hij eet de muggen, ik verberg de bezem. Deze stippelige huisgenoot is zelfs mijn vertrouwenspersoon geworden. Terwijl het douchewater klettert, voeren we hele gesprekken. Het is de ultieme vorm van tropische integratie: je eenzaamheid delen met een koudbloedig roofdier.

In het begin was het samenleven een ware uitputtingsslag. Een tokeh roept niet simpelweg, hij blaft. Dat beruchte ’to-keh, to-keh’ geluid galmt midden in de nacht door de tegels als een drilboor. Ik stond regelmatig stijf van de adrenaline in mijn handdoekje. De lokale Thaise buren verzekerden me echter dat een tokeh in huis geluk brengt. Als hij zeven keer achter elkaar roept, win je de loterij.

Dat geluk laat nog altijd op zich wachten, maar de angst ebde langzaam weg. Ik besefte dat hij minstens zo bang was voor deze harige, dampende witte reus als ik voor hem. Tegenwoordig poets ik rustig mijn tanden, terwijl hij vanaf de rand van de spiegel kritisch toekijkt hoe ik floss. Het is een wonderlijke symbiose in het dierenrijk.

Het leven van een farang kan soms verrassend eenzaam zijn. Je spreekt de taal wel een beetje; je hebt je echtgenote, kennissen, maar de diepgaande filosofische gesprekken mis je weleens. En daar komt mijn reptielachtige vriend om de hoek kijken. Hij oordeelt niet, hij geeft geen ongevraagd advies en hij klaagt nooit over de hitte.

Als ik onder de straal sta, vertel ik hem over de mislukte onderhandelingen op de markt of de frustratie over het visumkantoor. Soms, als ik een goed punt maak, likt hij langzaam met een roze tong over zijn eigen oogbal. Ik vat dat maar op als instemmend knikken. Welke westerse psychiater doet hem dat na voor nul baht per sessie?

Natuurlijk kleeft er een nadeel aan deze vriendschap. Hij weigert stelselmatig mee te betalen aan de energierekening en zijn toiletgewoonten op mijn schone badkamertegels laten soms te wensen over. Je leert als expat echter snel hoe je met een prop wc-papier ongewenste verrassingen opruimt.

Toch weegt dat niet op tegen het gezelschap. Hij is een constante factor in een land waar alles altijd in beweging is. Je bouwt toch een band op met zo’n beestje:

  • Hij bestrijdt het ongedierte efficiënter dan een bus insectenspray.
  • Hij herinnert me eraan dat ik de natuur hier niet kan controleren, alleen kan tolereren.
  • Hij zorgt ervoor dat ik nooit helemaal alleen ben als ik in de spiegel kijk.

De volgende keer dat je in de tropen een reptiel in je badkamer aantreft, grijp dan niet direct naar de bezem of de vluchtkoffer. Geef het dier een kans. Voor je het weet, heb je er een gratis therapeut bij die je badkamer bovendien muggenvrij houdt. Ik klop in ieder geval altijd even beleefd op de spiegel voordat ik begin met scheren, wel zo respectvol…

Hoe leuk of nuttig was deze posting?

Klik op een ster om deze te beoordelen!

Gemiddelde waardering / 5. Stemtelling:

Tot nu toe geen stemmen! Wees de eerste die dit bericht waardeert.

Omdat je dit bericht nuttig vond...

Volg ons op sociale media!

Het spijt ons dat dit bericht niet nuttig voor je was!

Laten we dit bericht verbeteren!

Vertel ons hoe we dit bericht kunnen verbeteren?

Over deze blogger

Farang Kee Nok
Farang Kee Nok
Mijn leeftijd valt officieel onder de categorie ‘bejaard’. Ik woon al 28 jaar in Thailand, probeer dat maar eens na te doen. Nederland was ooit het paradijs, maar het raakte in verval. Dus ging ik op zoek naar een nieuw paradijs en vond Siam. Of was het andersom en vond Siam mij? Hoe dan ook, we waren elkaar goed gezind.

De ICT zorgde voor een regelmatig inkomen, iets wat jullie ‘werk’ noemen, maar voor mij was het vooral een tijdverdrijf. Schrijven, dat is de echte hobby. Voor Thailandblog pak ik die oude liefde weer op, want na 15 jaar zwoegen verdienen jullie wel wat leesvoer.

Ik begon op Phuket, verhuisde naar Ubon Ratchathani, en na een tussenstop in Pattaya woon ik nu ergens in het noorden, midden in de natuur. Rust roest niet, zeg ik altijd, en dat blijkt te kloppen. Hier, omgeven door het groen, lijkt de tijd stil te staan, maar dat doet het leven gelukkig niet.
Eten, vooral lekker, dat is mijn passie. En wat maakt een avond compleet? Een goed glas whisky en een sigaar. Dan heb je het wel zo’n beetje, vind ik. Proost!

2 reacties op “‘De tokeh achter mijn badkamerspiegel is de beste therapeut van Thailand’”

  1. GeertP zegt op

    Bedankt vogelpoep voor deze onthulling, ik weet nu gelukkig dat ik niet de enige ben die gesprekken voert met reptielen.
    Als ik s’morgens in de tuin bezig ben kom ik de vaste bewoners altijd tegen, we zijn inmiddels aan elkaar gewend en ze maken al lang geen aanstalten meer om te vluchten, dieren voelen gewoon aan dat ik geen bedreiging ben.
    Ik maak altijd een praatje wat heel erg rustgevend is,ik kijk wel eerst even of de buren niet meekijken, je weet maar nooit voordat je het weet komen ze je ophalen en krijg je een jasje aangetrokken met hele lange mouwen.

    1
    • Jos M zegt op

      Lol Geert,
      ik heb bijna hetzelfde met een kleine duif die in een uitsparing tussen raam en hor een nest heeft gebouwd.

      2

Laat een reactie achter