
Loop in Bangkok een bouwplaats voorbij, bestel garnalen aan zee of laat je hotelkamer schoonmaken en de kans is groot dat je wordt geholpen door iemand die niet in Thailand is geboren. Migrantenarbeid is geen randverschijnsel meer, maar een stille motor onder de economie.
In januari 2024 telde Thailand ruim 3,1 miljoen migrantenarbeiders met een reguliere status op papier. Achter dat keurige getal zitten mensen die zich telkens opnieuw moeten registreren, regels die per sector verschillen en werkgevers die soms de grenzen opzoeken. Hoe werkt dat systeem, waar gaat het mis en waarom kan Thailand eigenlijk niet zonder deze werknemers?
Meer dan cijfers in een spreadsheet
Thailand is al jaren een magneet voor arbeid uit de buurlanden. Het land is een regionale economische motor, maar het eigen arbeidspotentieel krimpt door vergrijzing en door jongeren die liever doorleren dan zwaar, vies of gevaarlijk werk doen. In die ruimte stappen migranten, vooral uit Myanmar, Cambodja en Laos. In 2023 ging het naar schatting om ongeveer 5,3 miljoen immigranten in Thailand, en in 2024 om ruim 3,1 miljoen reguliere arbeidsmigranten uit die drie landen. Myanmar is veruit de grootste groep, gevolgd door Cambodja en Laos.
Tegelijk is dit nooit een verhaal van alleen maar “legaal” of “illegaal”. Officiële registraties lopen achter op de werkelijkheid. Een deel werkt met tijdelijke regelingen, een deel valt buiten het systeem, en een deel glijdt er weer uit zodra een paspoort verloopt, een werkgever geen papieren indient of iemand van baan wisselt zonder toestemming. Dat maakt migranten extra kwetsbaar, juist omdat hun bestaan in Thailand zo sterk hangt aan stempels, deadlines en werkgevers.
De sectoren waar Thailand niet zonder kan
Als je kijkt waar migranten terechtkomen, zie je meteen waarom Thailand zo afhankelijk is. In 2024 zat een groot deel in industrie en productie, en een tweede grote groep in de bouw. Daarnaast werken veel mensen in landbouw en visserij, en in handel, horeca en andere diensten. Het is precies het werk dat dag in dag uit moet doorgaan, ongeacht seizoen, hitte of economische dip.
Wat opvalt, is hoe geconcentreerd dat werk is. Veel arbeidsmigranten doen eenvoudige beroepen, vaak met lange dagen en weinig onderhandelingsruimte. In de praktijk betekent dat dat je op dezelfde plekken steeds dezelfde nationaliteiten ziet. Cambodjanen relatief vaak in de bouw, Myanmarezen vaak in fabrieken en productie, en Laotianen wat vaker in handel en diensten. Dat komt niet alleen door vraag en aanbod, maar ook door netwerken. Wie eenmaal een gemeenschap heeft in een sector of regio, trekt nieuwe mensen mee. Dat werkt efficiënt voor werkgevers, maar het kan ook een fuik worden voor werknemers die maar weinig alternatieven hebben.

Registreren, verlengen, opnieuw beginnen
De regels rond migrantenarbeid zijn in Thailand niet één strak systeem. Het is eerder een stapel routes die naast elkaar bestaan. De bekendste route loopt via afspraken tussen Thailand en herkomstlanden, het zogeheten MOU-traject. In zo’n traject worden werknemers geworven, krijgen ze documenten, en moeten ze na aankomst een werkvergunning regelen. Op papier klinkt dat overzichtelijk. In de praktijk is het vaak traag, bureaucratisch en lastig te doorgronden, zeker voor iemand die de taal niet spreekt en afhankelijk is van tussenpersonen.
Daarom zie je in Thailand ook iets anders: regelmatige registratierondes en tijdelijke legalisering via kabinetsbesluiten. Daarmee kan Thailand mensen die al werken alsnog in het systeem trekken, of vergunningen verlengen voor grote groepen tegelijk. Zo kregen werkgevers begin 2025 opnieuw extra tijd om papieren te regelen voor miljoenen werknemers uit onder meer Myanmar, Cambodja, Laos en Vietnam, met verlengingen die in sommige gevallen doorlopen tot 2026 of 2027.
