‘Cultuurverschillen’

Door Lieven Kattestaart
Geplaatst in Cultuur, Korte verhalen
Tags:
12 november 2025
()

Een kwart eeuw samenzijn met een lieve Thaise dame laat zo zijn sporen na.
Dingen waar ik vroeger, zeg maar in mijn vóór-Thaise tijdperk, nimmer van zou hebben vernomen, staan nu voorgoed in mijn farang-geheugen gegrift.

Want niets bereidt je voor op de cultuurschok die het echte Thaise leven met zich meebrengt.
Zeker niet als je zoals ondergetekende ooit meende dat Thailand ophield bij bruisend Pattaya, begeisterd baliekluiven en het met kennersoog aanschouwen van andere, veelal kortgerokte, geneugten daaromheen.

De dames van verdienste ter plekke hadden echter absoluut geen moeite met enig cultuurverschil.
Door je binnen drie minuten na het neervlijen op de barkruk een nederlaag van kosmische proporties te bezorgen bij een simpel spelletje ‘vier op een rij’.
Vervolgens vlijtig het door hen gewonnen bedrag (in hun beste schoolschrift) op je barrekening neerkrabbelend, en vrolijk te vragen of je nog een versnapering wenste voordat de volgende ronde ‘neersabelen der Nederlanden’ een aanvang nam.

Ooit, moedig menende dat deze benevelde Waterloo’s te wijten waren aan het overschrijden van het dagelijks alcohol-quotum mijnerzijds, kwam ik al snel tot de ontdekking dat ook een nuchtere kleibint geen partij was voor deze gehaaide tantes.

Het ten einde raad de mama-san vragen of ze héél misschien nog ergens een schaakbord had slingeren, bracht achter de bar net zo veel verwarring teweeg als was ik begonnen over de malaise in de Thaise vastgoedsector.
Dit kietelen van lever en oogbol tussentijds afwisselend met het bezichtigen van een ander cultureel fenomeen ter plaatse, zijnde de massagesalons.

Na een kort, doch hevig bezoek aan een enigszins dubieus etablissement,
(meurend naar roerbak en Westerse zonde) werd ik echter gewaar dat er twee soorten massage bestonden, en dat ik er beter aan deed de verschillen in dezen te gaan herkennen alvorens zo vlot het pand te betreden.

Ooit, in het schone jaar 2017, meldde ik mij samen met Oy aan de Thaise grenzen.
In trots bezit van twee spierwitte onderdanen, paspoort met een daarin gelijmd en glutenvrij drie-maanden visum, met in het achterhoofd de opdracht dit laatste binnen afzienbare tijd om te zetten in een jaarverblijf.

Dat ik mij vervolgens een dag te laat meldde bij de Thaise immigratiedienst, kwam door mijn uiterst wrakke lichamelijke toestand op dat moment.
Lijdende aan een vanaf druilerig Schiphol meegezeulde griep van werkelijk Oud-Testamentische proporties.

Die mij dan ook met klamzweet en licht slagzij makend ten burele deed verschijnen.
Alwaar de veelgedecoreerde generaal van dienst, een streng doch rechtvaardig ogend heerschap in uniform, mij via tolk Oy deed verstaan dat de farang een boete wachtte van duizend baht, voor de late melding.

Na het verontschuldigen, afstempelen, betalen van enige lokale dukaten en het niet bekomen van een bonnetje togen wij herwaarts.
In mijn geval de dichtstbijzijnde apotheek.

Om daar overvloedige hoeveelheden antibiotica en andersoortige virusbestrijding in pil en vloeibare vorm te bekomen, iets wat in mijn thuisland schier onmogelijk was geweest zonder voorafgaand doktersbezoek.
Een cultuurverschil met vreugde omarmd, aangezien de ziekteverschijnselen al snel het hazenpad kozen bij het aanschouwen van mijn bruut om zich heen schoppende Thaise elixer.

Dat ik later opmerkzaam werd gemaakt op het feit dat de boete voor het te laat bij immigratie verschijnen slechts vijfhonderd baht per dag bedroeg in plaats van duizend, mocht de pret ook al niet drukken.
Cultuurverschilletje, en Thaise generaals moeten tenslotte ook leven.

De volgende dagen in Bangkok rondstruinend meende ik er goed aan te doen mijzelf fluks van een Thaise bankrekening te voorzien, aangezien er daarop een bepaald bedrag aan plaatselijke valuta diende te verschijnen wilde ik ooit een langdurig verblijf bekomen.

