Is de Sangha ten dode opgeschreven?

Door Tino Kuis
Geplaatst in Boeddhisme, Column
Tags: ,
3 november 2012

Als ik naar het geroddel van dorpelingen luister, de verhalen lees over wangedrag van monniken en zelf zie hoe monniken zich gedragen, dan kan ik maar één conclusie trekken: het is 5 voor 12 voor het Thaise monnikendom, de Sangha.

Korte schets van de geschiedenis van de Sangha

Mogelijk waren er voor het begin van onze jaartelling al monniken in Thailand, maar een goed beeld krijgen we pas als in de koninkrijken Sukhothai, Ayutthaya en Lanna het boeddhisme bloeit en er vele tempels werden gesticht. Het hof en de Sangha (het Thais monnikendom) steunden elkaar, maar buiten die invloedssfeer leidden de meeste tempels een betrekkelijk zelfstandig leven.

Tempels waren het centrum van het dorpsleven. Jonge mannen kregen er onderwijs, monniken verleenden er medische hulp, deden mee met Songkraan, organiseerden bijeenkomsten en feesten en waren een vraagbaak voor van alles en nog wat. Monniken waren niet te beroerd de handen uit de mouwen te steken om een tempel te bouwen of te helpen bij de oogst.

Koning Mongkut, zelf gedurende 27 jaar een monnik, begon rond 1850 een hervorming van de Sangha, omdat hij veel bijgeloof en ongepast gedrag opmerkte. Hij stichtte een nieuwe, door het hof gesteunde sekte, Thammayuth genaamd, die nu zo’n 10 procent van alle monniken omvat en die meestal de Opperste Patriarch levert. (De Mahanikaya sekte omvat de rest.)

De Grote Hervormer, koning Chulalongkorn, vaardigde de Sangha Wet uit (1902), waarbij de Sangha hierarchisch werd geordend, vanaf de koning en de Opperste Patriach tot in het kleinste dorp en gelijk oplopend met de burgelijke administratieve structuur. Er kwamen strengere regels en procedures om die op te leggen. De Sangha verloor zijn zelfstandigheid. Koning, Natie en Godsdienst werden de drie ineengevlochten peilers van een ‘unieke Thaise cultuur’, Thai-ness.

De huidige toestand van de ‘Sangha’

Er zijn circa 200.000 monniken in Thailand, oplopend tot 300.000 tijdens de boeddhistische Lent (vastentijd), en zo’n 85.000 novicen, verdeeld over bijna 30.000 tempels. Het is verre van mij ze allen over één kam te scheren. Houd in gedachten dat er genoeg uitzonderingen zijn, die ken ik ook. Maar er is veel mis.

Een kleine groep, ik heb geen idee hoeveel, kwam tot het monnikendom uit armoede of op de vlucht voor de wet. In het dorp waar ik woonde, werd er veel geroddeld over monniken, ik hoorde over monniken die vrouwen hadden, gokten, geld oppotten en verslaafd waren aan loterijen en het leek wel of iedereen zoiets deed. Kranten en de televisie berichten er vaak over.

Het respect, dat monniken uiterlijk ten deel valt, komt niet uit het hart. Niets menselijks is een monnik vreemd, maar het is wel jammer dat de leiding van de Sangha de meeste problemen in de doofpot probeert te stoppen. Het is vaak de politie die bij ernstig wangedrag ingrijpt.

Op de tempelterreinen zie je steeds meer monnikenbehuizingen (kuthi’s genaamd) verrijzen die groter zijn dan de tempel zelf en er uitzien als kleine villa’s met airco en een aantal satellietschotels. Voor de deur staat een busje met een DVD-speler en een klein koelkastje. Veel tempels zijn rijk (beheerd door een lekencomité) maar er wordt weinig aan liefdadigheid gedaan. De specifieke opleiding van de monniken is een farce, de juiste antwoorden worden vaak uitgereikt samen met vragen.

De monniken, en niet de Dhamma, de Leer, staan in het middelpunt in het Thaise boeddhisme. De monniken worden overladen met eerbewijzen, in de watten gelegd; ze streven naar status en autoriteit. Daar staat weinig tegenover.

De Sangha is een verlengstuk en een werktuig van de staat gewoorden, het heeft zijn zelfstandigheid verloren. De Sangha knoopt geen banden aan met de bredere gemeenschap en hun organisaties. Het is een besloten club.

