De visboer en zijn magische aantrekkingskracht

Door khun Rick
Geplaatst in Cultuur, Korte verhalen
Tags: ,
15 juni 2025
()

Elke zaterdagochtend verandert het wat saaie dorpsplein van ons stadje in een levendig tafereel van geur, kleur en geroezemoes. Dan staan er plots overdekte kraampjes met kratten vol bonte bloemen opgestapeld als miniparadijzen, oude heertjes drinken er dampende koffie uit plastic bekers, zittend op hun stoere rollators of een gemeentebankje.

Groente en fruit worden luidkeels aangeprezen uit steeds schorder klinkende schreeuwhalzen alsof het einde der tijden nadert en er nooit meer een volgende oogst zal komen. En midden op het plein staat dan tussen al die gezelligheid als baken van rust en balans in de schijf van vijf steeds de viskraam van Jaap de Volendammer, de ooit lang geleden geïmporteerde visboer met een hart zo ruim als zijn vissenvitrine.

Zijn kraam is al jaren een begrip in de Zuid-Limburgse mijnstreek. Mensen komen de allereerste keer voor de verse haring, de kabeljauw, de oesters en de bakken vol garnalen, maar ze blijven terugkomen voor Jaap, die eigenlijk gewoon Henk heet, maar Jaap klinkt natuurlijk stukken Volendamser.

Die Henk is opmerkelijk genoeg vooral bijzonder populair onder een groepje Thaise dames, die uit de nabije en wat verdere omgeving trouw elk weekend afreizen naar dit oord vol maritieme lekkernijen, zo heerlijk aan elkaar gezwetst door de oude ‘zeerot’ Henk. Het is een echte fanclub. Eén van die visliefhebbers is Isaanse Lek, die nooit ontbreekt als het vrolijk Laos kwetterende zwermpje jonge en ook niet meer zo jonge expat meisjes zijn kraam omsingelt.

Er wordt gelachen, soms uitbundig, geplaagd, geflirt. Geen grof gedoe — het is altijd speels, onschuldig, warm. Misschien met een ondertoontje of een verhulde

bijbedoeling, maar waarschijnlijk niet eens dat. De vrouw van Henk staat immers meestal aan zijn zijde en houdt een oogje in het zeil, maar dolt zelf vaak ook naar hartelust mee. Net als haar man is ze niet op haar mondje gevallen, al is het begrip viswijf iets te krachtig voor haar uitbundige temperament.

Ik zet mijn lieve vrouwtje ook elke maand één of twee keer op zaterdagochtend af bij diezelfde markt om haar de voorraad garnalen, inktvis, mango’s, groente en ander min of meer exotisch voedsel aan te laten vullen. Dan struint ze een half uurtje lang op haar paasbest maar met zo’n bejaarden karretje op sleeptouw tussen de drukbezochte kraampjes door en ik wacht geduldig in de auto een eindje verderop, kijk wat anti-trump filmpjes op instagram of schrijf weer een paar hoofdstukjes voor mijn volgende TB bijdrage. In alle rust en volledig zorgenvrij, hoogstens wat gespannen over het budget dat over de balk verdwijnt om exorbitante hoeveelheden smaakvol voedsel aan te schaffen dat helaas niet altijd maag of diepvries vindt vóór het van vers overgaat naar bedorven. Ik hoor dan ook wel hoe vriendelijk of soms kortaf haar visboer deze keer was en dat ze 54 cent korting had gekregen op haar grote bak garnalen en wat inktvis tentakels. Een

sympathieke geste die dan méér indruk maakt dan de wèl betaalde 30€ uit mijn beurs. Maar het deert mij nauwelijks of eigenlijk helemaal niet.

Maar niet voor iedereen voelt het zo vertrouwd en vertrouwbaar aan om de schattige exotische geliefde onbeschermd en zonder supervisie door die frivole visvijver te laten waden.

Wim, de man van Lek, zag het voor haar wekelijkse uitstapje anders, meer bedreigend dan ik en de andere aanbidders van de Aziatische vrouw met de gezonde eetlust.

Die Wim is een man van midden veertig en heel wat minder woorden. Niet dik of bijzonder onaantrekkelijk. Meer introvert en onopvallend eigenlijk, hoewel geen serieuze binnenvetter. Hij houdt van Lek, op zijn stille manier, maar loopt niet over van de belangstelling en het zelfvertrouwen en dus ook niet van het vertrouwen. Een hardvochtige en als onrechtvaardig ervaren scheiding van zijn toenmalige Nederlandse vlam heeft daarbij zeker een rol gespeeld.

Hij is inmiddels overigens wel gewend geraakt aan hun verschillen — haar soms bruisende energie tegenover zijn kalmte, ook wel saaiheid, haar Thaise rituelen tegenover zijn slomige limbo-ritme. Maar de markt

heeft hij net als ik nog nooit zelf bezocht. Die plek hoort bij haar. Tot vandaag tenminste.

