‘Voor het geluk geboren’

‘Voor het geluk geboren’
Dat klinkt goed nietwaar?
Als een soort wandelend geluksdubbeltje door het leven dobberen, struikelen over de klavertjes vier, en op de meest onverwachte momenten het fortuin zomaar in de schoot geworpen krijgen.
Dat bestaat niet, zult u zeggen.
Niemand is zo gezegend dat het hem of haar altijd en immer maar voor de wind gaat.
Zelfs lieden als Elon Musk of Bill Gates, zodanig voorzien van pecunia dat ze nooit meer een duik in de driezits hoeven nemen op zoek naar verloren muntjes, zullen ooit wel eens bij het opstaan uit de echtelijke sponde hun kleine teen gruwelijk hebben bezeerd aan het onverwachts overstekende nachtkastje nietwaar?
En daarna, tijdens het uitstoten van liederlijke taal, hebben begrepen dat het op zo’n moment niets uitmaakt of datzelfde verwenste kastje handgemaakt is en van peperduur tropisch hardhout, ruimtevaart-titanium, de overgebleven planken van Noach’s Ark geloogd in Jomanda’s ingestraalde bronwater, of zoals ooit in mijn geval, van dun gelakte en overprijsde boombast-pulp van Ikea.
( Model: tööntje høger. )
Al rondhupsend op één been beseft men meteen ook maar een mens te zijn, en gaat traanogend op zoek naar een nat washandje, of een royaal gevulde kelk pleegzuster bloedwijn voor het geschokte gemoed.
Vrouw Oy is één van de weinigen die, volgens mij althans, in de buurt komt van dit onbereikbare ideaal van constant de vrouwelijke versie van Guus Geluk uithangen.
Een positief ingestelde Thaise kwartjesvinder zeg maar.
Want wie komt er op een verregende Koningsdag, met verzopen haardracht maar desondanks stralend van Oranjegezind enthousiasme, aandragen met een tweedehands laptop-tas van de rommelmarkt hier ten dorpe?
Mij deze echt lederen vondst overhandigend met de trotse toevoeging dat ze er na geducht afdingen slechts €1,50 voor betaald heeft.
Tot zover niets bijzonders zult u zeggen.
Maar wie vind er vijf minuten later in een zijvakje van diezelfde tas een glinsterende twee-euro munt? Ooit weggestopt en vergeten door de vorige eigenaar?
Juist ja, mevrouw buitenkansje, die hierna spontaan het Wilhelmus had aangeheven, ware zij niet van ‘Thaischen bloed’ geweest en had ze het eerste couplet gekend.
Nog winst weten te maken op een vrijmarkt-tas met de aankoopprijs van een kauwgombal.
Op zulke momenten sta ik echt paf, en weet ik het zeker.
Ze is voor het geluk geboren.
Niet dat ze nooit tegenslag heeft, maar ze weet er altijd op één of andere manier voordeel uit te peuren.
Voorbeeldje?
Op zaterdagmiddag, al heerlijk in weekend-retraite, erachter komen dat haar voorraadkast enkele zeer benodigde artikelen ontbeert die in het weekend op tafel dienen te komen.
Aldus samen afreizend naar de supermarkt van een bekende grootgrutter. Die vroeger op de kleintjes lette, maar tegenwoordig groot inzet op het met tranen in de ogen naar buiten laten wankelen van prijsbewuste klanten.
Eenmaal ter plaatse snelde mevrouw vooruit om een karretje te bekomen, terwijl ik wat verderop de voiture parkeerde.
Waarop ze meteen terugkeerde met de gewenste zwenkwieltjes, en daaronder tot mijn verbazing een krat bier.
Nu weet ik dat ze voor haar leeftijd vlot ter been is, maar zelfs zij zou geen kans zien in die anderhalve minuut een dergelijke aankoop te doen, en me dan nog voor het uitstappen te verrassen met een lading vers gerstenat.
De vorige bestuurder van het winkelkarretje had het krat blijkbaar vergeten in te laden, en was zo weggereden.
Binnen in de Bonus-heksenketel bij een aantal kassadeernes informeren naar d’oprechte eigenaar leverde niets op, want wie van hen had onlangs een krat bier langs de scanner gehaald?
Antwoord: allemaal.
Nooit zal míj dit eens overkomen, smachtend naar een koel pilsje op een warme zaterdagmiddag, maar wél mijn Thaise vrouw die zelf geen druppel drinkt.
En ooit na het consumeren van een enkel slokje Malibu op Oudjaarsavond ( laat ik eens vrolijk meedoen met al die feestende blindgangers om me heen ) binnen vijf minuten boven de pot hing.
Ook bij andere gelegenheden wist zij me versteld te doen staan.
Een Thaise vriendin vergezellend naar een casino-gelegenheid te Rotterdam ( vanwege de gezelligheid, omdat vrouwlief gokken een zeer fout tijdverdrijf vindt ) kreeg ze eenmaal gezeten nauwelijks tijd om haar eerste tientje verlies aan de uitbaters te betreuren, toen alle toeters en bellen boven haar zitplaats afgingen.
Om dan door het dienstdoende personeel een fikse stapel flappen in de hand gedrukt te krijgen, als dagwinnaar van de aardig opgelopen jackpot.
Vriendin was zeer verheugd, maar kreeg vervolgens een lichte appelflauwte toen eega verkondigde deze door de hemel gezonden goedmaker grotendeels op de bank te gaan deponeren, en niet terug te storten in de hongerige muil van de eenarmige bandieten.
Gezelligheid kent geen tijd, want sindsdien heeft ze nimmer meer iets van vriendin vernomen.
Zelfs haar lichaamsbouw brengt haar geluk.