Maar het ergste vind ik nog dit. De vele keren dat ik monniken ontmoette bij een bruiloft, een crematie, een huisinwijdingsfeest of in een tempel vond ik ze uit de hoogte, in zichzelf gekeerd en afstandelijk. Ik zag nooit een sympathiek gebaar en hoorde nooit een goed gesprek. Ze komen binnen, gaan zitten, bidden en gaan weer weg, om zich in hun tempels op te sluiten.

Monniken horen rond te lopen en met iedereen te praten inclusief bargirls. Laat ze in de wachtkamers van busstations niet op aparte leren zetels plaatsnemen maar gewoon tussen de mensen gaan zitten. Ze moeten het goede voorbeeld geven, dan verdienen ze weer mijn respect.

Sanitsuda Ekachai, de bekende columniste van de Bangkok Post, zei het zo: ‘De Sangha is een gesloten systeem, geregeerd door geriatrische alleenheersers, met een geestelijkheid die alle contact met de werkelijkheid heeft verloren en die weigert dwalende monniken hard aan te pakken en die zo het boeddhisme naar de vernieling helpt.’ (Zij is ook een sterke voorvechtster van het inwijden van vrouwen als volwaardige nonnen, zoals de Boeddha dat ook heeft gedaan, en waar de Sangha mordicus op tegen is).

Geen wonder dat er andere sekten opspringen, zoals Santi Asoke beweging en de Dhammakaya sekte. Deze laatste sekte, gesteund door het hof, de militairen en politici en erg commercieel ingesteld, heeft een enorme tempel in Pathum Thani waar wel 200.000 gelovigen of 99.999 monniken kunnen samenkomen. Een tempel alleen geschikt voor de betere Thaise middenklasse. Een ‘Eind der Tijden’ en ‘Voorspoed’ beweging.

Als er niet iets fundamenteels verandert is het monnikendom, de Sangha, ten dode opgeschreven. Een kwestie van tijd.


» Laat een reactie achter


No votes yet.
Please wait...

7 reacties op “Is de Sangha ten dode opgeschreven?”

  1. TH.NL zegt op

    Een interessant verhaal Tino dat ik helemaal kan onderstrepen. Het is vaak allemaal heel wat minder fraai dan menig toerist je wil laten geloven omdat die zelf ook niet van de hoed en de rand afweten.

    Mijn partner – een Thaise man – heeft me er heel veel over verteld en doet dat nog geregeld. Er zijn heel wat wantoestanden in Thaise tempels al kan je dat niet van elke tempel zeggen maar wel van vele volgens hem. Monniken die zich te buiten gaan aan drank, vrouwen, eten buiten de voorgeschreven tijden en noem maar op zijn geen zeldzaamheid volgens hem. Zelf is hij als 12 jarige jongen een tijd in de tempel geweest en is daar misbruikt door een monnik wat volgens hem ook schering en inslag is. Zijn verhalen doen me heel erg aan die van de Katholieke kerk denken. Helaas maar wel een feit. Sindsdien kijk ik met heel andere ogen naar tempels en monniken in Thailand.

  2. gerrieQ8 zegt op

    Hier in het dorp in de Isaan waar ik dus woon, komen regelmatig wat monniken naar de wat (die niks voorstelt) De moeder van mijn vriendin is hoofd van het dorp en de politie heeft haar gevraagd iedere keer, wanneer er weer een nieuwe monnik komt, naar zijn papieren te vragen of hij toestemming heeft om te mogen verblijven in een van de tempelgebouwtjes. Waarschijnlijk komt dit document van een hoger echelon, maar toont aan, zoals je omschrijft, dat er ook misdadigers zijn die zich als oranje supporters verkleden.

    • tino kuis zegt op

      Alle echte Thaise monniken moeten een boekje bij zich dragen waarin hun identiteit als monnik is vastgelegd. Daarin hun pasfoto, hun oorspronkelijke naam, hun monnikennaam, de datum en plaats (Wat) van inwijding en gestempeld door de Boeddhistische autorieiten. Kan een monnik zo’n boekje niet tonen, en je mag en er altijd naar vragen, dat is heel gebruikelijk, dan is het geen monnik.