Hij had haar weer eens zien thuiskomen met rode wangen, zakken vol versgevangen zeebewoners en een wat mysterieus lachje dat rond haar mond en in haar ogen bleef hangen.

Hij had het wel al vaker gehoord, links en rechts in het dorp, op Thaise feestjes: dat ze bij die visboer vaak met zijn allen stonden te giechelen alsof het een soort van carnaval of Songkran light was, maar dan zonder het water. In zijn hoofd was dat op zich toch onschuldige gedoe langzaam uitgegroeid tot een mysterie waar hij niet zijn vinger achter kon krijgen. Wat had die visvent haar te bieden dat hij niet had? En in plaats van het te bespreken met zijn Lek sloeg hij een andere richting in.

Want nu wilde hij er toch eens het fijne van weten. Dus ging hij naar de markt, met best grote passen en liet Lek achter in hun keukentje waar ze al in de weer was met het voorbereiden van haar zaterdagavond feestmaaltje.

Het was bijna sluitingstijd toen hij na de korte wandeling wat buiten adem op de markt aankwam. Henk stond buiten zijn kraam al schoon te maken, terwijl de laatste kibbeling nog wat lag te sissen in het vet. Zijn vrouw was nergens te bekennen. Wim liep nu wat langzamer het plein over, zijn handen diep in zijn jaszakken. Voor dit laatste stukje had hij eigenlijk nog geen passend scenario bedacht. Hij voelde zich plotseling wat belachelijk — een volwassen man die zijn vrouw controleert. En toch… het knaagde en hij kon het niet van zich afzetten, dus slenterde hij wat besluiteloos verder richting Henk en zijn inmiddels geheel verlaten kraampje.

“Zo, kerel” zei Henk joviaal toen hij hem zag aankomen, “ben jij niet de man van Lek?”

Wim knikte, bleef even staan alsof hij de  woorden van de potige marktkoopman wilde proeven, proberen te achterhalen of er een dubbele bodem in school.

“Ze komt hier vaak,” zei hij vervolgens aan de visboer. “Elke week. En ze komt anders thuis dan ze vertrekt.”

Henk stopte met poetsen. Zijn blik werd zachter, zonder zijn glimlach te verliezen.

“Ze lacht hier, ja. Dat klopt.”

“En jij laat haar lachen,” zei Wim. “Meer dan ik, de laatste jaren.”

Henk knikte langzaam. Hij wist dat dit geen gesprek over vis was.

“Wim,” zei hij, “jij bent haar thuis. Ik ben haar pauze. Dat is niet hetzelfde. Hier lacht ze zonder verleden of toekomst. Jij deelt haar leven, iedere dag, ieder uurtje. Haar zorgen, haar dromen, haar gemis.”

“Maar ze flirt met je,” zei Wim. “En jij doet mee.”

“Ja,” gaf Henk toe. “Omdat ik weet wat het is om ver weg te zijn van wie je was. Ze missen hun taal, hun eten, hun zon, hun geliefden thuis. En dan zijn glimlachjes als bruggetjes. Over de afstand heen.”

Wim keek wat verlegen weg. Hij voelde zich plotseling kleiner dan hij wilde zijn. Niet echt klaar voor een wijze levensles.

“Ze lacht niet meer met mij,” mompelde hij.

Henk liep zijn kraam in, pakte een schep kibbeling uit het vet, gooide de krokante dingen behendig in een zwart plastic bakje met wat extra saus erop en kwam weer terug naar de wat onhandig dralende Wim.

“Neem dit mee,” zei hij. “Zet het straks op tafel. Ga zitten. Vraag niks. Zeg alleen: ‘Vertel me iets dat je vandaag mooi vond.’ En luister dan, Wim. Luister zoals ik hier luister. Zonder plan. Zonder oordeel. Zonder bedoelingen”.

Wim nam de kibbeling aan. Hij zei niets meer, wat verward was hij, maar zijn ogen waren zachter dan bij aankomst.

Toen hij zich omdraaide om te vertrekken, riep Henk hem nog na.

“Oh, en Wim?”

Wim keek om.

“Ze kijkt naar jou, als jij het niet ziet. Met dezelfde glimlach als hier. Maar jij bent zo druk bezig met altijd maar goed willen zijn, dat je het mist.”

Wim knikte. Even. En liep toen naar huis. Peinzend over de woorden van Henk. Hij ging terug naar Lek.

Die avond stond de kibbeling op tafel. Een klein en eigenlijk wat simplistisch symbool tussen de luxe garnalen,  de pittige papaya salade en de à point gekookte inktvis. Maar het was gewoon maar een hartige katalysator, een organische ijsbreker en Wim zei dan ook nog wat onbeholpen maar oprecht: “Vertel me eens wat je mooi vond vandaag.”

En Lek keek op, verrast. Een blije glimlach kroop plots over haar gezicht.

“De lucht,” zei ze. “Lachen met de vrouwen op de markt”.