Bij het betreden van een groengekleurd bankgebouw, nog enigszins onvast ter been door de Hoekse en Kabeljauwse twisten in mijn ingewanden, kreeg mijn gestel een volgende opdoffer door de leeghoofdigheid van een onwrikbare Thaise baliedame.

Die mij verzekerde dat ik eerst over een jaarvisum diende te beschikken alvorens zij kon overgaan tot het toekennen van een bankrekening op naam van de, enigszins pips ziende, farang.

Dat ik wat later ook de zelfverzekerde filiaalmanager niet kon overtuigen van het feit dat er voor het verkrijgen van een Non-O visum toch echt eerst een flink bedrag aan Thaise poen op een rekening diende te staan (maanden tevoren en op mijn naam graag) bracht mij ernstig aan het twijfelen.
Zowel over de geestelijke vermogens van Thais bankpersoneel in het algemeen, alsook die van mijzelf in het bijzonder.

Die dit hele circus zo enthousiast was begonnen en zich nu afvroeg of het mogelijk was een arrogante bankmanager te worgen met zijn eigen veelkleurige stropdas.
Wat me beslist wel een langdurig verblijf in Thailand zou opleveren, maar niet geheel in lijn met eerdere rooskleurige verwachtingen.

Naar buiten wankelend voordat mijn hersens aangetast zouden worden door zoveel stupiditeit, ontwaarde ik iets verderop zowaar een ander bankfiliaal, getooid in felgeel.

Binnenstappend en met de moed der wanhoop vragend om een simpele bankrekening te mogen openen, werd ik door de gebeeldhouwde dame achter de balie (een wonderschoon wezen, gelijk een Egyptische prinses zojuist opgedoken uit haar dagelijkse bad linksdraaiende ezelinnenmelk) verzekerd dat dit geen enkel probleem was.
Wilde de farang misschien koffie terwijl zij de papieren bij elkaar zocht?

Dit verschil in aanpak en kunde door Thais bankpersoneel is waarschijnlijk niet cultureel, alhoewel ik me sterk afvraag of ditzelfde doemscenario mij ooit in Nederland was overkomen.

Iemand die sinds kort ook voor mijn geestesoog verschijnt als het over cultuur gaat, is Oy’s neef Tian.
Deze jongeman, wonende in het mooie Frankrijk, nodigde ons onlangs uit eens een bezoekje te brengen aan het land van Marianne, en hem dan tevens te verblijden met wat mee te brengen Thaise producten.

Eenmaal ter plaatse, na het onderweg leveren van bloedstollende gevechten met Franse tolpoortjes en miserabel kijkende pompbediendes, bleek neef Tian een voorkomend gastheer.
Uiterst gul, vriendelijk, begenadigd maker van pruimenjam uit eigen tuin, en zeker in combinatie met de keukentalenten van vrouw Oy, een ware tovenaar aan het Franse fornuis.

Dit culinaire paradijs veranderde voor mij echter op slag in een bezoek aan een middeleeuwse gaarkeuken in de Rue de Rapaille, toen neef zijn goedkeuring voor het zojuist gekookte maal liet blijken door het vertonen van een werkelijk opzienbarend gebrek aan tafelmanieren.

Nu was ik door het vele aanmeren aan de Thaise dreven wel enigszins gewend geraakt aan het gesmak en geslurp waarmee sommige tafelgasten aldaar hun waardering uiten voor het gebodene, (zwager Oeth is wat dat betreft iemand die al menigmaal met gouden plak bekroond het tafellinnen achter zich liet) maar neef sloeg mij desondanks met stomme verbazing.

Zozeer zelfs dat ik blij was van hem zelf te horen dat hij een snelle eter was. Om dan meteen mijn hoop op vlotte verlossing van het geslobber weer te niet te doen, door er op te laten volgen dat hij meestal driemaal opschepte.
Snik.

Neef zou later aan Oy vragen of ‘loeng’ soms niet goed tegen het Thais-gekruide eten kon, gezien zijn regelmatige bezoekjes aan keuken en toilet, nog tijdens de maaltijd.

Vrouw Oy had nergens last van, en vroeg me later op de terugweg, beladen met potten jam en de beste wensen, of we in het kader van wederzijdse beleefdheid en Thaise gastvrijheid neef niet eens bij ons thuis moesten uitnodigen.

Mij best.
Met dit verschil dat ik te zijner tijd eerst naarstig op zoek ga naar een paar fikse oordoppen.

Dit om het cultuurverschil enigszins te kunnen pruimen.

Hoe leuk of nuttig was deze posting?

Klik op een ster om deze te beoordelen!

Gemiddelde waardering / 5. Stemtelling:

Tot nu toe geen stemmen! Wees de eerste die dit bericht waardeert.