Het probleem is alleen dat deze aanpak onzekerheid inbouwt. Wie legaal wil blijven, is vaak afhankelijk van de snelheid en bereidheid van de werkgever. En wie buiten de boot valt, loopt meteen risico op boetes, uitbuiting of het verliezen van een baan. Zelfs de kosten spelen mee: regularisatie en registratie kunnen oplopen tot duizenden baht, wat voor iemand met een laag loon zwaar weegt.
Loon, overuren en de werkelijkheid
Thailand werkt met provinciale minimumlonen. Die verschillen per regio en zijn de afgelopen jaren meerdere keren aangepast. In 2025 lagen de minimumdaglonen, afhankelijk van de provincie, grofweg tussen 337 en 400 baht. Dat klinkt concreet. Toch laat onderzoek zien dat het minimumloon lang niet altijd de ondergrens is die je in de praktijk voelt.
In 2024 zei 44 procent van de migranten dat ze het minimumloon kregen, een duidelijke verbetering vergeleken met 2018. Maar tegelijk verdiende nog steeds meer dan de helft onder de wettelijke drempels. Vooral vrouwen en mensen zonder geldige papieren staan achteraan. Bij vrouwelijke migranten verdiende 65 procent onder het minimum, en bij migranten zonder reguliere status zelfs 78 procent.
Overuren zijn een tweede pijnpunt. Veel mensen werken meer dan 48 uur per week, maar het aandeel migranten dat daadwerkelijk overwerk betaald krijgt, daalde sterk: van 58 procent in 2018 naar 22 procent in 2024. Bij migranten zonder reguliere status kreeg slechts 7 procent overwerk betaald. Voeg daar looninhoudingen en informele betaling aan toe, en je ziet hoe snel “een baan” kan veranderen in een wankele afhankelijkheid. Ook de manier van uitbetalen zegt veel: regelmatige betalingen en bankoverschrijvingen nemen toe, maar vooral bij mensen zonder papieren blijft dagloon in cash gebruikelijk, mede omdat je zonder documenten lastig een bankrekening opent.

Bescherming en misbruik naast elkaar
Op papier hebben migranten in Thailand rechten. In de praktijk hangt bescherming sterk af van status en sector. Er zijn verschillende regelingen voor sociale zekerheid en zorg, zoals het socialezekerheidsfonds, een ongevallenfonds en een speciale zorgverzekering voor migranten. Toch was in 2024 maar ongeveer de helft van de arbeidsmigranten uit de buurlanden aangesloten bij een regeling. En zelfs als iemand wel is aangesloten, betekent dat nog niet dat de bescherming ook echt werkt. Werkgevers spelen een grote rol in registratie en claims, en juist daar gaat het geregeld mis.
Sommige groepen vallen sowieso sneller buiten de netten. In bepaalde sectoren is de dekking beperkt of anders geregeld, en huishoudelijk werk is een bekend grijs gebied. Tegelijk weten veel mensen niet waar ze recht op hebben. Minder dan 10 procent meldde in 2024 dat ze aanspraak konden maken op betaald verlof, en bijna niemand wist iets van ontslagvergoeding of vakbondslidmaatschap.
Dat gebrek aan kennis en macht maakt uitbuiting makkelijker. Denk aan te lange werkdagen, loon dat te laat komt, of het vasthouden van identiteitsdocumenten. In onderzoek zie je dat vooral mensen zonder reguliere status hun papieren niet bij zich mogen houden, wat de afhankelijkheid van werkgevers of tussenpersonen vergroot. Daarbovenop komen de kosten van migratie zelf. Voor veel mensen zijn bemiddelaars en recruiters duur, en schulden maken de druk om “maar door te werken” groter, zelfs als de omstandigheden slecht zijn.
De situatie wordt nog complexer als geopolitiek of grensconflicten meespelen. In 2025 zag je hoe snel de arbeidsmarkt kan schokken, toen grote groepen Cambodjaanse werknemers vertrokken en Thailand op zoek ging naar vervangende arbeid, onder meer via werving in andere landen. Thailand zette zelfs stappen om een groep Myanmarese vluchtelingen in kampen toegang te geven tot legaal werk. Dat onderstreept vooral één ding: Thailand heeft arbeiders nodig, maar het systeem dat hen moet beschermen loopt achter op die realiteit.