Raad eens wie er ’s ochtends vroeg bij de tuinpoort met zijn nog niet wakker zijnde farang-hoofd in een vers gesponnen spinnenweb loopt, tewijl Thaise eega met haar lengte van een opgeschoten tuinkabouter daar twee seconden eerder ook liep, en nergens last van had?
Dit fenomeen van zich op het goede moment op de juiste plaats bevinden, is trouwens niet aan landsgrenzen gebonden.
Want ook in Thailand gaat ze vrolijk verder met het incasseren van onverwachte tegoeden.
Locatie: een klein dorpje in de Isaan, waar schoonmoeder al vele jaren domicilie houdt.
Wij verblijven daar soms ook.
Teneinde een voorraad opgespaarde vakantie-uren te vergooien aan het bezichtigen van bultrund en scharrelkip, wegkanen van dermate heet voedsel dat een maagperforatie tot de mogelijkheden behoort, plunderen van de enige dorpswinkel en het dagelijks vullen van schoonma’s stookvat met een varia aan milieubedreigend plastic afval.
Dit laatste voornamelijk afkomstig van ondergetekende. Die slechts weet te overleven door regelmatig goed verpakte en plaatselijk geproduceerde junkfood tot zich te nemen.
De familiebanden aanhalen en genieten van fauna en folklore is dan ook een must, eenmaal neergestreken in het beloofde Thaise land.
Zoals het ’s nachts om drie uur gewekt worden door een overspannen erfhaan of het zenuwslopende gescharrel van levensgrote Thukkea’s achter het kopschot van het krakkemikkige logeerbed mogen vernemen.
Dit laatste geeft aardig aan hoe vaak dit veredelde kippenhok door schoonma gebruikt wordt voor overblijvende gasten.
In diezelfde logeerkamer staat ook een linnenkast.
Van een kwaliteit waar mijn zojuist genoemde nachtkastje nog niet dood naast aangetroffen zou willen worden.
Stoffig en in Isaan-stijl propvol gestouwd met ouwe jassen, Mickey-Mouse dekens, nimmer uitgepakte keukenartikelen, een verzameling houten penisjes met opschrift, mapjes vervaagde kleurenfoto’s van onduidelijke familieleden en grote stapels linnengoed.
Om daar vervolgens nimmer meer naar om te kijken.
Ik, van nature nieuwsgierig, trek op een ochtend deze kast open en ontwaar op de middelste plank, weggefrommeld in een donkere hoek, een blauw petje.
Mijn eigen petje, gedragen tijdens vele voorgaande vakanties en walkabout’s in de omliggende en zonbestoven dreven.
Verheugd naar mijn ouwe wandelmaatje grijpend, rolt er een piepklein ‘Hello Kitty’ kinderportemonneetje uit, zalmroze van kleur en bezet met plastic parels.
Als ik het openmaak, glinstert mij een gouden boeddha-amulet tegemoet.
Háár boeddha-amulet.
Waar ze jaren geleden, vlak voor vertrek naar Nederland, nog vertwijfeld naar op zoek was. Maar daarna afschreef als voor eeuwig verloren, denkend dat het gesnaaid was, of simpelweg zoekgeraakt.
Dat ze het ding ooit inderhaast met Kitty en al in mijn petje gefrommeld had toen er onverwachts een heel cohort aan schoonfamilie opdoemde ( dit ter gratis leverkieteling door de welgestelde farang ) en daarna dus gewoon was vergeten, mocht de pret niet drukken.
Want wederom won ze de dagprijs.
Alleen maar omdat ik met mijn nieuwsgierige hoofd die kast opentrok.
Om eerlijk te zijn, ik had dit hele verhaal natuurlijk ook in drie zinnen uit mijn toetsenbord kunnen rammelen, zonder al deze uitleg en schriftelijke omwegen.
Want dat vrouwlief voor het geluk geboren is, was natuurlijk vanaf het begin al zonneklaar.
Waar ik dat op baseer?
Simpel: anders had ze destijds toch nooit haar wederhelft, zijnde erudiet, nobel en uiterst getalenteerde schrijver dezes, ontmoet?
Dit laatste heb ik haar echter nog niet durven zeggen.
Reden daarvoor: nadat ze uitgelachen was, zou ze wel eens serieus op zoek kunnen gaan naar een betere versie van mijzelf.
En met haar aangeboren mazzel..
Over deze blogger

-
Lieven Kattestaart (1963) woont samen met vrouw Oy op het mooie Goeree-Overflakkee.
Is werkzaam als havenmeester en bezoekt sinds 1993 het verre Thailand, waar hij in 98' Oy leerde kennen en haar overhaalde de zon vaarwel te zeggen en zich in dit kille moeras achter de dijken te vestigen.
Tegenwoordig de vakantieweken meestal doorbrengend in het Isaanse optrekje van schoonmoeder, afgewisseld met wat strandhangen in Pattaya, of klem zitten in bus of trein om andere en onbekende Thaise streken te bezoeken.
Zich voornemend na pensionering samen met Oy in Thailand te gaan wonen, en beiden kunnen nauwelijks wachten tot het zover is.
Hobby's: zodra er zich een inspiratie-vonkje aandient, doch meestal gekweld door schrijversblok, het toetsenbord beroeren teneinde het mooie Thailandblog van een nieuw stukje te voorzien, het beoefenen van lichamelijke bezigheid door middel van joggen (uiteraard met mate) online schaken, en het af en toe drinken van een prima Single Malt en daarbij wegdampen van een sigaar van Cubaanse origine.
Lees hier de laatste artikelen
Cultuur13 april 2026‘Voor het geluk geboren’
Leven in Thailand10 april 2026‘Strandplezier’
Leven in Thailand8 april 2026‘Thaise logica’
Leven in Thailand5 april 2026‘Bangkok.Ink’
