‘Mijn brommer is mijn boeddha’

Ergens in Nederland had ik ooit een auto. Zo’n degelijke stationwagen met airbags, stoelverwarming en meer knoppen dan ik ooit begreep. Hier in Noord-Thailand heb ik een brommer. Nou ja, brommer… een gammel tweewielertje met een verleden dat je beter niet helemaal wilt kennen. Hij start meestal, tenzij hij geen zin heeft, dan wordt hij pas wakker na een paar goedgemikte trapjes op de kickstart.
En toch, elke keer dat ik erop ga zitten, voel ik me een ander mens. Geen haast, geen status, geen airco. Alleen ik, de weg en de wind die mijn overhemd tot een vlag transformeert.
Mijn brommer laat me dagelijks zien dat ik niet meer ben dan een stipje in de chaos van Thais verkeer. Links, rechts, voor en achter: iedereen rijdt kriskras alsof de weg een groot waterbuffelveld is. Mijn taak? Niet boos worden, niet zuchten, niet mopperen. Gewoon glijden, meebewegen, vertrouwen. Elke toeter is een kleine meditatiebel die me herinnert dat ik adem moet halen.
De benzinetank is klein, het zadel hard, de spiegels bibberen als een Thaise voetmassage. Maar waar heb je meer voor nodig? Mijn brommer brengt me naar de markt, naar de tempel, naar een verloren visvijver of gewoon naar ergens in het dorp. Het is genoeg. Sterker nog, het is alles.
Soms houdt hij ermee op. Midden op de weg, midden in de regen, midden in mijn geduld. Dan stap ik af, kijk naar dat haperende motortje en denk: “Boeddha wil dat ik even wacht.” En dan wacht ik. Soms een minuut, soms een half uur, soms tot er een vriendelijke Thai stopt en zonder woorden een sleutel draait, waarna het ding ineens vrolijk verder pruttelt.
In de tempel staan gouden beelden die stralen van sereniteit. Maar eerlijk gezegd, mijn grootste leraar staat gewoon op twee wielen voor mijn huis. Hij leert me nederigheid, eenvoud, geduld en vertrouwen. Mijn brommer is misschien niet mooi, misschien niet betrouwbaar, maar hij is wel mijn boeddha.
En morgen, als ik weer opstap en hij voor de verandering meteen start, weet ik dat verlichting soms gewoon klinkt als een gammel motortje dat tegen alle logica in toch weer vooruit gaat…
Over deze blogger

-
Mijn leeftijd valt officieel onder de categorie ‘bejaard’. Ik woon al 28 jaar in Thailand, probeer dat maar eens na te doen. Nederland was ooit het paradijs, maar het raakte in verval. Dus ging ik op zoek naar een nieuw paradijs en vond Siam. Of was het andersom en vond Siam mij? Hoe dan ook, we waren elkaar goed gezind.
De ICT zorgde voor een regelmatig inkomen, iets wat jullie ‘werk’ noemen, maar voor mij was het vooral een tijdverdrijf. Schrijven, dat is de echte hobby. Voor Thailandblog pak ik die oude liefde weer op, want na 15 jaar zwoegen verdienen jullie wel wat leesvoer.
Ik begon op Phuket, verhuisde naar Ubon Ratchathani, en na een tussenstop in Pattaya woon ik nu ergens in het noorden, midden in de natuur. Rust roest niet, zeg ik altijd, en dat blijkt te kloppen. Hier, omgeven door het groen, lijkt de tijd stil te staan, maar dat doet het leven gelukkig niet.
Eten, vooral lekker, dat is mijn passie. En wat maakt een avond compleet? Een goed glas whisky en een sigaar. Dan heb je het wel zo’n beetje, vind ik. Proost!
Lees hier de laatste artikelen
Cultuur24 februari 2026‘Gulliver met spit: Waarom ik me in het dorp voel als een bezwete olifant in een porseleinkast’
Cultuur16 februari 2026‘Waarom de haan van de buren mijn bioritme gijzelt met zijn nachtelijke solo’
Cultuur9 februari 2026‘Kansberekening verliest het hier altijd van een boomstam met een gekke vorm’
Cultuur2 februari 2026‘Democratie wordt hier gemeten in decibellen en gratis blikjes makreel’

Heerlijk is dat die eenvoud. Meer hebben is meestal ook meer zorgen. We leven zeker in het Westen veel te complex en bezitten een hoop dingen waar we eigenlijk meer zorgen dan plezier mee hebben. Wie heeft nu echt een auto nodig met 400 pk ?
Heel mooi! Chapeau!
Mooi verhaal!!
Ik ben zelf ook blij met mijn Yamaha filano 125cc, brengt me overal naar toe, goedkoop in onderhoud, gebruikt weinig brandstof.
Hier in de stad geen auto nodig, boodschappen laat ik bezorgen door de Makro.
Kee Nok,
Ik doe het op m’n *ouwe ’tjakkajan’*, in Pattatya , al ’n jaar of 10.
Dikwijls genoeg een weddenschap (voor ’n biertje) aangegaan met een motorist wie er het 1ste is.
Altijd motten wachtte op m’n biertje !?! (lol)
Heerlijk zo’n bromboedha.
Fijn geschreven Farang kee nok, heel herkenbaar.
Groet Mike.