  3. Miek37 zegt op

    Een jongen achter de bar vertelde mij eens dat het heel gebruikelijk was dat je door je familie naar een Wat wordt gestuurd, zo was het hem ook vergaan, van zijn moeder moest hij na zijn schooltijd een periode “monniken opleiding” doen, het klonk als onze destijds, verplichte militaire dienst…

  4. Cú Chulainn zegt op

    Ik heb mij ook verbaasd over monikken die op dure bromfietsen rondreden en bij de ATM geld met een bankpas haalden. Ik vraag mij af waar ze dit van doen aangezien ze officieel niet werken. Ik geloof niet in de God of Allah, maar ook het Budhisme presenteert zich in alle facetten toch meer materialistisch als menig Nederlander beweert. Het Budhisme en de Aziaat worden vaak in het Westen geromantiseerd afgeschilderd als vroom, rustig en niet materialistisch levend. Ik ben erachtergekomen dat zij in vele gevallen nog erger en meer materialistisch zijn als Westerlingen in het algemeen. Er wordt van alles gedaan om zoveel mogelijk goud en dure horloges te dragen, zich van een lagere klasse te onderscheiden en zich denegrerend over de lagere, hardwerkende klasse uit te laten. De monniken in Thailand maken handig misbruik van het respect dat zij, bij voornamelijke de oudere Thai, bezitten. De jongere Thai kijken al heel anders naar deze “vrome” boedisten.

  5. jan veenman zegt op

    Helaas ben ik het daarmme eens.Het kathlieke geloof is ook op deze manier naar de donder gegaan
    mijn vrouw en ik discussieren er vaak over, zij komt uit een heel klein dorp,waar een ,voor dit dorp ,veel te grote tempel staat.OK hij staat er en is in het verleden door de arme gelovigen betaald. dan zie ik daar die monnikken ,de hele dag ,op hun luie kont zitten,terwijl de tempel schreeuwt, om onderhoud.
    Dit is toch ,zachtjes gezegd,denegrerend tegenover die arme mensen ,die zich kapot gewerkt hebben om die tempel , TOT MEERDERE EER EN GLORIE,van die zelfde monnikken te kunnen betalen. Nou willen ze ,naast de oude tempel weer een nieuwe gaan bouwen,de betonpalen hebben ze al gezet en nu moeten de dorpelingen weer gaan
    betalen MAAR Gelukkig ,zeggen die nu ,doe het zelf maar!!!!
    Waarom kunnen zij niet alles netjes verven,of hout vervangen en verder onderhoud plegen, ipv op hun luie kont te blijven zitten. Het is ronduit beschamend, want het is net als bij ,ons katholieken, de kerken en tempels moesten al groter worden ,ter meerdere eer en glorie van de priesters en monnikken , van hoog tot laag.[PURE GROOTHEIDSWAANZIN}
    En wilde je in de Hemel komen ,moest je veel betalen, dus gewoon ,ordinair speculeren op de angst van de mens,aders kom je in de hel.
    Nou de katholieken,zijn er achter en de kerken stromen leeg DE paus heb zijn zin ,het is over met zijn rijkdom.
    Helaas is dit ook de toekomst van het mooie boudisme,mits men het erkent en gaat doen ,waardoor het ontstaan is ,namelijk ,in alle nederigheid, helpen daar waar het nodig is.en de handen uit de mouwen steken. GR. jantje

  6. j.Jordaan zegt op

    Ik nooit wat met wat voor geloof enige binding gehad. In het verleden en in het heden
    is/was het alleen maar strijd om macht en moord en doodslag.
    Voor ik naar Thailand ging had ik wel respect voor het Boeddhisme.
    Ik had altijd aangenomen dat die mensen voor de armen opkwamen en zelf sober leefde. Nu dat ik al jaren in Thailand woon ben ik er achter dat het ook om macht gaat en
    dat ze voor een ander willen bepalen hoe te leven. Dat ze rijken bevoordelen en hun zelf ook. Natuurlijk zijn er ook heel veel goede monniken bij en goede Tempels, maar helaas, een
    kleine groep zakkenvullers doet de rest veel schade aan.
    Als je voor ander wil bepalen wat goed voor ze is (al zijn dat geen Boeddhisten) kom je
    toch in dezelfde categorie terecht als andere geloven die niet accepteren dat er nog
    anders denkende zijn. Kijk maar naar al die toeristen die na een lange vliegreis even
    een koud bierje willen drinken en dan is het weer een boeddha-dag.
    Je mag van de heren geen alcohol drinken op die dag.
    J.Jordaan


Laat een reactie achter

Thailandblog.nl gebruikt cookies

Dankzij cookies werkt onze website het beste. Zo kunnen we je instellingen onthouden, jou een persoonlijk aanbod doen en help je ons de kwaliteit van de website te verbeteren. Lees meer

Ja, ik wil een goede website