Omdat je dit bericht nuttig vond...

Volg ons op sociale media!

Het spijt ons dat dit bericht niet nuttig voor je was!

Laten we dit bericht verbeteren!

Vertel ons hoe we dit bericht kunnen verbeteren?

Over deze blogger

Lieven Kattestaart
Lieven Kattestaart
Lieven Kattestaart (1963) woont samen met vrouw Oy op het mooie Goeree-Overflakkee.
Is werkzaam als havenmeester en bezoekt sinds 1993 het verre Thailand, waar hij in 98' Oy leerde kennen en haar overhaalde de zon vaarwel te zeggen en zich in dit kille moeras achter de dijken te vestigen.

Tegenwoordig de vakantieweken meestal doorbrengend in het Isaanse optrekje van schoonmoeder, afgewisseld met wat strandhangen in Pattaya, of klem zitten in bus of trein om andere en onbekende Thaise streken te bezoeken.
Zich voornemend na pensionering samen met Oy in Thailand te gaan wonen, en beiden kunnen nauwelijks wachten tot het zover is.

Hobby's: zodra er zich een inspiratie-vonkje aandient, doch meestal gekweld door schrijversblok, het toetsenbord beroeren teneinde het mooie Thailandblog van een nieuw stukje te voorzien, het beoefenen van lichamelijke bezigheid door middel van joggen (uiteraard met mate) online schaken, en het af en toe drinken van een prima Single Malt en daarbij wegdampen van een sigaar van Cubaanse origine.

7 reacties op “‘Cultuurverschillen’”

  1. Frans zegt op

    Prachtig!!!
    “meurend naar roerbak en Westerse zonde”
    Echt heerlijk.

    4
  2. Poeh Peter zegt op

    Hoi Lieven,

    Weer een geweldig leuk verhaal.
    En onder andere herkenbaar is, dat je in een gezelschap zit te eten, je kijkt naar een knappe vrouw die aan het woord is, maar terwijl ze praat, eet ze met volle mond, alsof je in een gehaktmolen kijkt.
    Als ze dan eindelijk klaar is met eten, houdt ze wel de hand voor haar mond, als ze een tandenstoker gebruikt.
    Lelijke Thaise vrouwen en mannen natuurlijk ook, maar daar kijk je toch al zo min mogelijk naar.
    Helaas is het geluid niet uit te schakelen.

    Groet Peter

    6
  3. Joop zegt op

    Hallo Lieven,

    Leuk herkenbaar artikel weer.
    Maar wat mij als bar-geoefend vier op een rij-speler meteen opviel op je foto is dat de man op de foto allang vier op een rij heeft behaald haha.
    Hij speelt met rd zo te zien.

    Groetjes,
    Joop

    1
    • Lieven Kattestaart zegt op

      Heel scherp opgemerkt Joop, het was mij totaal niet opgevallen.

      Maar dat kan slechts twee dingen betekenen, namelijk dat deze twee virtuele spelers hun drank-quota voor deze avond al ver overschreden hebben, óf dat de dame het wijselijk stil houdt.

      Dank voor je reactie, vriendelijke groet,
      Lieven.

      0
  4. Jos M zegt op

    Lieven, ik heb weer genoten van je verhalen.
    Bedankt !

    3
  5. Werner zegt op

    Ja, daar zijn die bardames erg bedreven in. Net zoals het ‘nagelen’. Een nagel, spijker, per keer zo diep mogelijk in het houtblok slaan. Ik vond dat ik het goed deed voor één eerste slag. Daarna was het de beurt aan de, kleine, tengere bardame. Die sloeg de nagel met een klap volledig in het houtblok. Weer verloren.
    Daarna, vanaf de barkruk, geamuseerd toegekeken hoe stoere farangs zich wel eens wilden meten met een Thaise bardame. Gelukkig was ik niet de enige die erg verbaasd keek.

    1
  6. Mike zegt op

    Beste Lieven,
    Ik ben elke keer weer verbaasd hoe jij en ook je andere schrijfmakkers weer zo’n vermakelijk verhaal neer pennen.
    Keer op keer genietend lezen van jullie ervaringen en avonturen.
    Vroeger had ik een buikje maar dat is intussen een sixpack geworden van het lachen.
    Blijf schrijven aub, want ik vind het geweldig.
    Groet Mike.

    2

Laat een reactie achter

Thailandblog.nl gebruikt cookies

Dankzij cookies werkt onze website het beste. Zo kunnen we je instellingen onthouden, jou een persoonlijk aanbod doen en help je ons de kwaliteit van de website te verbeteren. Lees meer

Ja, ik wil een goede website