Lahu: Legendes en verhalen deel 2 (nr 3)

Uit: deel 2 met tien verhalen; het eerste stel mensen, Ca Ti en Na Ti. Verhaal nummer 3; De pompoen wordt uit het meer gehaald.
Toen de scheppers aankwamen bij het Juwelenmeer riepen ze alle dieren bij elkaar om de pompoen uit het meer te halen. Want de pompoen was erg groot en zwaar en lag daarom in het diepste deel van het meer. De boze geest van de reus hoopte zo dat de pompoen zou verdwijnen. Maar hij werd gevonden!
De dieren probeerden een voor een in het meer te duiken om de pompoen aan land te brengen. De eerste was de grondeekhoorn (fa hpi) die in de bamboeboom woonde. Hij deed echt zijn best maar de pompoen was veel te zwaar om uit het water te trekken. Hij ontblootte al zijn tanden. En daarom, tot op de dag van vandaag, zie je altijd de voortanden van die eekhoorn. Maar hij kreeg de pompoen er niet uit…
Na hem dook het sambarhert (paardhert, Aristoteleshert) in het meer en probeerde met zijn hoorns de pompoen te pakken, maar dat ging niet. Zelfs toen zijn hoorns afbraken lukte dat niet. En daarom heeft dat hert, tot op vandaag, een gevorkt gewei.
Alle dieren ui de wereld, de een na de ander, probeerden de pompoen uit het meer te trekken maar niemand slaagde er in. Toen gingen ook de dieren die in het meer wonen meedoen. Een garnaal deed echt zijn best door aan de pompoen te trekken maar brak zijn rug! En tot op vandaag hebben garnalen een kromme rug…
Toen was de grote kreeft aan de beurt. Hij ging het meer in en werkte heel hard. Er aan trekken lukte niet, maar met wat duwen naar links en naar rechts kreeg hij de pompoen tegen de kant aan.
Alle dieren waren erg blij dat de pompoen op de kant lag. Samen rolden ze hem naar waar God woonde. En toen hoorden ze een stem uit de pompoen. ‘Denk je eens in hoe blij wij zullen zijn als de pompoen open zou kunnen en wij bij jullie kunnen wonen. Wij zullen de persoon die ons er uit krijgt van eten voorzien uit de oogst die wij gaan kweken.’
God zei toen ‘Jullie hebben het gehoord? Haal ze er uit en je krijgt een beloning.’ Het winterkoninkje, met zijn lange snavel, begon uit alle macht te hakken tot hij maar een klein snaveltje over had. Daarna hakte een kip en het was tenslotte de rat die de pompoen wist open te knagen.
De eerste mensen…
Toen stapten een jonge man en een jonge vrouw uit de pompoen! God noemde de man Ca Ti, en de vrouw werd Na Ti. Hij gaf hen een mooi huis om in te wonen en zei ‘De winterkoning, de rat en de kip hebben gewerkt om jullie uit de pompoen te krijgen. Dus jullie moeten ze eten geven uit jullie oogst.’ En daarom leven tot op de dag van vandaag de winterkoning, ratten en kippen nabij mensen en eten mee met de producten van hun boerderijen.
God zei hen ook ‘Hier staat een boom. Eet geen fruit van deze boom. Doe je dat wel dan sterf je. Deze boom heb ik geplant om de reus Ca Nu Ca Peh te doden. Hij is nu dood en werd een boze geest. En die denkt steeds weer na om kwaad te doen. Hij stopt nooit. Net zoals ik hem heb laten sterven wil hij jullie dood hebben. Kijk dus uit! Kom niet bij die boom en raak hem niet aan!’
Daarna ging God terug naar zijn eigen huis. De twee mensen leefden gelukkig in hun fruitboomgaard.
Bron ’49 Lahu Stories’, uitgeverij White Lotus, ISBN 9789744800183. Vertaald en bewerkt door Erik Kuijpers. Wordt vervolgd.
Over deze blogger

- Bouwjaar 1946. Kreeg de bijnaam 'Lopende belastingalmanak' en heeft 36 jaar in dat vak gewerkt. Op zijn 55e naar Thailand verhuisd. Invaliditeit dwong hem van zijn gezin in Nongkhai naar huisje met thuiszorg en scootmobiel in Súdwest-Fryslân.
Lees hier de laatste artikelen
Cultuur6 januari 2026Lahu: Legendes en verhalen deel 4 (nr. 16)
Cultuur29 december 2025Lahu: Legendes en verhalen deel 4 (nr. 15)
Cultuur24 december 2025Lahu: Legendes en verhalen deel 4 (nr. 14)
Belasting Nederland20 december 2025Belastingen: hoe is de stand van zaken rond de exitheffing?