Tot slot
Migrantenarbeid in Thailand is geen voetnoot, maar een fundament. De cijfers zijn enorm, de sectoren zijn cruciaal en de afhankelijkheid is wederzijds. Tegelijk laat de praktijk zien dat regels, registratie en handhaving niet altijd in hetzelfde tempo bewegen als de economie. Dat levert een kwetsbare mix op: een land dat arbeiders nodig heeft, en arbeiders die te vaak afhankelijk zijn van werkgevers, papieren en tijdelijke besluiten.
Als Thailand de komende jaren echt stabiel wil blijven groeien, ligt de sleutel niet alleen in meer mensen binnenhalen, maar in een systeem dat eenvoudiger, voorspelbaarder en eerlijker is. Minder bureaucratische lussen. Strakkere controle op loon en overwerk. Betere toegang tot zorg en sociale zekerheid, ook als je van baan wisselt. Pas dan wordt “onmisbaar werk” ook werk dat je menswaardig kunt doen.
Bronvermelding
- Wereldbank rapport “Narrowing skills gaps: Labor mobility from Cambodia, Lao PDR, Myanmar to Thailand” (11 juni 2025).
- Government Public Relations Department Thailand over verlenging werkvergunningen en termijnen (7 februari 2025).
- The Nation Thailand over kabinetsbesluit rond MOU verlengingen (5 februari 2025).
- Tilleke and Gibbins over minimumloon Thailand en bandbreedte per provincie (2 januari 2025).
- Reuters over arbeidskrapte, vertrek Cambodjaanse werknemers en werving in Sri Lanka (19 augustus 2025).
- Reuters over toestemming voor legale arbeid voor een groep Myanmarese vluchtelingen (27 augustus 2025).
Over deze blogger

-
Dit artikel is geschreven en gecontroleerd door de redactie. De inhoud is gebaseerd op persoonlijke ervaringen, meningen en eigen onderzoek van de auteur. Waar relevant is er gebruikgemaakt van ChatGPT als hulpmiddel bij het schrijven en structureren van teksten. Hoewel er zorgvuldig wordt omgegaan met de inhoud, kan niet worden gegarandeerd dat alle informatie volledig, actueel of foutloos is.
De lezer is zelf verantwoordelijk voor het gebruik van de informatie op deze website. De auteur aanvaardt geen aansprakelijkheid voor eventuele schade of gevolgen die voortvloeien uit het gebruik van de geboden informatie.
Lees hier de laatste artikelen
Thailand algemeen20 maart 2026K-Research voorspelt zwakkere baht door oliecrisis
Vliegtickets20 maart 2026Update luchtvaartsituatie 20 maart 2026: KLM zet rem op Golfroute, Doha blijft uitweg voor Bangkok
Achtergrond20 maart 2026Instant water heater in Thailand blijft populair en wel hierom
Expats en pensionado20 maart 2026Thailand scherpt regels voor contante opname vanaf 1 april aan

Een goed en geheel juist artikel!
Tijdens een wandeling in een park in Chiang Mai kwam ik eens twee vrouwen tegen, moeder en dochter, die aan het opruimen waren. Ze kwamen uit Laos. We hadden een kort gesprek. Op mijn vraag vertelden ze dat ze 250 baht per dag verdienden. Ik vroeg hoe dat kon want het minimumloon was toch 350 baht. Ze vertelden dat hun werkgever allerlei extra uitgaven van hun loon aftrok. Triest dat ze zo worden uitgebuit.
Alles wat hier is beschreven is werkelijkheid en makkelijk te achterhalen/controleren.
De diplomaten van onze Westerse landen zien dat niet of melden dat niet of onze regeringen vegen hun voeten aan dt soort misbruiken/slavernij gedoe.
Europa zou er goed aan doen om dit onderwerp ( en nog andere duistere Thaise Regels) eerst een goed onder ogen te nemen.
Handelsakkoorden afsluiten met landen is prima — handelsakkoorden afsluiten met landen die te werk gaan als Thailand kunnen eenvoudigweg niet door de beugel.
Met de wetenschap dat dit gelezen zal worden door ook diplomaten ben ik benieuwd naar wat daarmee zal worden aangevangen.