Ze lachte ook nu. Wim ook. Ze lachten samen. Niet zoals met Henk. Maar op hun eigen manier. Stil. Eerlijk. En ineens zat er weer iets warms tussen hen in. Iets van vroeger misschien. Geen vis. Geen jaloezie. Maar ruimte, wat lucht inderdaad, een openheid die vast en zeker zou gaan uitgroeien tot meer onderlinge aandacht en weer een groter vertrouwen in hun liefde voor elkaar.

———————————————

Dit artikel is [jp_post_view]

———————————————

Hoe leuk of nuttig was deze posting?

Klik op een ster om deze te beoordelen!

Gemiddelde waardering / 5. Stemtelling:

Tot nu toe geen stemmen! Wees de eerste die dit bericht waardeert.

Omdat je dit bericht nuttig vond...

Volg ons op sociale media!

Het spijt ons dat dit bericht niet nuttig voor je was!

Laten we dit bericht verbeteren!

Vertel ons hoe we dit bericht kunnen verbeteren?

Over deze blogger

khun Rick
khun Rick
Khun Rick dateert van 1959 (momenteel 66 jaar), opgegroeid en nog steeds woonachtig in Zuid-Limburg. Na 40 jaar ambtenarij nu al bijna 5 jaar met vervroegd pensioen. Komt sinds 2001 regelmatig als toerist in Thailand, maar leerde zijn vrouw in Nederland kennen en is met haar vaak te vinden bij schoonmoeder in Udon Thani. Samen reizen is zijn passie, eten (helaas) ook en sporten een noodzaak. En natuurlijk schrijven: vroeger serieus en nu luchtiger.

8 reacties op “De visboer en zijn magische aantrekkingskracht”

  1. KopKèh zegt op

    Mooi, zacht

    3
  2. SiamTon zegt op

    Deze was raak, ………….. goed raak. Klasse!

    3
  3. peter zegt op

    Hallo,Khun Rick, prachtig verhaal met diepgaande levenslessen voor getrouwde stellen in het algemeen maar vooral gemixte stellen.

    Velen kunnen hier op een positieve manier leering uittrekken, waarbij goed leren luisteren naar de ander zijn gewicht in goud waard is.

    3
  4. John joosten zegt op

    Rick wat schrijf jij mooie verhalen . Dank je wel

    2
  5. Marinus den Uil zegt op

    Ik heb nooit de link gezien tussen zelfvertrouwen en vertrouwen, maar ik denk dat je gelijk hebt Khun Rick.
    Ben nooit zo handig met vrouwen geweest eerlijk gezegt.
    Maar ik herken iets uit jou verhaal, iets waardevols, als zij zegt, de lucht en het gelach met de vrouwen.
    Zoiets puurs en moois en ik schaam me als ik me bedenk hoe ik ook jaloers was en haar dat plezier niet gunde maar alleen met mezelf bezig was.
    Dankjewel Khun Rick, je bent dan wel geen visboer maar wel wijs!

    4
  6. PEER zegt op

    Nondejuu Rick,
    En wij maar denken dat je jouw verhalen schrijft ergens in Isan, Lanna of aan de Andamansche zee.
    Maar nee hoor: gewoon wachtend op versche visch in de auto aan de rand van de wekelijkse mèrt.
    Maar wederom prachtig je parkeertijd ingevuld!

    2
  7. hengkie zegt op

    Dag Rick, heel mooi en als ik een beetje de sfeer proef moet het welhaast de markt van “Egelse” zijn die door Henk (niet hengkie) bezocht werd. Inderdaad, balans is het toverwoord voor een goede relatie. Begrip voor elkaar, voor haar die vanuit een ver land alles achterlatend en in zo’n nuchtere omgeving landt. En voor hem die probeert dat te begrijpen en onbeholpen alle steun wil geven. Een beetje jaloezie zit in elke gelukkige relatie, maar overdaad schaadt ook hier. Soms is een Thaise al jaloers als je kijkt naar een damesfiets terwijl de eigenares in geen velden of wegen is te zien. En voor ons mannen geldt dat soms ook.
    Eindigend met Rick, sjun jesjreave, wachtend op een volgend epistel.

    2
  8. Rick zegt op

    Alle zeven heren bedankt voor de hartverwarmende reacties. Mijn creaties ontstaan vaak op de gekste plekken en vreemdste tijden, maar meestal ‘gewoon’ in Nederland omdat ik daar doorgaans ben. Inspiratie voor deze anekdote deed ik inderdaad op terwijl ik zat te wachten op mijn liefje, die met haar ’trekkarretje’ de markt van Egelse onveilig maakte.
    Een beetje jaloezie hoort erbij, maar het moet inderdaad niet ontaarden in verliesangst….
    Schaam je niet voor je gevoelens, Marinus. Vergeet vooral niet om van het leven te genieten met (naar ik hoop) je schone Thaise dame aan je zijde.

    3

Laat een reactie achter